Rohingya-vluchtelingen gaan aan land in Bangladesh
Rohingya-vluchtelingen gaan aan land in Bangladesh © EPA

Suu Kiy's zwijgen over het vermoorden en verkrachten van Rohingya doet afbreuk aan haar heldenstatus

Commentaar

Het geweld van het Myanmarese leger tegen de Rohingya is buiten elke proportie.

De regering van Myanmar klaagt over 'nepverhalen', maar het begint zo langzamerhand wel duidelijk te worden dat er in Myanmar sprake is van etnische zuiveringen. De afgelopen tijd zijn bijna vierhonderdduizend Rohingya naar het buurland Bangladesh gevlucht voor het geweld van het Myanmarese leger.

De Rohingya werden als moslims altijd al met de nek aangekeken in het overwegend boeddhistische Myanmar. De afgelopen decennia zijn ze al verscheidene malen het slachtoffer geweest van strafexpedities van het leger en boeddhistische nationalisten, maar ditmaal is er een uittocht van ongekende omvang op gang gekomen.

De autoriteiten doen de verslagen af als 'nepnieuws' en wekken zelfs de suggestie dat buitenlandse hulporganisaties de hand hadden in het geweld van de kant van de Rohingya-strijders

Het geweld werd uitgelokt door aanslagen van een Rohingya-militie op politieposten in Rakhine, maar de reactie is buiten elke proportie. Vluchtelingen maken melding van slachtpartijen en verkrachtingen. Hele dorpen worden in brand gestoken om de bevolking te verjagen.

De autoriteiten doen de verslagen af als 'nepnieuws' en wekken zelfs de suggestie dat buitenlandse hulporganisaties de hand hadden in het geweld van de kant van de Rohingya-strijders. Volgens hen zouden Rohingya-strijders de dorpen zelf in brand steken om de aandacht van de wereld te krijgen. Het is een beschuldiging die wel heel ongerijmd klinkt, een echo van de propaganda waarmee het militaire bewind zich altijd tegen de buitenwereld verdedigde.

Zelfs Aung San Suu Kyi, die in 1991 de Nobelprijs kreeg voor haar strijd voor de vrijheid, had het over een 'ijsberg van misleidende informatie' waarmee haar regering werd geconfronteerd.

Aanhangers van Suu Kyi wijzen erop dat zij, hoewel ze sinds vorig jaar in de praktijk de leiding heeft in het land, nog steeds voorzichtig opereert, gezien de macht die de militairen nog altijd hebben in Myanmar. Maar volgens anderen koestert zij zelf ook weinig symphatie voor de Rohingya, die door veel inwoners van Myanmar als 'indringers' uit Bangladesh worden beschouwd.

In elk geval doet haar zwijgen over de vervolging van de Rohingya, van wie nu bijna de helft uit Myanmar is gevlucht, afbreuk aan de heldenstatus die zij verwierf met haar hardnekkige, vreedzame verzet tegen het militaire bewind.