Opinieblog - Is de angst voor de Russische cyberoorlog overdreven?

Een selectie van interessante debatten op internet en in andere media, bij elkaar geblogd door opinieredacteuren van de Volkskrant.

Berichten

Bekijk nieuwe update(s).
  1. Poetin lacht in zijn vuistje bij alle commotie in de westerse media en bij westerse politici over de slinkse manier waarom Russische agenten nepnieuws over internet verspreiden. Het is hysterie, schreef politicoloog Coen de Jong donderdag op de opiniepagina. Zie wat Omtzigt allemaal over zich heen kreeg. Paul Brill, oud-columnist van de Volkskrant en kenner van de internationale betrekkingen, vindt dat je de kwestie niet moet bagatelliseren. ‘Mensen die dat wel doen sluiten de ogen voor de werkelijkheid.’

    Paul Brill: ‘Natuurlijk kun je wel eens zien dat iets dik is aangezet, maar van hysterie is absoluut geen sprake. Niemand zegt dat er achter elke deur een Russische spion staat, zo wordt er niet over de kwestie geschreven. Als in de VS Mueller met iets komt is dat breaking news op CNN. Natuurlijk, zo werkt CNN altijd.

    'In de berichtgeving over de Russische inmenging worden best fouten gemaakt, maar die staan in geen verhouding tot wat Trump allemaal voor nepnieuws de wereld inslingert, laat staan Poetin, die niets wil weten van vrije meningsuiting.

    ‘Je kunt niet bewijzen dat de inmenging Trump aan de macht heeft gebracht, maar het staat onomstotelijk vast dat hij daarbij is geholpen door de Russen met duizenden nepaccounts. Dat is absoluut wel gevaarlijk, al was het maar gezien het verwerpelijke waardensysteem van Poetin. Die heimelijke inspanningen om Trump te helpen, staan buiten kijf. Er bestaat al lang connecties tussen het Trump-kamp en Moskou.

    ‘Je hoeft het niet groter te maken dan het is: het is zo al gevaarlijk en onwenselijk. Dat moet je niet wegpoetsen door te zeggen, zoals De Jong doet, dat de CIA in het verleden ook desinformatie heeft verspreid. Dat is toch geen reden om te zeggen: toe maar, het is niet zo erg, laat Poetin maar zijn gang gaan? En eerlijk gezegd als ik het op een weegschaaltje leg, heb ik liever Amerikaanse dan Russische inmenging.

    ‘Het is een heel serieuze zaak die we niet moeten bagatelliseren, mensen die dat wel doen sluiten de ogen voor de werkelijkheid. Dat artikel van Coen de Jong is eigenlijk een tamelijk waanzinnig stuk. Wat dat betreft vond ik het interview met Luke Harding, de oud-journalist van The Guardian, veel zinniger.’
    Dat interview kunt u hier lezen.

  2. Mugabe

    Machtswisseling in Zimbabwe: 'De krokodil slaat terug'

    Komt er eindelijk een eind aan het bewind van Robert Mugabe (93) in Zimbabwe? Het leger heeft in feite de macht overgenomen en de onlangs afgezette vicepresident Emmerson Mnangagwa is uit Zuid-Afrika teruggekeerd. Volgens Jan-Bart Gewald, de nieuwe directeur van het Afrika Studiecentrum in Leiden, heeft de legerleiding het vooral gemunt op de ambitieuze (veel jongere) echtgenote van Mugabe, Grace. Maar of de Zimbwabwanen nu meer vrijheid krijgen?

    Is dit een coup? De legerleiding zelf zegt van niet.
    Jan-Bart Gewald: ‘Het gaat denk ik vooral over de positie van Grace Mugabe. Legerleider generaal Constantino Chiwenga zei het zo: hoe kan iemand die niet in de bush heeft gevochten ons regeren? Hij is een van de veteranen met Robert Mugabe van de vrijheidstrijd die in 1980 de onafhankelijkheid bracht. De bondgenoten van Grace Mugabe zijn nu opgepakt: het hoofd van de veiligheidsdienst, de leiders van de jeugdliga van de partij Zanu-PF.

    'Ik denk dat Mnangagwa dit plan al een tijdje in de koelkast had staan. Zijn bijnaam is niet voor niets ‘de krokodil’. Hij heeft heel nauwe banden met de legerleiding. Grace Mugabe heeft de eerste stap gezet door het ontslag van Mnangagwa als vicepresident te bewerkstelligen, zodat voor haar de weg vrij zou komen haar man op te volgen. Dat was het sein voor het anti-Grace-kamp om tot actie over te gaan.’

