'Miljoenen mensen profiteren al van digitale betalingen en krediet', zegt Alok Kshirsagar, een McKinsey partner in Mumbai.
'Miljoenen mensen profiteren al van digitale betalingen en krediet', zegt Alok Kshirsagar, een McKinsey partner in Mumbai. © Reuters

In landen als India helpt de digitale revolutie de armen

In een wereld waarin data de nieuwe olie zijn, hebben China en India grote hoeveelheden gedigitaliseerde data gecreëerd waarmee hun vernieuwers allerlei handige toepassingen schrijven - voor nieuwe vormen van onderwijs, medische verzekeringen, vermaak, en bankieren. Ik werd vooral getroffen door een grote verandering in India. In 2009 liet de regering een nationaal digitaal identiteitssysteem bouwen, Aadhaar genoemd (Hindi voor 'basis').

Elke Indiër, rijk of arm, gaat naar een veldkantoor, laat vingerafdrukken nemen en een irisscan voor in de biometrische databank, waar deze informatie gekoppeld wordt aan het twaalfcijferige ID-nummer van elk individu. Het systeem kent inmiddels 1,18 miljard gebruikers (uit een totale bevolking van ongeveer 1,3 miljard).

Nu kunnen deze mensen een bankrekening openen en overheidssteun direct op hun rekening laten storten

In een land waar veel armen over geen enkel identiteitsbewijs beschikten, is dit een revolutie. Want nu kunnen deze mensen een bankrekening openen en overheidssteun direct op hun rekening laten storten, in plaats van dat bureaucraten of bankiers er 30 procent vanaf halen voordat ze het geld uitkeren. En hun bankrekening kunnen ze koppelen aan hun mobiele telefoon, waarmee ze geld kunnen opnemen en uitgeven.

De digitale platformen die nu meer dan een miljard gebruikers hebben, zoals Facebook, Google, en Whatsapp, komen allemaal uit de private sector. Aadhaar, aldus de Harvard Business Review, is het enige niet-Amerikaanse platform 'dat de drempel van een miljard gebruikers heeft genomen én het enige systeem dat is ontwikkeld vanuit de publieke sector'.

Miljoenen mensen profiteren al van digitale betalingen en krediet

'Het verandert de levens van gewone mensen', zegt Alok Kshirsagar, een McKinsey partner in Mumbai. 'Miljoenen mensen profiteren al van digitale betalingen en krediet. Er is al 30 procent productiviteitswinst wanneer digitale middelen gebruikt worden in landbouw, transport en maakindustrieën. We zitten in de vroege fase van een transformatie die een biljoen dollar economische waarde kan opleveren in de komende tien jaar.'

Er is een stichting gecreëerd, EkStep, om mobiele onderwijsapps te maken die ouders, onderwijzers en studenten via digitale middelen moet helpen sneller te leren. Zoals Shankar Maruwada, mede-oprichter en directeur van EkStep, zegt: in tegenstelling tot bijvoorbeeld Facebook, waarvan het zakelijke model erop gericht is 'je aandacht vast te houden', zijn EkStep, Adhaar en andere 'sociale platformen' erop gericht 'je handelingsvermogen te vergroten', vooral als je arm bent.

In India kun je rijk aan data worden voordat je economisch rijk wordt

Het Westen werd rijk 'voordat het rijk werd aan data', zegt Pramod Varma van EkStep. 'Dus toen data erbij kwamen, was dit simpelweg een manier om je beter dingen te kunnen verkopen. Ze konden je beter bereiken. Maar in een land als India, waar het inkomen per hoofd van de bevolking 2.000 dollar is, kun je rijk aan data worden voordat je economisch rijk wordt. Mensen kunnen hun data inzetten om betere leningen te krijgen en betere vaardigheden, en kunnen een digitale opslagruimte bouwen voor hun vaardigheden - om betere salarissen te krijgen.'

Thomas Friedman is columnist van The New York Times.