Goed gedocumenteerde en goed geschreven biografie over rusteloze Pietje Bell
© de Volkskrant

Goed gedocumenteerde en goed geschreven biografie over rusteloze Pietje Bell

Boek (non-fictie) - Dát is Pietje Bell! - Het geheime leven van Chris van Abkoude

De schepper van de populaire kwajongen beleefde zelf vele avonturen in Rotterdam en Amerika, blijkt uit een goed geschreven, liefdevol portret. Door Aleid Truijens

non-fictie

Jan Maliepaard en Jan Oudenaarden
Dát is Pietje Bell! - Het geheime leven van Chris van Abkoude
Pepper Books; 394 pagina's; 24,99 euro.

Bijgevoegd is een cd met nieuwe vertolkingen van liedjes van Van Abkoude. De opbrengst van de cd wordt gedoneerd aan het Nationaal Fonds Kinderhulp.

Pietje Bell, het avontuurlijke Rotterdamse boefje met zijn streken en zijn hart van goud - weinig kinderen in Nederland kennen hem niet. Pietje met zijn zwarte piekhaar knipoogt vet op de omslagen van vele herdrukken van de acht delen van de populaire reeks. Brutale Pietje, zoon van een goeiige schoenmaker die zijn kwajongensgedrag steevast weglacht met 'Het is een reuzentiep!', groeide uit tot een slimme journalist die criminelen ontmaskert.

Ook kinderen die zelden lazen, hielden van Pietje. Generatie na generatie. Chris van Abkoude (1880-1960) schreef veertig kinderboeken, maar Pietje Bell was de topper, én natuurlijk Kruimeltje (1923), de tranentrekker over een ouderloos, rondzwervend jongetje dat tóch zijn ouders terugvindt. Naar de nostalgische films die Maria Peters tussen 1999 en 2003 maakte over Pietje en Kruimeltje gingen miljoenen kinderen.

Over het leven van Van Abkoude was tot 2003 vrijwel niets bekend

Chris van Abkoude, onderwijzer, kende de taal van de kinderen. Hij wist waarom ze moesten lachen of huilen; hij kon zich in hen verplaatsen. Kinderboekrecensenten, pedadogen, directeuren van Scholen met den Bijbel en collega-schrijvers - zelfs Theo Thijssen - hadden allerlei morele en literaire bezwaren. Maar de kinderen vraten zijn boeken.

Over het leven van Van Abkoude was tot 2003 vrijwel niets bekend. In dat jaar verscheen een boek van Jan Maliepaard en René Zwaap, beiden Pietje-fans. Zij ontdekten veel over de schrijver, onder andere dat hij voorstellingen gaf voor kinderen, zingend achter de piano en met zijn poppenkast, en dat hij in 1916 naar de Verenigde Staten was geëmigreerd, op de vlucht voor schuldeisers. Daar trad hij op samen met zijn minnares Betty Poulus, een zangeres. Toen zijn vrouw Ans en hun drie zonen in New York arriveerden, bleek Chris twee kinderen bij Poulus te hebben gemaakt. Zij stond haar kinderen af - het Kruimeltje-thema - die voortaan in het officiële gezin Van Abkoude zouden opgroeien. Voor de familie in Nederland moesten ze worden weggemoffeld. Maliepaard en Zwaap spraken met zoon Fred, een hoogbejaarde vliegenier.

Nadat hij had ontdekt hoe hij kinderen kon raken, met verhalen, liedjes en poppenspel, gaf hij het onderwijs eraan

Compleet was de biografie nog lang niet. Maliepaard zocht verder, samen met de Rotterdamse stadshistoricus Jan Oudenaarden. Hij vond veel nieuw materiaal, onder meer over de Rotterdamse jeugd van Van Abkoude, zijn tijd als onderwijzer, zijn journalistieke werk en boeken voor volwassenen.

Als jongen zwierf Chris dagenlang door volksbuurten en langs de haven. Zijn moeder stierf kort na zijn geboorte en zijn vader had een drukke kapperszaak. Op straat zou hij ruimschoots stof opdoen voor zijn kinderboeken. Als onderwijzer was hij geen succes: hij kon niet streng zijn, was kind met de kinderen en snapte goed dat ze niet stil kunnen zitten. De doodarme kinderen in zijn klas hadden vooral behoefte aan voedsel en liefde. Op zijn 23ste schreef Van Abkoude een bewogen brochure: Droevig kinderleven in Rotterdam - Een onderzoek naar den toestand van behoeftige schoolkinderen.

Nadat hij had ontdekt hoe hij kinderen kon raken, met verhalen, liedjes en poppenspel, gaf hij het onderwijs eraan. Maar het was niet makkelijk om van zijn optredens en boeken rond te komen. In Amerika trekt hij een tijdlang volle zalen met zijn buikspreekpop Tony, maar als de crisis in de jaren dertig toeslaat, heeft hij geen werk meer en kan hij de huur van zijn huis niet meer betalen.

Zijn leven lang bleef hij een rebel en een vrijbuiter, allergisch voor gezag en gemoraliseer

Van Abkoude bouwt dan opgewekt een woonwagen, haakt die achter zijn oude auto en trekt met zijn gezin door Amerika. Onderweg geven ze overal voorstellingen. Ze strijken neer in Alameda, bij San Francisco, waar hij als Charles Winters onvermoeibaar blijft optreden. Zijn leven lang bleef hij een rebel en een vrijbuiter, allergisch voor gezag en gemoraliseer.

Dát is Pietje Bell! is een goed gedocumenteerde en goed geschreven biografie, die een mooi tijdsbeeld geeft van het Rotterdam aan het begin van de twintigste eeuw, en van de Verenigde Staten in het interbellum.

Een liefdevol portret van de man die tot op hoogbejaarde leeftijd een rusteloze Pietje Bell is gebleven.