Hoe moet de krant berichten over zelfdoding?
©

Hoe moet de krant berichten over zelfdoding?

Deelredacties leken er hun eigen beleid op na te houden

De ombudsman behandelt vragen, klachten en opmerkingen over de inhoud van redactionele pagina's en journalistieke aanpak.

Ze had graag verteld hoe haar man een einde aan zijn leven had gemaakt, schreef Ditty Eimers vorige week in het katern Zaterdag. Om de 'gruwelijke realiteit, waartoe achterblijvers zich moeten verhouden' te tonen. Dat mocht niet: 'De richtlijnen van de Volkskrant staan niet toe dat je dit expliciet benoemt', had de chef van het katern haar laten weten.

Wie bang is geschokt te raken, moet zo'n stuk niet lezen. Bewust hebben we geen indringend beeld geplaatst, want daaraan kun je je moeilijk ontworstelen; tekst kun je overslaan

De chef van katern V

Lezers reageerden daarop, toen het katern V dinsdag een voorpublicatie afdrukte van een boek over de (impact van de) zelfdoding door een vrouw die met haar dochter en vijf honden voor een trein was gesprongen. Ze vielen het met naam en toenaam noemen van de twee vrouwen, over de 'lugubere', 'schokkende' of 'onprettig expliciete' details. In diezelfde categorie viel het 'best grimmige' beeld waarmee het stuk werd aangekondigd op de website.

Maar wat het meeste opviel, was het verschil in redactioneel beleid bij de verhalen. Zoals ook een redacteur zich afvroeg: 'Is er iets veranderd in de richtlijnen van de krant tussen zaterdag en dinsdag? Of gaat elke deelredactie haar eigen weg?'

Goede vraag. Het ontbreekt de redactie aan duidelijkheid. Enkele jaren geleden heeft de krant zich, na een artikel hierover van mijn voorganger, laten bijpraten door deskundigen: hoe onvoorstelbaar misschien ook, media-aandacht voor zelfdoding leidt tot nieuwe gevallen. Maar er bestaat geen interne gedragscode rond dit onderwerp. De chef van het zaterdagkatern dacht zich te beroepen op ongeschreven regels, die bepalen dat de krant niet wil aanzetten tot kopieergedrag door het vermelden van details. Overleg met mijn voorganger en de redactie Wetenschap steunde hem in dat idee.

De chef van V zegt zich niet te hebben gerealiseerd hoe gevoelig het thema voor sommigen ligt. 'Het goede van het stuk vond ik dat het een soort 360 graden-analyse was: niet alleen over het ongeluk, maar ook over de impact die de daad had op alle mensen in de trein, de machinist voorop. Die laatste groep spreekt er niet vaak over, dus dat was bijzonder.'

Details waren onontkoombaar; het waren er ook niet veel, volgens de chef. 'Wie bang is geschokt te raken, moet zo'n stuk niet lezen. Bewust hebben we geen indringend beeld geplaatst, want daaraan kun je je moeilijk ontworstelen; tekst kun je overslaan.'

Beide verhalen hadden overigens hetzelfde doel: aandacht vestigen op de gevolgen van een zelfdoding voor nabestaanden en betrokkenen. Goede zaak, maar het gebrek aan beleid wringt.

Schrijven we over 'zelfmoord', 'zelfdoding' of 'suïcide'?

Dat details over de daad, de dramatiek of zelfs 'romantiek' sommigen op ideeën brengt, blijkt uit onderzoek. De vraag is of de krant altijd iets te verwijten valt. Die moet misschien geen bijzondere methodes 'uitleggen', maar de methode van oorlogsmisdadiger Slobodan Praljak (een publieke daad door een publiek figuur) is om diverse redenen nieuws.

De vraag is welk doel het vermelden van details precies dient. Daar waar het voyeurisme wordt (bijvoorbeeld bij de dood van bekende Nederlanders), ligt de grens. Deze krant heeft bijvoorbeeld niet gemeld hoe Antonie Kamerling, Joost Zwagerman en Wim Brands om het leven zijn gekomen, dat zou geen enkel algemeen belang dienen.

De verhalen leidden ook tot herhaalde oproepen om er telefoonnummers van hulplijnen bij te vermelden. Sommige media doen dat al, de Volkskrant (nog) niet. Het lijkt de hoofdredactie nu een goed idee. Al is er ook aarzeling: 'Er zijn meer onderwerpen die pijn kunnen doen, daar zetten we ook geen nummer bij.' Moest er een nummer bij het nieuws over Praljak? Mij lijkt van niet. Het toont hoe lastig zo'n complex thema in regels valt te vatten.

Nog iets: schrijven we over 'zelfmoord', 'zelfdoding' of 'suïcide'? In de praktijk worden ze alle drie gebruikt. Het eerste is alledaags spraakgebruik, maar ligt gevoelig bij mensen die er ooit mee te maken hebben gehad. 'Zelfmoord' zou te negatief klinken, het suggereert daderschap en strafbaarheid. 'Zelfdoding' is neutraler, 'suïcide' is meer de taal van beleid en wetenschap. De adjunct-hoofdredacteur vindt dat de voorkeur zou moeten uitgaan naar 'zelfdoding'. Hij gaat dat vastleggen in het Stijlboek.

Dat er binnen de krant onduidelijkheid bestond, leidde tot meten met twee maten. Het is spijtig dat passages sommige lezers schokten, maar te voorkomen valt dat niet altijd. Interne regels kunnen onnodig leed voorkomen. Als terughoudendheid levens kan redden, zou dat voorop moeten staan. Maar al te strikte regels mogen de vrije behandeling van taboes niet belemmeren, ze moeten ruimte laten voor afweging per geval. Dat wordt nog een hele kluif.

Zo reikt de impact van twee zelfdodingen zelfs tot aan deze krant.

Een correctie gecorrigeerd:

Afgelopen dinsdag ontstond enige deining over een rectificatie inzake een gescheiden ingang voor mannen en vrouwen van de islamitische gebedsruimte van de Vrij Universiteit. Sommer had geschreven dat die bestaat. De VU twitterde zondag echter op vragen daarover: 'Nee hoor, denk dat Sommer voor de toiletingang stond ;)'. Geestig, maar het bracht Sommer tot zijn rectificatie (waarbij de redactie altijd vertrouwt op de auteur). Zijn rectificatie moet nu worden gecorrigeerd: de VU heeft een gescheiden islamitische gebedsruimte. Zoals Sommer al schreef.