Conflict Gay Pride: schadeclaim voor Cohen

De gepasseerde organisator van de Gay Pride verwijt burgemeester Cohen een eenzijdige bevoordeling van de concurrent.

De basis van de claim, waarvan de hoogte nog niet bekend is, vormt een opmerkelijke en tot nu toe onbekende uitspraak (afgelopen augustus) van de Raad van State. De burgemeester, aldus de hoogste bestuursrechter, heeft ‘niet zonder vooringenomenheid’ de vergunningen verleend voor de organisatie van de Gay Pride in 2007. In dat jaar werd de stichting Gay Business Amsterdam (GBA) gepasseerd ten gunste van een nieuwe organisator, Pro Gay, geleid door Frank van Dalen, gewezen voorzitter van het COC en thans kandidaat raadslid voor de VVD. Hoe Van Dalen de boekhouding over de Gay Pride van 2007 en 2008 heeft afgehandeld, werd deze week duidelijk in een rapportage van de Amsterdamse Rekenkamer: inkomsten werden verzwegen, btw-afdrachten onzuiver verwerkt, en ondanks schriftelijke sommatie van de gemeente werd er geen accountantsverklaring afgegeven over 2007.Niettemin kreeg Van Dalens Pro Gay voor 2008 en 2009 opnieuw de exclusieve vergunning voor de Gay Pride, plus opnieuw een ton subsidie. Het format van de Gay Pride, waarvan de botenoptocht door de Prinsengracht en Amstel de hoofdmoot vormt, is overigens nog steeds eigendom van GBA; Pro Gay betaalde tot op heden niet voor het gebruik van deze formule. De verlening van vergunningen voor de Pride in 2007 is volgens GBA niet zuiver verlopen. Cohen wilde van GBA af, en ging al in zee met de concurrentie voordat de vergunningsprocedure was afgesloten. ‘Vooringenomen’, oordeelde GBA, die in dat jaar bij het zoeken van sponsors overal de neus stootte omdat die al wisten dat Pro Gay, met subsidie, de vergunning zou krijgen.Ruim een jaar later stelde de Amsterdamse bestuursrechter de burgemeester in het gelijk. Weer een jaar later zijn de rollen omgedraaid: de Raad van State vernietigt dit vonnis en oordeelt dat Cohen ‘niet zonder vooringenomenheid’ heeft gehandeld.