Tjeenk Willink komt aan bij het gebouw van de Tweede Kamer
Tjeenk Willink komt aan bij het gebouw van de Tweede Kamer © Freek van den Bergh / de Volkskrant

Juist de bestuurder Tjeenk Willink vraagt zich af hoe de PvdA weer bestuurderspartij-af moet worden

'Hoe wordt de PvdA van een gedepolitiseerde bestuurderspartij (...) weer een politieke partij die zich niet bij het bestaande maatschappelijke bestel neerlegt?' Het is niet een oprisping van een nieuwe beweging in de PvdA, geen Nieuw Nieuw Links die deze vraag opwerpt. Het is Herman Tjeenk Willink, zowat de meest bestuurlijke van alle PvdA-zwaargewichten.

Op de site van de Wiardi Beckman Stichting haalt Tjeenk Willink ongebruikelijk fel uit naar de partij waarvan hij al meer dan 40 jaar vooraanstaand lid is. Hij was voorzitter van de Eerste Kamer, vice-voorzitter van de Raad van State, oftewel 'onderkoning van Nederland', hij was regeringscommissaris voor de reorganisatie van de rijksdiensten, en hij trad driemaal op als informateur bij kabinetsformaties, de laatste keer in de aanloop naar het huidige kabinet Rutte III. Hij was een vertrouweling van Beatrix toen zij koningin was, maar hij bleef altijd zijn partij trouw.

Hij wijst zijn partij op de tradities van 'persoonlijke ontplooiing en verheffing': wat is daarvan overgebleven?

Dat, schrijft hij nu, is helemaal niet meer vanzelfsprekend. En dat komt doordat de visie van de PvdA op de maatschappij en op de rol van de overheid daarin 'volstrekt onhelder' is geworden. In zijn betoog onder de titel 'Makkers, ten laatsten male?', een citaat uit het in de PvdA al bijna vergeten socialistenlied De Internationale, vraagt hij zich af wat aan te vangen met een PvdA die 'het verschaffen van werk overlaat aan de markt'. Hij wijst zijn partij op de tradities van 'persoonlijke ontplooiing en verheffing': wat is daarvan overgebleven? En waarom is de visie van de PvdA op Europa zo bleek, net nu die zo hard nodig is?

Tjeenk verwijt zijn partij al sinds de jaren tachtig te zijn gedepolitiseerd. De partij 'gebruikte neoliberale ideeën om socialistische doelen te bereiken', een omschrijving van de zogenaamde Derde Weg die hij ontleent aan Tony Blairs adviseur Anthony Giddens. De partij heeft de afgelopen 30 jaar, waarvan 20 jaar in de regering, bezuinigd en overheidsdiensten gerationaliseerd, bedrijfsmatig werken bevorderd en dus ook het aantal managers en adviseurs. De overheid moest vooral 'klantgericht' worden, en 'maatwerk' leveren. Hetgeen resulteerde in een vloed van regels 'waarvan juist de burgers in de zwakste positie als eerste het slachtoffer worden'.

Tjeenk Willink vindt dat overheidsdiensten de deskundigen niet meer moeten inhuren maar in dienst nemen. 'Een goed functionerende democratische rechtsstaat heeft een bureaucratie die inhoudelijk deskundig is, kritisch en loyaal.' En als rechtgeaard jurist pleit hij voor een versterking van de rechterlijke macht, volgens hem essentieel om te voorkomen dat 'het recht van de sterkste' zal prevaleren. Daarom, schrijft hij, moet er een Constitutioneel Hof komen, zoals in bijna alle Europese landen.