Akkerland en windmolens in Flevoland.
Akkerland en windmolens in Flevoland. © ANP

Denk bij energietransitie aan de lagere inkomens

De transitie naar duurzame vormen van energie treft lage inkomensgroepen onevenredig hard.

Ik geef regelmatig adviezen en trainingen aan landen in Afrika en Azië over de ontwikkeling van hun nationale elektriciteit- en gasmarkten. Een van de onderwerpen die dan steeds weer ter tafel komt is de hoogte van het te betalen elektriciteitstarief door de huishoudens.

Recent was ik in Pakistan en Bangladesh waar de hoogte van het tarief voor de huishoudens vaak een politiek issue is om de simpele reden dat de politici graag herkozen willen worden en een te hoog tarief hierbij zeker niet helpt.

Al deze ontwikkelingslanden hebben sowieso de enorme uitdaging om zoveel mogelijk burgers toegang tot elektriciteit te geven. Over de gehele wereld hebben een kleine miljard mensen geen elektriciteit. Het is een feit dat hoe meer mensen toegang hebben tot elektriciteit, des te hoger de economische groeikansen voor het gehele land zijn.

In de ogen van de meeste politici uit ontwikkelingslanden is de enige manier om de tarieven betaalbaar te houden deze te subsidiëren. Helaas komen deze subsidies vaak ten goede aan de hogere en middengroepen en niet aan de groep waar ze nu juist voor bedoeld zijn: de mensen met de laagste inkomens.

In Duitsland worden jaarlijks 300 duizend huishoudens afgesloten

Vaak wordt mij tijdens dergelijke sessies gevraagd hoe dit in Europa geregeld is en dan vertel ik ze dat wij een geheel vrijgegeven markt hebben waar je als consument je leverancier kunt kiezen. Tot een paar jaar geleden kon ik daarbij vertellen dat het systeem uitstekend leek te functioneren. Nu ben ik daar niet meer zo zeker van.

Laten we eens naar Duitsland kijken. Vaak gezien als de voorloper van de energie transitie en een succesverhaal. Maar is dat wel zo? Sinds 2011, toen de energietransitie begon, worden in dit rijke, welvarende land jaarlijks rond de 300 duizend huishoudens afgesloten simpelweg omdat ze hun rekening niet meer kunnen betalen.

Daarnaast hebben miljoenen klanten de grootste moeite hun energierekening te betalen. De reden is dat om de energietransitie te financieren de vaste bedragen als onderdeel van het energietarief meer dan verdrievoudigd zijn. Terwijl de prijs die de producenten voor de door hun geproduceerde elektriciteit juist sterk gedaald is.

Nu Nederland aan zijn grote inhaalslag is begonnen om aan de doelstellingen van het Klimaatverdrag van Parijs te voldoen, blijkt uit een recent onderzoek van CE Delft dat de transitie naar meer duurzame energie de burger ook bij ons drie keer zo veel gaat kosten.

De vraag is: hoe laat je mensen met een laag inkomen toegang tot elektriciteit behouden?

Nog veel erger is dat met name de lagere inkomens onevenredig hard getroffen gaan worden, omdat zij een veel groter deel van hun inkomen aan het betalen van hun energierekening kwijt zijn. Zullen we hierdoor in Nederland ook meer afsluitingen gaan zien?

In feite betekent dit dat we voor hetzelfde dilemma staan als de ontwikkelingslanden: hoe mensen met een laag inkomen toch toegang tot elektriciteit te laten behouden?

Het lijkt een discussie met grote overeenkomsten zoals die in Nederland wordt gevoerd over de verzorgingshuizen: kunnen wij het als een van de welvarendste landen in de wereld maken om de minst vermogende mensen onder het marktdenken te laten lijden? Of zijn er aanvullende maatregelen mogelijk om iedereen toegang tot elektriciteit en gas te garanderen?

Wellicht iets waar tijdens de kabinetsformatie over nagedacht kan worden.

Kasper Walet is oprichter en hoofd van Maycroft.