Kim Jong-un applaudisseert na de lancering van de Hwasong-14 raket, 4 juli
Kim Jong-un applaudisseert na de lancering van de Hwasong-14 raket, 4 juli © AFP

Opinie op Zondag - Zonder kernwapens verkeerde Kim Jong-un allang niet meer onder ons

Prikkelende opinie op een dag dat u er tijd voor heeft: de Volkskrant presenteert elke zondag twee bijdragen van een vaste club van acht auteurs. Later vandaag filosoof Sebastien Valkenberg, nu cultuurhistoricus Thomas von der Dunk.

De tijd van Kim Jong-un spoort niet meer met die van de wereld

Twee jaar geleden werd in Pyongyang door Kim Jong-un de klok teruggedraaid. Letterlijk. Met een half uur, zodat de Noordkoreaanse tijd met geen enkel ander land meer spoort. Acht jaar eerder was Hugo Chávez hem hierin al voorgegaan. Die verkeert inmiddels niet meer onder ons, en zijn opvolger verkeert in steeds grotere problemen. In Venezuela staat een economische instorting voor de deur.   

Voor Noord-Korea is dat laatste de grote angst van China, en dat is de hoofdreden dat Kim tot nu toe wegkomt met te doen wat hij wil. Want niet alleen letterlijk heeft hij de klok achteruitgezet, ook in politieke zin, door onvervalste Koude-Oorlogstaal uit te slaan en daar met provocerende raketproeven naar te handelen. En de wereld kan daar weinig aan doen. Van die kanonneerboot die Trump in een opgewonden reflex recent richting Kim liet opstomen, is weinig meer vernomen.   

Niet alleen in letterlijke zin, ook in overdrachtelijke, spoort de tijd van Kim niet meer met die, waarin de wereld na de Val van de Muur in terecht dacht te zijn gekomen. Geen dictatuur bezit vandaag nog een dermate totalitair en gesloten karakter als de zijne. Zijn onverholen nucleaire dreigementen aan het adres van eenieder die het waagt aan zijn bewapeningsprogramma komen, herinnert aan de logica van wederzijdse vernietiging van vóór 1989, en die logica is de huidige generatie westerse politici (en misschien ook wel de oosterse van Poetin en Xi) ontwend.

Onberekenbaar?

Noord-Korea wil maar één ding: overleven

Men kan daarom niet met Kim overweg, en betitelt het Noordkoreaanse regime als onberekenbaar. Nu valt daarvan veel kwaads te zeggen, maar onberekenbaar is het juist niet. Als men, zonder verder ook maar een greintje sympathie, een beetje moeite zou doen om zich in Pyongyang te verplaatsen, blijkt het juist zeer berekenbaar. Het regime heeft namelijk maar één doel: te overleven. Daaruit volgt de rest eigenlijk logischerwijs vanzelf. Het ziet de verwerving van atoomwapens, precies indachtig die Koude Oorlog-logica van wederzijdse vernietiging, als essentieel, en heeft vanuit zíjn perspectief - dat men geenszins hoeft te delen om het wel te snappen - groot gelijk.   

Zónder die kernwapens verkeerde Kim namelijk allang niet meer onder ons. Daarvoor is de vijandschap van de Verenigde Staten, hoe legitiem in moreel opzicht ook, in dit geval al voldoende - herinnert zij aan het bloedige einde van Saddam Hoessein en Kadhafi. Er bestaat weinig reden om beide tirannen ook maar één traan te laten, maar dat Kim niet hun einde wil delen, is wel invoelbaar.   

Zijn ongenaakbare gedrag staat dan ook niet los van de manier waarop hij door de buitenwacht bejegend wordt - en om het kwaad effectief te bestrijden, moet men het wel eerst willen begrijpen. Dat is iets wat men in westerse hoofdsteden, waar de afschuw het te vaak van de analyse wint, soms nalaat.

As van het Kwaad

De sjiitische theocratische ayatollahs in Teheran en de soennitische seculiere dictator in Bagdad waren elkaars aartsvijanden

George W.Bush bracht ooit na Nine-eleven het begrip 'As van het Kwaad' in het spel. Daaronder begreep hij drie landen, te weten Noord-Korea, Iran en Irak. Het was een krankzinnige betiteling van het trio - niet omdat het kwaad niet in hoge mate in Pyongyang, Teheran en Bagdad aanwezig zou zijn, maar omdat met de term 'as' innige samenwerking en ideologische verwantschap gesuggereerd werd, als van de drie Asmogendheden Duitsland, Italië en Japan tijdens de Tweede Wereldoorlog.

En dat was in dit geval onzin: de sjiitische theocratische ayatollahs in Teheran en de soennitische seculiere dictator in Bagdad waren elkaars aartsvijanden, die elkaar vóór 2001 dan ook in een bloedige oorlog naar het leven hadden gestaan. Als de ook in Nederland in opgewonden-rechtse kringen voor moslimfundamentalisten populaire nonsens-term 'islamofascisme' al op iemand van toepassing zou zijn, dan juist eerder op hun absolute tegenpool Saddam Hoessein. Noord-Korea tenslotte stond in geen enkel verband met Irak en Iran.   

Maar sinds Bush' invasie van Bagdad in 2003 weet de hele wereld wat Washington met leden van een As van het Kwaad zoal doet. Regime change stond niet alleen hier op de agenda, maar vormt ook het niet geheel onuitgesproken doel van de Amerikaanse bejegening van de andere twee. Daarvan zijn zulke te veranderen regimes begrijpelijk zelden gediend, en dus zetten zij zich schrap.

Containment

Kim is geen zelfmoordenaar en koestert ook geen imperialistische expansieplannen buiten de eigen staatsgrens

Voor Teheran koos Obama voor Willy Brandts oude Ostpolitik-principe van Wandel durch Annäherung, met Pyongyang viel dit land veel moeilijker te bezeilen: het regime daar koos voor de absolute militaire zekerheid van de nucleaire vlucht voorwaarts.   

Hoe gevaarlijk is Kim echt? Hij is geen zelfmoordenaar, en koestert ook geen imperialistische expansieplannen buiten de eigen staatsgrens. De noodzakelijke politiek van Containment vergt zelfbeheersing en bedachtzaamheid - niet de meest in het oog springende eigenschap van de huidige Amerikaanse president. Dat is sowieso een probleem in de confrontatie tussen democratieën, met een tijdspanne van vier jaar waarbinnen met het oog op herverkiezing succes zichtbaar moet zijn, en dictaturen 'voor de eeuwigheid'. Zo heeft bijvoorbeeld ook Beijing met Hongkong echt geen haast: het hengelt het gewoon heel geleidelijk, maar onontkoombaar binnen.

Thomas von der Dunk is cultuurhistoricus.