Duel tussen Harriet Sott (Ierland) en Jill Roord (Nederland), 28 november 2017.
Duel tussen Harriet Sott (Ierland) en Jill Roord (Nederland), 28 november 2017. © ANP

Het vrouwenvoetbal leeft nu: de KNVB moet onze trots ook tot uitdrukking brengen in een financiële beloning

Geef de Oranjeleeuwinnen de ruimte om zich te ontwikkelen

De steenrijke voetbalbond moet onze internationals dezelfde mogelijkheden geven als de olympiërs.

Willem Vissers (27 november) gunt de speelsters van het Nederlands voetbalelftal, dat afgelopen zomer Europees kampioen werd, allemaal een miljoen. Of toch niet? Hij vindt dat ze meer verdienen dan ze nu krijgen, maar dat we vooral niet moeten overdrijven.

Het is volgens hem niet reëel om het geld dat bij de KNVB binnenkomt gelijk te verdelen. Daar valt inderdaad iets voor te zeggen, omdat het nu eenmaal realiteit is dat mannenvoetbal meer geld oplevert dan vrouwenvoetbal.

Financiële winst

Het is trouwens wel de vraag in hoeverre de financiële winst, zeker gezien het spel van de afgelopen twee jaar, aan de individuele spelers te danken is. Is het niet eerder de naam van het instituut 'Nederlands elftal' en de befaamde Hollandse School die zoveel geld trekken? En in hoeverre kan de selectie van de afgelopen drie jaar daar eigenlijk aanspraak op maken?

Zoals Vissers opmerkt loopt voetbal voor vrouwen 'jaren, misschien decennia achter', maar dat kun je de speelsters van het Nederlands elftal moeilijk aanrekenen. Bovendien is het, als we die achterstand tenminste willen inlopen, juist een uitstekend argument om nu eindelijk te investeren.

Bijverdienen

Het is een feit dat een deel van de EK-kampioenen niet kan leven van voetbal

Vissers wijst op de niveauverschillen tussen mannen- en vrouwenvoetbal, maar die doen er in deze kwestie weinig toe. De Oranjevrouwen zijn topsporters, die echt geen miljoenen eisen van de voetbalbond, maar zich wél volledig op hun sport willen kunnen toeleggen. En dat is gelukkig, ondanks onvermijdelijke niveauverschillen, ook voor vrouwelijke sporters reëel: Daphne Schippers weet een aardige boterham te verdienen met haar sport, terwijl ze de 100 meter toch echt altijd een paar seconden langzamer zal afleggen dan Usain Bolt. Natuurlijk verdient Bolt een veelvoud, maar Schippers hoeft zich, vooral dankzij lucratieve sponsorcontracten, na de training niet naar een sportschoenenwinkel te haasten om bij te verdienen.

Het is een feit dat een deel van de EK-kampioenen niet kan leven van voetbal. Vissers wijst op andere sporten waarin weinig verdiend wordt, zoals hockey en volleybal, maar vergeet daarbij te vermelden dat het NOCNSF succesvolle olympische sporters uitkomst biedt. Deze atleten met de zogenoemde A-status ontvangen een stipendium waar ze weliswaar niet rijk van worden, maar dat hun wel de gelegenheid geeft om zich volledig op de sport te richten.

Financiële speelruimte

De steenrijke KNVB - de omzet was in 2016/2017 105 miljoen euro, over de afgelopen twee jaar werd 5 miljoen euro winst geboekt - zou de voetbalsters met gemak een soortgelijk stipendium kunnen aanbieden. Aangezien de meeste speelsters wel iets verdienen bij hun clubs en via sponsordeals, zou het niet eens om een heel hoog bedrag hoeven te gaan om een leefbaar inkomen te garanderen.

Een investering van drie ton - gemiddeld circa 15 duizend euro per speelster per jaar - zou misschien al het verschil kunnen maken tussen semi- en fullprofs. Dat komt neer op minder dan 0,3 procent van de totale omzet. In 2016/2017 gaf de bond alleen al aan salarissen 32,8 miljoen euro uit: negen ton meer dan er oorspronkelijk begroot was, dus er is duidelijk geen gebrek aan financiële speelruimte.

Er is duidelijk geen gebrek aan financiële speelruimte

Trots en dankbaarheid

Het vrouwenvoetbal leeft nu in Nederland: de vrouwen van het EK hebben ons land het afgelopen jaar meer plezier gegeven dan de mannen sinds het WK van 2014. Het is hoog tijd dat de KNVB onze trots en dankbaarheid ook tot uitdrukking brengt in de financiële beloning. De vrouwen van Oranje hoeven echt geen miljoenen van de KNVB, maar wel een bestaansminimum, zoals het olympisch stipendium. Geef de Oranjeleeuwinnen de ruimte om zich te ontwikkelen en zo de sport verder te laten groeien, dan zorgen ze in de toekomst zelf wel voor die miljoenendeals met clubs en sponsoren.