    Meer een paleiscoup dus?
    ‘Ja, zo zou ik het wel willen noemen. Mnangagwa is dinsdag teruggekomen. Ik verwacht dat hij tot interim-president zal worden benoemd, dat er verkiezingen worden uitgeschreven, die hij dan glansrijk zal winnen. Ze zullen Robert Mugabe zelf niet laten vallen, denk ik. Ze hebben het nu ook over de ‘eervolle Mugabe’ en de ‘verbazingwekkende leider’. Hem afvallen zou ook heel dom zijn. Hij is het grote symbool van de partij.

    Waarom nu pas dit ingrijpen?
    ‘Ze hebben gewacht tot Grace het echt te bont zou maken. Onlangs sloeg ze een model in elkaar in Johannesburg, en er was een rel omdat ze opeens met een PhD van de Universiteit van Zimbabwe tevoorschijn kwam.’

    Hoe politiek is het leger in Zimbabwe?
    ‘De partij is het leger en het leger is de partij. De geschiedenis van de strijd tegen het blanke minderheidsregime van Rhodesië, zoals Zimbabwe toen werd genoemd, is nog steeds een doorslaggevende factor. Het leger duldt geen leiders die niet in die strijd, de ‘chimurenga’, hebben gevochten. Het leger heeft vanaf 1980 heel veel macht verworven. Het heeft bedrijven opgericht, beschikt over heel veel geld.

    ‘Er wordt vaak onderschat hoe professioneel het Zimbabwaanse leger is. Eerst gevochten tegen de Rhodesiërs, daarna in Mozambique en Congo. Het is een heel goed getraind leger, zeer gedisciplineerd.’

  3. Columnist van de New York Times Bret Stephens hekelt in zijn column de omgang van Trump met de Chinese leider Xi Jinping en de Saoedische kroonprins Mohammed bin Salman.
    De afgelopen weken hebben twee leiders – Xi Jinping in China en Mohammed bin Salman in Saoedi-Arabië – hun persoonlijke macht op ongeëvenaarde wijze geconsolideerd. En Donald Trump, verondersteld leider van de vrije wereld, heeft beiden hierom geprezen.

    Eind oktober voegde de Chinese Communistische Partij wat het noemde een ‘Xi Jinping-Gedachte voor het Nieuwe Tijdperk van Socialisme met Speciale Chinese Trekken’ toe aan de grondwet. Een persoonlijkheidscultuscampagne voor Xi, die doet denken aan Mao, komt op stoom. Net zoals de zuiveringen van zijn politieke rivalen, die gemaskeerd worden als anticorruptiecampagne.

  4. Niet lang daarna was het de beurt aan Saoedi-Arabië, waar kroonprins Mohammed een reeks aanhoudingen en ontslagen lanceerde van ministers en leden van de koninklijke familie. Opnieuw was het voorwendsel corruptie. Opnieuw was het doel het opzijzetten van rivalen met als doel de troon. Xi en Mohammed zijn niet alleen. We leven in het tijdperk van sterke mannen. Erdogan in Turkije, Sisi in Egypte, Duterte in de Filipijnen, Orban in Hongarije, Poetin in Rusland. Trump behoort niet tot dat rijtje: het Amerikaanse systeem staat het niet toe. Maar Trump past wel in het psychologische profiel en smacht naar de grote controle die de sterke mannen kunnen uitoefenen.

    We leven ook in een tijd van democratische zelftwijfel. Lage groei werd het nieuwe normaal de afgelopen tien jaar. We vechten oorlogen waarvan we niet weten hoe we ze moeten winnen en hebben naderhand spijt van onze actie (Irak) én inactie (Syrië). Het Congres is verlamd, de politieke partijen zijn kapot.

    Zulke momenten komen vaker voor in de geschiedenis. Maar dit keer is er iets anders. Met Roosevelt en Ronald Reagan hielp de VS leiders in het zadel die een pleidooi hielden voor de superioriteit van open samenlevingen. ‘Optimisme is noodzakelijk’, zei Reagan in juni 1982 in een rede voor het Britse parlement. ‘De opmars van vrijheid en democratie’ voorspelde Reagan, zou het marxistisch-leninisme tot de ‘ashoop van de geschiedenis’ veroordelen. Maar hij had gelijk en zijn zelfvertrouwen werkte aanstekelijk.

