President Emmanuel Macron
President Emmanuel Macron © EPA

Nationale en Europese soevereiniteit vullen elkaar juist aan

Juristen kunnen van president Macron leren dat de nationale en Europese soevereiniteit elkaar aanvullen.

Terwijl Engelsen en Spanjaarden de populistische soevereiniteitserupties van eigen bodem moeizaam te boven komen, blijven veel van onze staatsrechtsgeleerden vreemd genoeg hun soevereine angsten vooral richten op de Europese Unie.

Dit berust op een in staatsrechtkringen heersende leer dat soevereiniteit een optelsom is van bevoegdheden van de staat. Nu steeds meer van die bevoegdheden worden uitbesteed aan de EU in Brussel, verdwijnt die soevereiniteit dus, of verkwijnt ze tot een steeds pijnlijker kern. Die leer leidt dus logisch tot wrok. Maar het is een dwaalleer.

Anders dan in Duitsland staat soevereiniteit bij ons niet hoog aangeschreven. Het begrip komt in de grondwet niet voor. Lange tijd was dat het belangrijkste verweer tegen klachten over het verdwijnen van bevoegdheden naar Brussel. Maar toen de Duitse grondwetsrechter zich 25 jaar geleden ging druk maken over het verlies van Duitse soevereiniteit aan de EU, verloor dit verweer aan kracht en kwam ook hier een opleving van angst. In 2005, bij het referendum over het Europese constitutionele verdrag, had de SP een affiche waarop Nederland van de kaart was verdwenen. Het publiek bleek daarvoor heel gevoelig. Sindsdien is soevereiniteit ook bij ons in opkomst, om angsten voor Europa en globalisering te verwoorden.

Soevereiniteit blijven wegrelativeren kan niet meer, want dan laat je het begrip kapen door de populisten

Maar soevereiniteit heeft behalve die defensieve ook een assertieve kant, die door juristen gemakkelijk over het hoofd wordt gezien. Ze bestaat niet alleen uit juridische bevoegdheden maar ook uit politiek handelingsvermogen. In de Duitse situatie zijn de juridische en de politieke lezingen steeds verder uiteen gaan lopen, dat is verhelderend. Terwijl de laatste waarschuwingen van de Duitse rechters over verlies van de soevereiniteit aan de EU elkaar opvolgden, groeide de feitelijke democratische stabiliteit en de uitwendige status van de Bondsrepubliek naar nieuwe hoogten, tot vandaag de dag.

De Duitse rechtsleer heeft zich, zo blijkt, losgezongen van de feiten van de Duitse soevereiniteit. Ze is niet meer bevattelijk voor de zichtbare werkelijkheid dat het Duitse lidmaatschap van de EU een steunpilaar is van de Duitse soevereiniteit, een gezagsbron en stabilisator voor de Duitse en de Europese ontwikkeling.

Nu het begrip soevereiniteit in Nederland opleeft over een brede linie van staatsrecht tot journalistiek, politiek en populisme, kunnen wij daaruit lering trekken. Soevereiniteit blijven wegrelativeren kan niet meer, want dan laat je het begrip kapen door de populisten. Angstig legalisme als dat van de rechtsgeleerden heeft echter ook een populistisch effect. We moeten de assertieve Europese dimensie zien, met Duitsland als toonbeeld. De Franse president Emmanuel Macron ziet die glashelder. Hij wil dat Frankrijk en de andere landen zich op die manier aan hun lidmaatschap van de Unie optrekken, net als Duitsland.

Soevereiniteit is, eenvoudig, het bijzondere gezag van de staat, het laatste woord in eigen huis; het volle lidmaatschap van de statengemeenschap daarbuiten

Soevereiniteit is, eenvoudig, het bijzondere gezag van de staat, het laatste woord in eigen huis; het volle lidmaatschap van de statengemeenschap daarbuiten. Waar er een staat is, is die normaliter soeverein. Alle EU-staten zijn en blijven soeverein; hun gezag evolueert in de Unie. De soevereiniteiten van onze staten, zegt Macron, worden door hun lidmaatschap van de Unie versterkt tot 'Europese soevereiniteit'. Dat is niet soevereiniteit van de EU, maar een Europese versterking van nationale soevereiniteit.

Als de rechtsgeleerden ook in politieke termen durven denken, dan zien ze dat Europees handelingsvermogen ook een draagvlak nodig heeft onder ons, Europeanen. Dit draagvlak is in het verdrag van Lissabon al aangelegd: 'Het Europees Parlement vertegenwoordigt de Europeanen'. Duitse rechters en Nederlandse staatsrechtsdocenten bokken nog dat alleen een volk politiek kan worden vertegenwoordigd en stellen zich tegen die rechtstekst teweer: 'Nee! Het Europees Parlement vertegenwoordigt alleen de nationale volken'.

Dit gaat niet alleen in tegen de tekst van het verdrag. Het mobiliseert een fictief verleden tegen de toekomst. Nederland blijft een van soevereiniteit blakende staat, onder meer dankzij zijn deelname aan de Europese Unie. En dat temeer naarmate wij behalve als Nederlanders ook als Europeanen worden gekend, om te beginnen door ons staatsrecht. Staatsrechtjuristen, stop die wrok.

Dit is een bekorte versie van de keynote speech van de Staatsrechtconferentie 2017 in Maastricht.