Studenten van het Utrechtse University College wachten op de buluitreiking.
Studenten van het Utrechtse University College wachten op de buluitreiking. © HH

Universiteiten weten dat vrouwen geen gelijke kansen krijgen

De Nederlandse universiteiten moeten eind dit jaar honderd vrouwelijke hoogleraren meer in dienst hebben dan nu. Minister Jet Bussemaker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap stelt 5 miljoen euro beschikbaar om geschikte vrouwelijke universitair hoofddocenten de komende vijf jaar aan te stellen als hoogleraar; daarna gaan de universiteiten de nieuwe leerstoelen zelf financieren. Twee Volkskrant-lezers reageren op de discussie. 

Wegpesten

Dat Nederlandse universiteiten dit jaar honderd vrouwelijk hoogleraren meer in dienst moeten nemen, is in tegenspraak met artikel 1 van de Grondwet, betoogt Sebastien Valkenberg (O&D, 12 januari) omdat het discriminatie impliceert. Echter, positieve discriminatie is een wettelijk toegestaan instrument om, wanneer op basis van oneigenlijke argumenten een groep wordt buitengesloten, deze groep voor te trekken totdat de ongelijkheid is opgeheven.

Aangezien vrouwen en mannen even slim en kundig zijn, is er geen enkele reden om zeer gekwalificeerde vrouwen buiten de academische rangen te houden. Dat het werken in deeltijd minder kwaliteit betekent, is natuurlijk grote flauwekul.

Daarnaast, denkt Valkenberg nu echt dat de universiteiten in Nederland zoveel energie steken in het verbeteren van de doorstroom van vrouwelijke academici omdat hoofddocent Christine Teelken de enige zou zijn die ervaart dat zogenaamde open vacatures eigenlijk al vergeven zijn? (Ten eerste, 11 januari).

De bestuurders van onze universiteiten weten donders goed dat zeer gekwalificeerde vrouwen geen gelijke kansen krijgen, niet alleen omdat selectieprocedures ondoorzichtig en commissies vooringenomen zijn, maar ook omdat vrouwen worden (weg)gepest, door bijvoorbeeld intimidatie en uitsluiting, of omdat ze te maken krijgen met 'wetenschappelijke intimidatie': het afpakken van auteurschappen, het niet toestaan om zelfstandig promovendi te begeleiden ook al heb je zelf het geld binnengehaald, het zijn maar een paar voorbeelden.

Als we echt op basis van meritocratische overwegingen de selectie zouden doen, schat ik in dat, gelet op de prestaties van vrouwelijke studenten anno nu, in 2040 zo'n 55 procent van onze hoogleraren vrouw is.

Ingrid Molema, Groningen, hoogleraar levenswetenschappen RUG/UMCG, op persoonlijke titel

De staf bestaat niet alleen voor ongeveer de helft uit vrouwen, maar ook voor bijna de helft uit hoogleraren

Vasthouden

Lees de ingezonden brieven van zaterdag 14 januari
'Ik sta daar niet omdat ik een zwarte Nederlander ben'

Over vijf jaar moeten de universiteiten de plaatsen voor honderd extra vrouwelijke hoogleraren zelf financieren en daar zit het probleem. Want dan is de bestaande hiërarchische structuur niet veranderd en stokt de groei weer. Bij de aantallen hoogleraren, hoofddocenten en docenten is er een verhouding tussen de functies, maar geen genderverhouding. Zolang dat zo blijft zal de groei van het aantal vrouwelijke hoogleraren maar mondjesmaat gaan.

Ik ben in 2000 naar Londen vertrokken omdat er in Nederland geen schijn van kans was dat ik ooit hoogleraar zou worden. Alle plaatsen zaten dichtgespijkerd met leeftijdgenoten. Daar werd ik hoogleraar bij een instituut dat zeer hoog scoort in de vijfjaarlijkse onderzoeksvisitaties. De staf bestaat niet alleen voor ongeveer de helft uit vrouwen, maar ook voor bijna de helft uit hoogleraren, gelijkelijk verdeeld over mannen en vrouwen.

De reden? Heel simpel, ieder jaar wordt ieder staflid uitgenodigd om te bekijken of hij/zij in aanmerking komt voor bevordering. De criteria voor bevordering zijn duidelijk vastgelegd en voor iedereen in te zien. Bevordering gebeurt puur op kwaliteit van onderzoek, onderwijs, begeleiding promovendi en het verkrijgen van externe financiering. Geen quota en voor hoogleraarsposities wordt uitgebreid extern advies ingewonnen.

Voor de Londense universiteit ligt de prioriteit bij het vasthouden en versterken van kwaliteit. In Nederland ligt het voordeel louter bij de universiteit. Daar werkt iedere (hoofd)docent zich uit de naad om zijn/haar cv zo sterk mogelijk te maken, ondanks het feit dat de kans op het verkrijgen van die zo gewenste bevordering zo mogelijk nog kleiner is dan die op het binnenhalen van een NWO-beurs. Een eenmalig lapmiddel helpt daar niets aan.

Jaap van der Meer, School of Geography, Queen Mary University of London

Volg en lees meer over:

Reacties (1)

U hebt javascript nodig om een reactie achter te laten.
Plaats een reactie Nog 600 tekens
  • Riet Pluim -
    Ironisch dat iemand een beroep doet op Artikel 1 om vrouwendiscriminatie goed te praten.