    Vergelijk dat met Trump, die Xi feliciteerde met diens ‘buitengewone stijging’ tot dictator-voor-het-leven. Niets werd gezegd over het feit dat het bewind van dezelfde Xi boekverkopers in HongKong heeft gegijzeld, de winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede heeft opgesloten, zijn vrouw onder huisarrest geplaatst en Amerikaans marinemateriaal heeft ingepikt in internationale wateren.

    Inzake Saoedi-Arabië tweette Trump zijn instemming met de zuiveringen door te zeggen dat de kroonprins en zijn vader ‘precies weten wat ze aan het doen zijn’ en dat de gevangenen die door het bewind ‘hard behandeld worden’ al jarenlang ‘profijt trokken van hun land’.

    Amerikaanse presidenten van beide partijen hebben lang geweten hoe je productieve relaties moet onderhouden met landen wier politieke maatstaven niet aan de onze voldoen. Maar Trump doet iets anders. Hij stelt een Amerikaans presidentschap in dienst van on-Amerikaanse waarden. Het roept de vraag op wie de vrijheid zal verdedigen terwijl het tijdperk van de sterke mannen doorgaat, zonder tegenstand.

  5. Akkoordenziekte

    De column van Martin Sommer gaat over de akkoordenziekte: ‘Een meerderheid van één in de Kamer betekent steun zoeken in de maatschappij. Het ritselt in dit regeerakkoord dan ook van de voorgenomen akkoorden met de samenleving. Een sportakkoord, een preventie-akkoord, een grondstoffenakkoord. De moeder aller akkoorden moet het klimaatakkoord worden. Akkoorden vervangen de meerderheid in de Kamer, en verder is er weinig over nagedacht.’ Het vervelende is dat de burger, die geen deel heeft gehad aan het klimaatakkoord, wel opdraait voor de zeer hoge kosten ervan.

    Aleid Truijens is geschrokken van de vraag of je schrijvers die in hun leven blijk hebben gegeven van racisme, antisemitisme of vrouwenhaat nog wel 'mag' lezen. Zij vindt dat ‘voor kunstenaars dezelfde wetten gelden als voor andere burgers; over hun misdaden oordeelt de rechter. Dan: de kwaliteit van het werk staat op zichzelf. En: makers van fictie zijn niet gelijk aan hun hoofdpersoon en niet aanspreekbaar op verzonnen daden. Die spelregel wordt lastig als schrijvers zelf geen helder onderscheid meer maken tussen fictie en autobiografie.’

    Frank Kalshoven buigt zich over de toenemende opleidingshomogamie: het verschijnsel dat mensen steeds vaker een partner hebben van hetzelfde opleidingsniveau. Dat is een probleem omdat het leidt tot hogere kosten voor overheidsvoorzieningen. Inkomensrisico’s van een laagopgeleide echtgenoot werden vroeger opgevangen door de hoger opgeleide partner, maar komen nu voor rekening van de overheid, bijvoorbeeld in de vorm van sociale zekerheid. Hoewel partnerkeuze tot het private domein behoort, moeten we er volgens Kalshoven toch eens over 'durven nadenken'.


  6. Ander Commentaar

    Lijdt Groot-Brittannië aan een Brexit-instorting?, vraagt de Financial Times zich vertwijfeld af naar aanleiding van de recente politieke onrust en een column van Philip Stephens in die krant. Stephens heeft de afgelopen twee maanden in Berlijn doorgebracht en zijn column laat zich lezen als één lange aanklacht tegen de Britse politieke klasse.

    Bijgaand de interessantste citaten:

    ‘Voor oude vrienden lijkt Groot-Brittannië, zoals ze het plachten te noemen, in de greep van een onverklaarbare koorts. Beroemd om hun betrouwbaarheid en pragmatisme, zijn de Britten ten prooi gevallen aan woede en ressentiment. Voorzichtig ingeschat zelfbelang heeft plaatsgemaakt voor gevaarlijk dogmatisme.’

    ‘De regering en het parlement hebben de controle verloren. Een meerderheid van de parlementsleden vindt de Brexit een vergissing maar voelt zich verplicht om het door te zetten om niet beschuldigd te worden van verraad aan wat de tabloids noemen 'de wil van het volk'. Dat is wat er gebeurt als de subtiele checks en balances van een representatieve democratie ondergeschikt worden gemaakt aan het grove meerderheidsdenken van referenda.’

