Glansrijke vertolking Thomas Acda in musicalklassieker Fiddler on the Roof

Theater (musical) - Fiddler on the Roof

Hoe zingt hij 'Als ik nou eens rijk was'? Dat is de grote vraag bij elke acteur die de Joodse melkboer Tevye speelt in Fiddler on the Roof (ook bekend als 'Anatevka'). Het beroemde liedje aan het begin van de musical is de vuurproef voor elke Tevye, en de nieuwe vertolker Thomas Acda doorstaat deze proef glansrijk.

Fiddler on the Roof

Door de TheaterAlliantie en Stage Entertainment.
Regie: Ruut Weissman.
Tekst: Joseph Stein en Sheldon Harnick.
Muziek: Jerry Bock.
Vertaling: Rob de Graaf.
In DeLaMar Theater Amsterdam, 5/11. Tournee t/m 22/4/18.

In zijn verrassende uitvoering begint Acda mooi klein terwijl hij ukelele speelt, om vervolgens prachtig te worden aangevuld door het orkest. Acda zet een voortreffelijke Tevye neer in deze frisse, stijlvolle versie van de Amerikaanse musicalklassieker over de arme Joodse inwoners van het plaatsje Anatevka in het tsaristische Rusland van 1905. Terwijl Tevye en zijn vrouw Golde (mooie rol van Judith Linssen) proberen hun tradities te behouden, sijpelen de moderniteiten uit de grote steden hun 'shtetl' binnen.

Ook binnen het gezin blijkt dat de vijf dochters van Tevye en Golde hun leven anders willen inrichten dan hun ouders in gedachten hadden. Het gaat over traditie versus vernieuwing, een tijdloos thema waardoor Fiddler on the Roof ook ruim vijftig jaar na zijn Broadway-première bestaansrecht heeft.

Net als het verhaal is ook deze nieuwe versie van regisseur Ruut Weissman een confrontatie tussen traditie en vernieuwing. Traditioneel is het respectvol in tact gelaten script en de setting van het oude Rusland, maar fris en eigentijds is de diverse cast vol jong musicaltalent, de net even anders gearrangeerde muziek en het prettig hoge verteltempo. Naast drama is er ruimte voor humor, dankzij de Tevye van Acda, maar ook door Doris Baaten als koppelvrouw Yente en Tjebbo Gerritsma als Lazer Wolf, de oude, morsige slager die zo graag wil trouwen met Tevye's oudste dochter Tzeitel (Eva van Gessel).

In de meesterlijke eerste akte blijkt hoe goed en efficiënt het script van Joseph Stein in elkaar steekt. Naast het uitrollen van de verhaallijnen rond de drie dochters en de aankondiging van een naderende pogrom door een kille politiecommandant (Jan Elbertse) worden we getrakteerd op enerverende groepsdans tijdens het dranklied 'L'Chaim' en bij de bruiloft van Tzeitel en kleermaker Motel (Tomer Pawlicki). Het prominente nummer 'Tevye's Droom', waarin Tevye zijn religieuze dilemma's voorbij ziet komen in een angstige droom, is schitterend vormgegeven en komisch gespeeld. Het deel na de pauze is ingetogener en kaler, en toont op ontroerende wijze hoe de Joodse dorpelingen worden gedwongen om te vertrekken, ieder naar een ander deel van de wereld.