Generaal-majoor Richard Oppelaar (l) en Hans Leijtens (r) tijdens een persconferentie over de situatie op Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba.
Generaal-majoor Richard Oppelaar (l) en Hans Leijtens (r) tijdens een persconferentie over de situatie op Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba. © ANP

Gelijkwaardig koninkrijk moet het doel zijn van wederopbouw Sint Maarten

Nederlandse overheid moet stoppen met eenzijdig beleid

Angst, chaos en onzekerheid beheersen het huidige (over)leven van de mensen die achterblijven op Sint Maarten. Met hulp van Nederlandse mariniers, Curaçaose en Arubaanse politiemensen en de buurman en -vrouw wordt er begonnen aan een enorme schoonmaak. Door Nederlandse politici is echter nu al bepaald hoe de lange termijn wederopbouw van Sint Maarten gecoördineerd gaat worden. En belangrijker nog: door wie. Tekenend en vooral een gemiste kans. De wederopbouw van Sint Maarten kan juist als momentum dienen om eindelijk aan gelijkwaardige relaties in het Koninkrijk te werken.

De plannen die de Nederlandse overheid heeft voor de wederopbouw van Sint Maarten bevestigen de ongelijkheid die ons koninkrijk nog altijd kenmerkt. Zondag werd bekend dat ex-commandant van de Koninklijke Marechaussee en voormalig directeur van de Belastingdienst, Hans Leijtens, een vanuit Nederland opgezet projectteam gaat aansturen om de wederopbouw van Sint Maarten in goede banen te leiden. Maar wat maakt Leijtens geschikt voor deze functie? En wie bepaalt dat?

Als antwoord op de laatste vraag zei premier Mark Rutte zondag dat het initiatief voor het projectplan zonder overleg met de autoriteiten van Sint Maarten tot stand is gekomen, omdat er nog geen communicatie mogelijk was. 'Maar', vulde hij aan, 'ik kan me niet voorstellen dat er bezwaar tegen bestaat.'

Ruttes uitspraak is bevestigend voor de hooghartige en onverschillige houding van de Nederlandse overheid

Een opmerkelijke uitspraak. De afgelopen decennia, en zeker sinds 10 oktober 2010, toen Sint Maarten een autonome status kreeg binnen het Koninkrijk der Nederlanden, groeit onder mensen op Sint Maarten juist de ergernis over de bemoeienis van Nederland. Ergernis over wat Nederland doet op het eiland, hoewel velen ook wel zien dat lokale politici niet altijd het beste met hen voor hebben, maar vooral ook over hoe Nederland zaken aanpakt: eenzijdig en zonder kennis en rekenschap van het leven op Sint Maarten. En zonder erkenning van de voortdurende invloed van de koloniale geschiedenis op relaties binnen het koninkrijk.

Ruttes uitspraak dat hij zich niet kan voorstellen dat er op Sint Maarten bezwaren tegen zijn plannen zouden bestaan is dus niet alleen opmerkelijk, maar ook pijnlijk bevestigend voor de vaak hooghartige en onverschillige houding van de Nederlandse overheid jegens Sint Maarten.

Leijtens' benoeming als hoofd van het wederopbouw-projectteam vormt op deze houding geen uitzondering. Begin dit jaar, toen Leijtens als falend directeur de Belastingdienst verliet en onmiddellijk een nieuwe functie kreeg als kwartiermaker van de - overigens ook zonder overleg door Nederland opgezette - integriteitskamer op Sint Maarten, werd het beeld dat de eilanden kennelijk als afvoerputje voor falende topambtenaren fungeren voor velen bevestigd. Los van de kwaliteiten van de heer Leijtens is het onvoorstelbaar dat Nederland juist hem kiest als trekker voor de langetermijnopbouw van Sint Maarten. Hij is daar immers al verantwoordelijk voor de heftig bediscussieerde corruptiebestrijding.

De houding van de Nederlandse overheid benadrukt enkel de ongelijke relaties uit het verleden

Onvoorstelbaar, maar vooral ook denigrerend. Deze houding van de Nederlandse overheid benadrukt enkel de ongelijke relaties uit het verleden. Terwijl dit moment van schoonmaken en opbouwen met mensen uit het gehele koninkrijk juist een kans is om elkaar beter en wederzijds te leren kennen. Vanuit daar kan dan ook worden gebouwd aan een nieuw, gelijkwaardig koninkrijk.

Jordi Halfman promoveert als antropologe aan de Universiteit van Amsterdam binnen de onderzoeksgroep Imagining the nation in the classroom. Zij doet onderzoek naar onderwijs op Sint Maarten.

Sanne Rotmeijer promoveert aan het Royal Netherlands Institute of Southeast Asian and Caribbean Studies (KITLV) en de Universiteit Leiden binnen het onderzoeksproject Confronting Caribbean Challenges. Zij doet onderzoek naar nieuwsmedia op Sint Maarten en Curaçao.