    ‘De Brexit is de grootste opschudding van het Britse politieke en economische leven sinds 1945 – maar het project wordt geleid door een regering die haar politieke autoriteit heeft verloren en een Conservarieve Partij die in oorlog is met zichzelf. Mays premierschap wordt getekend door haar zwakte.’

    ‘Iedereen is voor de Brexit, tenminste: ze doen alsof. Ze kunnen het niet eens worden over wat het betekent. En het probleem zijn niet alleen de innerlijk verscheurde Tories. Labour heeft dit moment gekozen om een leider te kiezen uit de extreme marges van linkse politiek. Doordrongen van anti-Amerikanisme en een apologeet voor Vladimir Poetin, is Jeremy Corbyn behept met een blik op de wereld uit de jaren zeventig. Hij komt uit een kleine linkse sekte die Brussel ziet als kapitalistische samenzwering. Uit opportunisme verstoort hij de Brexit-onderhandelingen van de regering: hij wil nieuwe verkiezingen forceren en het socialisme in het land uitroepen.’

    ‘Wat vroeger het Britse establishment heette, kijkt met afgrijzen toe. Bijna niemand in Whitehall vindt de Brexit een goed idee. Diplomaten denken dat het de invloed van ons land zal verkleinen. Financiën twijfelt of de gevolgen slecht, erg slecht of catastrofaal zullen zijn. De centrale bank is het daarmee eens. Maar dit verontrust de Britse nationalisten allerminst. Michael Gove, een leidende Brexiteer, hekelt de meningen van 'experts'.’

    ‘Waar we naartoe gaan, weet niemand. Anderhalf jaar geleden stelde ik met enige overdrijving dat de Britse politiek op de Griekse begon te lijken. Nu denk ik dat deze vergelijking de ernst van de Britse situatie niet weergeeft. De laatste hoop is dat de politieke chaos die voortvloeit uit het referendum het enige is dat de Brexit nog kan voorkomen.’

  7. Ander commentaar: Paradise Papers (1)

    Veel ophef over het nieuwe pak documenten over de trucs van de superrijken en multinationale ondernemingen om belasting te omzeilen, dat een internationale groep onderzoeksjournalisten naar buiten bracht als The Paradise Papers. Nederland speelt een sleutelrol en het nieuwe kabinet belooft actie tegen sluipregelingen. Buitenlandse kranten buigen zich vooral over de vraag of het terecht is dat de belastingmijders aan de schandpaal worden genageld.

    In de Britse krant The Guardian (een van de deelnemers aan het consortium van onderzoeksjournalisten) schrijft Aditya Chakrabortty:

    ‘Neem eerst het cliché dat de gewone burgers in het Verenigd Koninkrijk, de VS en elders in oorlog zijn met hun elites. Deze week blijkt het tegenovergestelde waar te zijn: juist de elites blijken een loopgravenoorlog te voeren tegen hun burgers, door hen de inkomsten te onthouden die ze nodig hebben om hun ziekenhuizen en scholen te bouwen. Die oorlog is een van de oorzaken van de huidige anti-elitestemming. We moeten aanvaarden dat Big Finance en een op hol geslagen ongelijkheid onverenigbaar zijn met een gezonde democratie of een duurzame economie.’

    De eveneens Britse krant The Daily Telegraph staat daar lijnrecht tegenover. Het hoofdredactionele commentaar:

    ‘Het meest wat nu wordt onthuld, valt niet onder onethische en al helemaal niet onder illegale activiteit. Sterker: miljoenen personen hebben geld geïnvesteerd in offshorefondsen via hun pensioenfondsen. Net als bij de Panama Papers wordt dit verhaal gegijzeld door antikapitalistische activisten die bezwaar maken tegen het feit dat sommige mensen rijker zijn dan andere. Wat we nu zien gebeuren, in de vermomming van een morele kruistocht, is een poging legitieme belastingroutes te sluiten opdat de beslissingen die mensen nemen over waar ze hun geld laten in het vervolg door de staat kunnen worden genomen.'

