Bericht van mijn moeder aan alle zwarte kinderen: 'Laat je door niemand vertellen wat je wel of niet kan'
©

Bericht van mijn moeder aan alle zwarte kinderen: 'Laat je door niemand vertellen wat je wel of niet kan'

'Ik heb zo met Zijlstra te doen', zegt mijn moeder. 'Natuurlijk, het was oerdom wat hij deed en eerlijk gezegd mocht ik hem niet zo, maar als je hem zo in tranen ziet, denk je toch: arm kind.' Ik spiegel de actualiteit graag aan haar milde wijsheid.

Zo ook het hernieuwde debat over IQ en ras, dat in haar lange leven - ze is 89 - ook zo vaak een rol speelde. 'Ja, dat is een Hindoestaanse jongen hè, van dat IQ. Jammer hoor. Ergens haalt hij ook zichzelf naar beneden. Maar het verrast me niet, want ik herlees nu toevallig net De Parel in de Kroon. Dan besef je hoe bepalend huidskleur was in India, zowel met die kasten als in de koloniale tijd. En in Suriname zijn ze ook altijd met ras en kleur bezig. De Hindoestanen, die op de creolen neerkijken, maar de creolen zelf evengoed. Het was altijd: hoe lichter, hoe beter en eigenlijk is dat nog steeds zo.'

Zelf moest ze meteen aan Meester Bos denken. In de derde, toen ze 8 was, kwam ze bij hem in de klas, op de gereformeerde Savornin Lohmanschool in Scheveningen. 'Een imposante, intimiderende man. Altijd in een zwart pak, altijd een frons, vooral naar mij. Doodsbang was ik voor hem.'

Mama was als gekleurd meisje een curiositeit in het Scheveningen van de jaren dertig. Als baby was zij, het biologische kind van een Friese jonge vrouw en een Afro-Amerikaanse jazzmuzikant die in het Haagse uitgaansleven van de roaring twenties een onwaarschijnlijke romance hadden beleefd, geadopteerd door mijn streng gereformeerde grootouders, een verplegersechtpaar. Ze was gewend mikpunt te zijn van scheldpartijen. 'Het was altijd poepnikker en zo.'

Meester Bos had haar vader koeltjes medegedeeld dat het geen zin had zijn dochter les te geven omdat dit ras toch niet kon leren

De eerste jaren was ze op school een eenling geweest, maar ze had het met haar juffen goed kunnen vinden en was een van de besten. Maar Meester Bos had haar vader bij zich ontboden en hem koeltjes medegedeeld dat het geen zin had zijn dochter les te geven omdat dit ras toch niet kon leren. Toen mijn grootvader, die veel ontzag had voor de meester, dat ontdaan aan mijn grootmoeder vertelde, had mijn moeder dat stiekem gehoord. Haar vader had nog ingebracht dat ze altijd mooie rapporten had thuisgebracht, maar Meester Bos was onverbiddelijk.

Het effect was groot. Het schrijven, dat met haar leesplankje zo goed op gang was gekomen - Aap, Noot, Mies - lukte ineens niet meer. Want Meester Bos zou vast gelijk hebben. 'Afgezien van het feit dat hij mij dom vond, speelde bij hem ongetwijfeld ook nog dat zwarte mensen volgens de Bijbel vervloekt waren omdat we afstamden van Cham.'

Dat moest ik even opzoeken. Noach, volgens het jodendom, het christendom en de islam stamvader van de mensheid, vervloekt in Genesis zijn zoon Cham nadat die hem bespot heeft toen hij zijn vader naakt in een tent zag liggen. Cham en diens nakomelingen krijgen door de vloek een zwarte huid en zijn bovendien tot eeuwige dienstbaarheid aan diens broers veroordeeld. Het was eeuwenlang de religieuze rechtvaardigingsgrond voor slavernij. Godzijdank is er wel theologisch debat over.

's Avonds belt ze terug. Ze heeft haar rapport van Meester Bos gevonden, uit 1936. 'Toch nog zevens voor rekenen en taal hoor. Maar de jaren ervoor had ik negens en het jaar erna ook weer. Dat ik toch geen vieren haalde, bewees voor Meester Bos natuurlijk dat ik de uitzondering op de regel was, wat ongetwijfeld kwam omdat ik door blanke ouders werd opgevoed. Of zeg jij nu weer witte?'

'Laat je door niemand vertellen wat je wel of niet kan, maar wees nieuwsgierig en doe je best. En ook als iets niet lukt: je bent waardevol'

In tegenstelling tot de leraren in de rapporten van haar andere klassen heeft Meester Bos helemaal geen absentie ingevuld, terwijl ze veel ziek was dat jaar. 'Ongeïnteresseerd', oordeelt ze, met een verontwaardiging als zou ze er alsnog een klacht over willen indienen bij de schoolleiding.

Dit debat zal altijd wel weer de kop opsteken, verzucht mijn moeder. Ze hoopt alleen niet dat de zwarte jongens en meisjes die nu in Nederland op school zitten zich er te veel aan gelegen laten liggen. Want ze verinnerlijken het vooroordeel, verliezen alle motivatie en voor je het weet bevestigen ze het, naar de buitenwereld en voor zichzelf. 'Ik wil ze op het hart drukken: laat je door niemand vertellen wat je wel of niet kan, maar wees nieuwsgierig en doe je best. En ook als iets niet lukt: je bent waardevol.'