Standbeeld van Van Heutsz op landgoed Bronbeek, tehuis voor oud-militairen.
Standbeeld van Van Heutsz op landgoed Bronbeek, tehuis voor oud-militairen. © Hollandse Hoogte / Luuk van der Lee Fotografie

Een blijvende morele verantwoordelijkheid stelt vragen over de koloniale tijd

De historische werkelijkheid is ingewikkelder dan de tweedeling held of schurk, goed of fout.

In 2017 is het negentig jaar geleden dat oud gouverneur-generaal J.B. van Heutsz (1851-1924) een staatsbegrafenis kreeg. Met die zeldzame eer werd hij drie jaar na zijn dood verheven tot nationale held. Nu geldt hij als de foute koloniaal bij uitstek. Waarom gaat Nederland zo krampachtig om met koloniale helden?

Coen, Daendels en Van Heutsz zijn drie gevelbeelden van het Amsterdamse Gemeentearchief aan de Vijzelstraat, waar ooit het hoofdkantoor van de Nederlandsche Handel-Maatschappij was gevestigd. Je moet ver omhoog kijken om iets te zien en daar ligt het vermoedelijk aan dat ze gespaard zijn gebleven voor de huidige wegmaakwoede. Een gevaarlijke woede. Verdrongen geschiedenis wordt snel vergeten geschiedenis, en die kan als een boemerang terugkeren.

De staatsbegrafenis van 1927 resulteerde in een nationale Van Heutsz-hype

Van alle koloniale helden - degenen die toen als zodanig werden vereerd en gedecoreerd - ligt Van Heutsz het dichtste bij onze tijd. Enkele generaties geleden werden voor hem grote en kostbare standbeelden opgericht, van zijn geboorteplaats Coevorden tot in het toenmalige Batavia toe. De staatsbegrafenis van 1927 resulteerde in een nationale Van Heutsz-hype, vergelijkbaar met de begrafenis van prinses Diana, en in het mausoleum dat tot op de dag van vandaag op de Oosterbegraafplaats staat. Ondanks de toenmalige kritiek domineerde de verering. De monumenten waren tekenen van bewondering, onder meer betaald door landelijke geldinzamelingsacties met steun van de elite en het vorstenhuis. Het waren tekenen van waardering voor hetgeen Van Heutsz tot stand had gebracht, op zijn manier en met zijn methoden. Die waren bepaald niet wat wij nu wenselijk en prettig vinden.

Maar kan een koloniale oorlog, zoals Van Heutsz die namens de Nederlandse regering voerde, wél wenselijk en prettig zijn? Is het denkbaar dat er ook onder Van Heutsz in de kolonie goede zaken tot stand werden gebracht? Hij dwong het proces van staatsvorming af - een belangrijke factor bij het ontstaan van Indonesië.

Wanneer we alleen twee opties vasthouden, blijven we in de kramp van het huidige verguizen hangen

Wanneer de tijd rijp is om naar de dekolonisatie-oorlog te kijken, dan is het moment ook gekomen om naar de kolonisatie te kijken.

Juist door Van Heutsz kunnen we zien we dat de historische werkelijkheid ingewikkelder is dan de tweedeling held of schurk, goed of fout, vereren of verachten. Wanneer we alleen twee opties vasthouden, blijven we in de kramp van het huidige verguizen hangen. Dat is morele zelfbevrediging - meer niet. Een blijvende morele verantwoordelijkheid stelt vragen naar het hoe en waarom van de koloniale tijd en eist dat in het Nederlandse zelfbeeld het besef plaatskrijgt dat 'wij' de kolonisator waren. Niet de anderen, van wie namen en standbeelden vergeten en verdrongen moeten worden.

Wij waren het. Toen.

Vilan van de Loo is associated fellow bij het KITLV en werkt aan een biografie Van Heutsz.