Daan van Schalkwijk is universitair docent te Amsterdam.
Daan van Schalkwijk is universitair docent te Amsterdam. ©

Bescherm ons tegen de levenseindebegeleider

Met iemand die regelmatig mensen de dood in helpt, kun je geen vertrouwensrelatie aangaan.

In zijn reactie op René Cuperus, betoogde Daniel Boomsma dat D66 genuanceerd nadenkt over levenseindebegeleiding. In het voorstel van Pia Dijkstra is gezocht naar een balans, waarbij de wens om een waardig levenseinde altijd in verbondenheid met anderen moet worden gezien. Autonomie en zelfbeschikking zijn daar geen 'absolute' maar 'relationele' begrippen, in D66-taal heet dat vrijheid in verbondenheid. Uitgangspunten van de speciaal opgeleide levenseindebegeleider dienen zelfbeschikking, bescherming en zorgvuldigheid te zijn, volgens Boomsma.

Nu verheugt het mij zeer dat D66-denkers autonomie en zelfbeschikking niet 'absoluut' maar 'relationeel' willen opvatten. Dit is een zeer menselijk uitgangspunt: bij de opvoeding van een kind gaat het erom dat het kind stevig in de schoenen leert te staan. Dat is geen einddoel, maar een stap op weg naar het kunnen aangaan van betekenisvolle relaties met andere personen. In klassiekers van de managementliteratuur wordt gesproken over een soortgelijke ontwikkeling. Stephen Covey heeft het bijvoorbeeld over de ontwikkeling van afhankelijkheid, via onafhankelijkheid, naar wederzijdse afhankelijkheid. Dus autonomie is geen einddoel, maar richt zich ergens op, bijvoorbeeld op het aangaan van betekenisvolle relaties. Relaties die als ze goed zijn, ook liefdevol zijn. Dat wil zeggen: gericht op het welzijn van de ander.

Dus autonomie is geen einddoel, maar richt zich ergens op, bijvoorbeeld op het aangaan van betekenisvolle relaties.

'Voltooid leven' wil de figuur van de levenseindebegeleider introduceren. Dat wil zeggen een persoon die betaald wordt om mensen te helpen hun leven te beëindigen, maar dan wel op een 'beschermde' en 'zorgvuldige' manier. Wat ik me afvraag is: wat voor bescherming kun je verwachten van iemand die dagelijks levens helpt beëindigen? Voelt dat nou als een vertrouwde relatie? Moeten we willen dat zo iemand naast ons sterfbed kan staan?

Het einde van het leven is een heel kwetsbare periode. Je kunt het vergelijken met iemand die voor het eerst in de kabelbaan zit, die ook nog eens naar de top van een steile berg gaat. Voor aankomst bij de top, wordt de nieuweling al snel zenuwachtig of angstig: lukt het om veilig uit te stappen, helemaal als je lastige ski's bij je hebt? Als de angst groot wordt, kan er zelfs een irrationele neiging ontstaan om alvast uit de cabine te stappen, voordat de top bereikt is. Als iemand dat doet, loopt het natuurlijk zeker slecht af.

Dus als D66 autonomie in een relationeel kader wil opvatten, dan juich ik dat van harte toe

Als er dan een vertrouwd persoon is om iemand ter zijde te staan, dan zal de angstige persoon gekalmeerd kunnen worden en loopt alles goed af. Maar wat als die begeleidingspersoon iemand is die regelmatig tegen mensen zegt: o, u wilt uitstappen? Geen probleem, ik zal even overleggen met mijn collega die dit ook vaker doet, en dan help ik u de afgrond in. Is dat iemand met wie ik een goede relatie kan opbouwen en die ik kan vertrouwen? Wat mij betreft zouden dit soort mensen niet eens mogen worden toegelaten in kabelbanen!

Dus als D66 autonomie in een relationeel kader wil opvatten, dan juich ik dat van harte toe. Maar met een levenseindebegeleider die mensen regelmatig de dood in helpt, kan niemand een vertrouwensrelatie aangaan. Ik stel voor dat we elke Nederlander bij wet tegen dit soort mensen beschermen.