  8. Ander commentaar: Paradise Papers (2)

    In de Zwitserse krant Neue Zürcher Zeitung betoogt Peter A. Fisher dat concurrentie tussen belastinginners niet crimineel is:
    ‘In een gemondialiseerde wereld zijn off-shoretransacties soms noodzakelijk en soms het gevolg van problemen, maar zelden de oorzaak van problemen. Het demoniseren van de zoektocht naar bescherming tegen willekeurige, buitensporige bureaucratie en belastingen of gewoonweg privacy is daarom veel te gesimplificeerd. Een paar gevallen van misbruik aangrijpen om de internationale belastingconcurrentie in het algemeen af te schilderen als misdadig is onverantwoord. We moeten ons niet laten misleiden door de overduidelijke, en op zijn best naïeve, motieven van de zelfbenoemde voorvechters van transparantie. Concurrentie bij het aantrekken van bedrijven, bescherming van de privésfeer en ja, ook offshoretransacties, blijven allemaal noodzakelijk.’

    Daar lijnrecht tegenover staat de Süddeutsche Zeitung; Nicolas Richter schrijft:

    ‘Belastingparadijzen zijn niet gewoon een marginaal fenomeen, maar zijn al heel lang de collectieve ontmoetingsplaats voor de economische elite. Voor bedrijven biedt de globalisering paradijselijke omstandigheden. Ze kunnen gebruik maken van alle voordelen, terwijl ze regels kunnen vermijden. Dat is brutaal, schandalig zelfs. Zelfs het Hof van Eden bood niet zulke fantastische voorzieningen. Je kunt geen paradijs op aarde scheppen met het model van de belastingvrijhavens. De kern van dat model is dat het niet toegankelijk is voor iedereen, dat niet iedereen de middelen ervoor bezit. Met die exclusiviteit stuurt het een bericht naar allen die erbuiten staan, in het fiscale hier en nu, met hun sociale staat, regelgeving en democratische procedures: jullie leven in de hel.’

  9. Trump een jaar later

    De verbijstering was groot bij de helft van de Amerikanen, en in de wereld buiten de VS, toen tegen alle peilingen in Donald Trump bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen bleek te hebben gewonnen van favoriet Hillary Clinton. Er is een jaar voorbij gegaan, vol ruzies en schandalen rond het Witte Huis, maar Trump zit nog altijd in het zadel (en reist door Azië). Politici en commentatoren vergelijken hun eerste reacties van vorig jaar met hun inschatting van Trumps presidentschap nu. Hier alvast een paar hoogtepunten.

    Alexander Pechtold, leider van D66 op Twitter, 9 november 2016:
    ‘Voel me echt beroerd door zege Trump. Tegelijk voel ik zoveel extra motivatie om haat en verdeeldheid niet ook ons land te laten vergiftigen’
    Pechtold nu:
    ‘Wat ik het afgelopen jaar het meest schokkend vond, was de desinteresse in feiten. Welk wapen is daar tegen bestand? Vroeger spraken ze al van ‘fact-free politics.’ Maar dat er nu een president is die daar sans gêne aan doet, vind ik heel eng.

    ‘Kijk naar zijn dubbelhartigheid wanneer een wit persoon een pistool leeg schiet en wanneer iemand van kleur hetzelfde doet. Dit zijn zaken die ons terug de geschiedenis inwerpen. Een deel van de geschiedenis waarvan ik hoopte dat we het achter ons hadden gelaten.

    ‘Ik bedacht mij de ochtend na de Amerikaanse verkiezingen: het is afschuwelijk dat Trump is verkozen maar durf ik nu een voorspelling te doen dat hij niet wordt herkozen? Die voorspelling durf ik nog steeds niet te doen.’

    Han ten Broeke, VVD-buitenlandwoordvoerder in de Tweede Kamer, 9 november 2016, in de Volkskrant:
    'We moeten met hem dealen.’

    Ten Broeke nu:
    ‘Met dit Witte Huis hebben we heel veel onvoorspelbaarheid gekregen. Het heeft de positie van het westen in de wereld geen goed gedaan. Een van de gevolgen is dat Europa echt zijn eigen broek moet ophouden en iedereen realiseert zich dat ook. Neem het klimaatakkoord in Parijs, Europese landen pakken daar zélf door.

    ‘Ik hoop op een normalisatie in het tweede jaar van zijn presidentschap. Laten we een beetje vertrouwen hebben in het Amerikaanse systeem. We hoeven het niet met hem eens te zijn, maar we moeten met hem dealen. Een alternatief is er niet.’

    Karin Spaink, columnist, in Het Parool, 16 november 2016:
    ‘Voor alle checks & balances zijn we teruggeworpen op de vierde pijler der democratie: de pers.’

