Scholieren in het Rijksmuseum te Amsterdam, 28 september.
Scholieren in het Rijksmuseum te Amsterdam, 28 september. © Marcel Wogram

Geschiedenis is geen anker, maar juist een caleidoscoop - het huidige kabinet beseft dit nog niet

Onverantwoord dat het kabinet zich bemoeit met de lesinhoud van cultuurvakken als geschiedenis, betoogt Leonieke Vermeer.

'Vertrouwen in de toekomst', luidt de titel van het regeerakkoord. Als we afgaan op de cultuurparagraaf had het beter 'Verlangen naar de goede oude tijd' kunnen heten. Een tijd van 'waarden waar we trots op zijn', zoals gelijkwaardigheid, tolerantie, scheiding van kerk en staat, en kunnen kiezen 'welk geloof je wilt belijden, of om niet te geloven'. Dit zijn 'de ankers van de Nederlandse identiteit in tijden van globalisering en onzekerheid'. Om die ankers nog steviger te verankeren, moeten kinderen het Wilhelmus leren en naar het Rijksmuseum. Historici zijn tot nu toe wat stil gebleven in de discussie hierover.

Waarom mag de politiek zich wel met de lesinhouden van cultuurvakken als geschiedenis bemoeien en niet met die van bijvoorbeeld natuurkunde? Het antwoord staat expliciet in het regeerakkoord. Omdat we 'trots' zijn op 'die historie en waarden'. Het zijn de 'ankers van de Nederlandse identiteit in tijden van globalisering en onzekerheid'. Geschiedenis krijgt hiermee dus een instrumentele waarde. Het bakent een 'wij' af tegen een 'zij', een nostalgisch, naar binnen gekeerd Nederland tegen die grote, boze buitenwereld.

Zowel het Rijksmuseum als het Wilhelmus toont juist de verbondenheid van Nederland met de rest van de wereld. Het Rijksmuseum laat dit ook steeds meer zien, zoals onlangs met de tentoonstelling over Zuid-Afrika en de aangekondigde tentoonstelling over slavernij. En het Wilhelmus is het lied van Willem van Oranje die van 'Duitsen bloed' was, aan het hof in Brussel werd opgevoed, vooral Frans sprak en die 'onverveerd' in opstand kwam tegen zijn Spaanse leenheer, maar hem ondertussen wel altijd had geëerd. Nederlandse geschiedenis is wereldgeschiedenis.

Die 'ankers van de Nederlandse identiteit' zijn niet zo rotsvast als ze lijken in het regeerakkoord

Naast de internationale context, die onontbeerlijk is voor een goed begrip van 'de ankers van de Nederlandse identiteit', is ook een gedegen besef van de veranderlijkheid hiervan noodzakelijk. De tekst van het Wilhelmus is meerdere malen aangepast. De opvolgers van Willem van Oranje kregen geactualiseerde versies al naar gelang de politieke situatie waarin de Republiek zich bevond. Bovendien was het Wilhelmus lange tijd helemaal niet het volkslied. In 1815, toen de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden werden samengevoegd tot het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, moest er een nieuw volkslied komen. Het Zuiden zag het Wilhelmus als een orangistisch en protestants partijlied. Na een prijsvraag werd Wien Neerlandsch bloed van de dichter Hendrik Tollens gekozen als het volkslied, met een tekst die het bij hedendaags (extreem) rechts niet slecht zou doen: 'Wien Neêrlandsch bloed in de aders vloeit,/ Van vreemde smetten vrij'. Dit lied werd pas in 1932 vervangen door het Wilhelmus als officieel volkslied.

Die 'ankers van de Nederlandse identiteit' zijn dus niet zo rotsvast als ze lijken in het regeerakkoord. De 'Vader des Vaderlands' had zijn roots buiten de Nederlandse gewesten, van scheiding van kerk en staat was nog geen sprake - 'God zal mij regeren' luidt het in het tweede couplet - en in de 'Blut und Boden'-versie van Tollens is tolerantie ver te zoeken. Maar, zo zou je kunnen tegenwerpen bij deze scepsis, als je deze historische context erbij vertelt in het onderwijs is er toch niets kwalijks aan de hand?

In een modern, democratisch land faciliteert de regering goed onderwijs maar bemoeit zich niet met de inhoud van cultuur- en geschiedenisonderwijs

Toch wel. Geschiedenis is geen anker, maar eerder een caleidoscoop. Geschiedenis is meerduidig en veranderlijk. Maar dit historisch besef is niet doorgedrongen tot dit kabinet met nota bene vier historici erin. Laat docenten zelf uit het rijke cultuuraanbod een weloverwogen keuze maken die past in het curriculum van het vak geschiedenis en andere cultuurvakken waar zij over gaan.

In een modern, democratisch land faciliteert de regering goed onderwijs, betaalt behoorlijke salarissen aan leraren, maar bemoeit zich niet met de inhoud van cultuur- en geschiedenisonderwijs door dit te gebruiken voor een oneigenlijk, nationalistisch doel. Dat is namelijk een hellend vlak. Wie weet wordt in het volgende regeerakkoord wel voorgeschreven dat kinderen niet alleen het Wilhelmus moeten leren, maar het ook elke schooldag moeten zingen - zoals Sybrand Buma aanvankelijk bepleitte - inclusief een vlagritueel en een oranje kokarde op de hoed.

Leonieke Vermeer is universitair docent geschiedenis aan de RU Groningen.