Opinie: kinderen kunnen best tegen gepaste dosis horror en geweld

Thema van de aankomende Kinderboekenweek is 'Griezelen', met als motto Gruwelijk Eng!

Enge verhalen moeten er ook voor kinderen zijn, want zo leren ze omgaan met angsten en emoties.

Komend najaar is het thema van de Kinderboekenweek 'Griezelen', met als motto Gruwelijk Eng! Veel scholen en ouders zijn daar niet blij mee. Het thema van de christelijke kinderboekenmaand is daarom 'Bibbers in je buik', met het motto Je hoeft niet bang te zijn, want God is bij je.

Is het werkelijk zo schadelijk om kinderen in boeken te confronteren met geweld en horror? Naar aanleiding van mijn nieuwe serie Robotoorlog kreeg ik op Facebook het commentaar: 'Bah, al dat geweld? Moet dat echt?' Anderen zijn juist enthousiast. 'Prachtige boeken, zeker ook voor alle gamers die we aan het lezen willen krijgen. Mijn zoon zou vroeger een gat in de lucht hebben gesprongen voor zo'n boek,' schreef bibliothecaris Ingrid de Graaf.

Worden kinderen agressief van lezen over geweld? Is het nodig dat ze lezen over ongeluk, verdriet, verlies, angst, bedreiging en eenzaamheid? Zijn sprookjes over stiefmoeders, die hun dochter willen vermoorden, niet veel te eng? En wat de te denken van wolven, monsters, heksen en reuzen die anderen dreigen op te eten? Zou het niet beter zijn als alles gewoon goed gaat? We kunnen van de wolf uit Roodkapje een lieve, verdwaalde hond maken. Hoewel verdwalen ook zielig is. En een zieke grootmoeder is ook akelig. Jagers kunnen echt niet meer, want zij schieten dieren dood. Dat wordt een lieve boswachter.

Niet al te bloederig

Enge en nare verhalen moeten er zijn, want ze zijn nuttig

Natuurlijk is het onzin om enge verhalen aan te passen. Kinderen geven zelf wel aan wat ze willen horen en willen lezen. Enge en nare verhalen moeten er zijn, want ze zijn nuttig. Ik leer kinderen in schrijfworkshops dat ze hun verhaal moeten beginnen met het bedenken van een moeilijk, spannend en lastig probleem. In het echte leven is zo'n probleem niet leuk, maar in een verhaal wel. Vinden kinderen het vervelend om over nare dingen na te denken? Helemaal niet! Ze zijn dolenthousiast! Ze weten dat het fantasie is en tegelijkertijd oefenen ze omgaan met angsten en emoties in een situatie die ze onder controle hebben. Enge boeken en films zijn niet alleen een nuttige oefening voor het echte leven. Ze zijn ook een vorm van vermaak. Of misschien van leedvermaak, waarbij je je realiseert dat je eigen leven best oké is.

Kinderen zelf enge verhalen laten bedenken, is één ding. Hoe ver mag je als schrijver gaan met het opleggen van je gruwelijke fantasie? Ik denk dat je het niet al te bloederig moet maken, zeker niet als de setting vrij realistisch is. De wolf eet Roodkapje op, maar het verhaal vertelt niet hoe hij haar ogen uitzuigt of haar botjes afkluift. Je kunt voor kinderen best een spannend verhaal maken zonder afgehakte ledematen en rollende hoofden te beschrijven. In mijn serie Robotoorlog strijden kinderen tegen machines. Dat is handig, want die bloeden niet. Het is een modern griezelverhaal, waarin het gevaar van nieuwe technologie een grote rol speelt. Je zou het science fiction kunnen noemen, maar alles zou nu of binnenkort kunnen gebeuren.

Ander nut van griezelverhalen: het voorspellen van de toekomst

Science fiction

Dat brengt me op een ander nut van griezelverhalen: het voorspellen van de toekomst. De verbeelding is de wetenschap vaak een paar stappen voor. Tonke Dragt schreef in 1982 in Ogen van de tijgers over de visifoon; een telefoon met een scherm zodat je iemand ook kunt zien. Dat was toen science fiction.

In Robotoorlog vormt de nieuwe technologie een bedreiging voor de maatschappij. Zullen de robots ons werkelijk kwaad doen? Hopelijk niet, maar het is goed om over na te denken. Vijfentwintig jaar geleden werkte geen bedrijf met internet en nu liggen na een cyberaanval ziekenhuizen, vervoersbedrijven en banken plat. Wie zit daarachter? Worden we te afhankelijk van computers en internet en geven we daardoor macht uit handen?

Ook worden we steeds meer omringd door 'slimme' apparaten. Als een zelfsturende auto mensen doodrijdt is de maker of de eigenaar dan verantwoordelijk? Fabrikanten van zelfsturende auto's zijn bezorgd dat de software gehackt kan worden, waardoor de auto makkelijk ingezet kan worden voor een terroristische aanslag.

Elk apparaat dat verbonden is met internet kan worden overgenomen

We kopen een apparaat, zonder precies te weten welke software erin zit. Denk maar aan de sjoemelsoftware. Elk apparaat dat verbonden is met internet kan worden overgenomen door gijzelsoftware. Een slimme thermostaat kan prima gebruikt worden om ons af te luisteren. Een moordenaar hoeft niet meer zelf met een mes je huis binnen te sluipen. Hij kan bijvoorbeeld je oven of je ijskast laten ontploffen en met de afstandbediening de rookmelder uitschakelen.

Het leger gebruikt robots om bommen te ontmantelen en bagage te dragen. Deze worden door mensen bestuurd, maar er zijn ook drones die zelfstandig een missie uitvoeren. Mag een robot geprogrammeerd worden om mensen te doden? Welke macht leggen we bij apparaten en bij degenen die ze ontwerpen en programeren?

Rian Visser is auteur van de kinderboekenserie Robotoorlog.