    Karin Spaink nu:
    ‘Alles in Amerika is zó 'partisan', zo partijdig geworden. Er is geen nuance meer, er is geen middengroep meer die serieus naar argumenten luistert, die meningen weegt. Het geloof in onderzoek, in overleg, in waarheid verliest steeds meer aan kracht.’

    ‘Hoe zorg je dat mensen weer op feiten vertrouwen, dat je dingen kan controleren, dat je niet alle bronnen moet geloven? En dat Facebook wellicht niet de beste bron is van nieuws? Ik denk niet dat je democratische instituten in een jaar tijd kan slopen, dus er is nog hoop. Toch geldt hier: iets kapotmaken is makkelijker dan opbouwen.’

  10. 100 jaar Russische Revolutie: dit zijn d

    Net terwijl de uitwassen van het kapitalisme weer uitbundig beschreven worden in publicaties omtrent de ‘Paradise Papers’, is daar de herdenking in sommige media van de Russische Revolutie van honderd jaar geleden. Sergej Goerijev, de Russische hoofdeconoom van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling, somt naar aanleiding hiervan in Financial Times drie redenen op waarom de socialistische planeconomie geen alternatief biedt.

    ‘Een: industrialisatie middels terreur is inefficiënt. Twee, zonder terreur gaat de beveleconomie uiteindelijk bankroet. Drie, gebrek aan politieke concurrentie creëert een rigide bestuurssysteem dat niet in staat is tot het doorvoeren van de noodzakelijke hervormingen.’

    ‘De eerste reden ligt waarschijnlijk het minst voor de hand. Stalin forceerde de industrialisatie van het land en leidde uiteindelijk de Sovjet-Unie naar de overwinning in de Tweede Wereldoorlog. Zijn methode was top-down en, in de woorden van Daron Acemoglu en James Robinson, “meedogenloos maar effectief” . Het voordeel van een gecentraliseerde planeconomie is dat het je in staat stelt 25-30 procent van de arbeidskrachten binnen tien jaar van boerderij naar fabriek te verplaatsen. Maar volgens een recente studie waar ik aan meewerkte, viel het resultaat tegen: de winst van het verplaatsen van middelen naar industrie was niet groot genoeg om de productiviteitsvernietiging te compenseren binnen zowel landbouw als industrie. Terreur is meedogenloos en effectief in het verplaatsen van middelen, maar niet productief in het doelmatig organiseren ervan.’

    ‘Na de oorlog herstelde de Sovjeteconomie zich, werd de Spoetnik gelanceerd en nucleaire pariteit met de VS bereikt. Maar economische groei en innovatie bleven achterwege, bewijzend dat concurrerende markten nodig zijn voor efficiënte prikkels. Een gecollectiviseerd systeem is inherent kwetsbaar voor 'softe budgetbeperkingen'. In een socialistisch systeem worden alle ondoelmatige bedrijven uiteindelijk gered door de staat – waardoor managers geen redenen hebben om bankroet te vermijden.’

    ‘Softe budgetbeperkingen komen ook voor in markteconomieën, zoals de massale reddingsoperaties sinds de financiële crisis laten zien. Maar er is een groot verschil: als een kapitalistisch bedrijf failliet gaat, verliezen particuliere aandeelhouders hun inzet. Als een socialistisch bedrijf failliet gaat, neemt de staat hun schuld over – en gaat uiteindelijk de hele staat failliet.’

    ‘Toen er een eind kwam aan de Stalinistische terreur, kon de overheid niet langer de druk om de levensstandaard te verhogen weerstaan. Om dit te betalen, steunde Moskou op petrodollars en later leningen. In het laatste jaar van het bestaan van de Sovjet-Unie bedroeg de schuld 30 procent van het nationaal inkomen. Crediteuren stopten met lenen en de Sovjet-Unie hield op te bestaan. Waarom konden Sovjetleiders geen radicale hervormingen doorvoeren? Omdat de Sovjet-Unie, zonder politieke concurrentie en vrij debat, eindigde met leiderschap dat noch competent noch besluitvaardig was.’

    ‘Toch duiken er zo nu en dan een nieuwe plannen op voor een nieuwe variant van het socialisme – van het ‘Bolivariaanse model’ tot marktvarianten, van staatskapitalisme tot een nieuw ‘digitaal Gosplan’. In tientallen jaren probeerden communisten vele alternatieven op de markt uit. Geen van hen werkte. Dat is wat we honderd jaar later moeten onthouden.’