Zwijgende schrijvers

WAT gebeurt er om ons heen?..

In Duitsland gingen zo'n twintig afgevaardigden van de kunsten en de wetenschap, onder wie de schrijvers Günter Grass en Christa Wolf, bij bondskanselier Schröder op bezoek om twee uur lang met hem te debatteren over de Duitse afwijzing van een oorlog tegen Irak. Blijkens een verslag van Der Spiegel had de bijeenkomst meer het karakter van een interventie dan van een beleefdheidsbezoek met kopje thee, want de bondskanselier werd stevig aangepakt om verantwoording af te leggen over de hardheid van het Duitse neen.

Günter Grass is in talrijke gremia actief om zijn verzet tegen een oorlog uit te dragen. Hij doet wat Umberto Eco en Claudio Magris in Italië doen, samen met vele andere schrijvers, terwijl hun landgenote Oriana Fallaci vanuit New York met enige regelmaat waarschuwt dat ieder uitstel van een oorlog fataal kan zijn.

In tegenstelling tot het Franse schrijversgilde, dat zich in afwijking van een lange schrijverstraditie (Algerije, Vietnam, Kosovo) tot nu toe betrekkelijk rustig heeft gehouden, nemen Britse schrijvers als Harold Pinter en Frederick Forsyth uitdrukkelijk afstand van Bush en Blair. The Irish Times publiceerde een door 41 schrijvers ondertekende anti-oorlogbrief, de hoogbejaarde Amerikaanse schrijver Arthur Miller protesteerde deze week bij Newsnight (BBC) tegen oorlog, en op de website openDemocracy (www.opendemocracy.net) zijn verzetsteksten te lezen van onder anderen John Le Carré, Roger Scruton, Salman Rushdie, Günter Grass, Ian McEwan en Ben Okri.

Wat doen Nederlandse schrijvers?

Weinig tot niets.

Laten we het nog eens over Kosovo hebben.

Vier jaar geleden werd in de kunstbijlage van de Volkskrant de vraag gesteld waarom Nederlandse schrijvers en intellectuelen in tegenstelling tot veel van hun buitenlandse collega's bleven zwijgen in debatten over het drama dat zich in Kosovo voltrok. Marcel Möring zei: 'Ik zou niet weten wat ik over Kosovo moet zeggen. Ik ben er ook niet geweest. Wat zou ik als schrijver meer kunnen melden dan mijn overbuurman?' Een aantal schrijvers en columnisten reageerde snel en fel en noemde het artikel een 'ergerlijk, betuttelend krantestuk' tot 'dom, pretentieus Balie-gezeik'.

Kosovo is geen Irak. Maar toch. Louis Ferron, schrijver, hoe zou het toch komen dat Nederlandse schrijvers zich in discussies over Irak afzijdig houden? 'Misschien heeft het met de gecompliceerdheid van de kwestie te maken. Dat geldt althans voor mij. Het is erg moeilijk je er een mening over te vormen. Enerzijds vraag je je af: is dit een oorlog waard? Aan de andere kant wil je natuurlijk wel die enge Saddam daar weg hebben. Maar misschien willen Nederlandse schrijvers hun vingers niet aan deze kwestie branden. Ik kan me nog herinneren dat tijdens de Balkan-oorlog de schrijver Peter Handke zich onomwonden uitsprak voor de Serviërs, nou zeg, wat die toen niet een bakken vuil over zich heen heeft gekregen.

'Het hoeft geen gebrek aan engagement te zijn, maar schrijvers hoeven natuurlijk ook weer niet in directe lijn een opvatting te bezigen over kwesties als deze. Zo'n moreel appèl dat Karel Glastra van Loon enkele jaren geleden op schrijvers deed om zich te laten horen, daar ben ik het ook niet mee eens.'

Karel Glastra van Loon, schrijver: 'Een paar maanden geleden is Abdelkader Benali een discussie begonnen in Vrij Nederland over het beeld dat Nederlanders van zichzelf hebben en wat je er als allochtoon voor moet doen om zo'n Nederlander te worden. En hij riep schrijvers op: waarom schrijven jullie daar niet over? Daar kwamen twee reacties van schrijvers op: van Robert Anker en Louis Ferron, en die waren zo negatief. Het kwam er eigenlijk op neer dat de timmerman op de hoek daar al een mening over had, dus waarom moest een schrijver daar zonodig over schrijven? Dat is typisch iets voor Nederlandse schrijvers. Terwijl het toch vaak schrijvers zijn die zich verdiepen in de menselijke psyche, in kwesties van goed en kwaad, en die daar beter over kunnen schrijven dan de kapper. Het is een gebrek aan opvatting over wat je eigenlijk als je burgerplicht zou moeten beschouwen, namelijk dat je als schrijver een rol kunt vervullen in publieke discussies - ook als je twijfelt, bijvoorbeeld in het geval van Irak, want ook dan kun je daar toch over schrijven? Wat een goed schrijver vermag, is dat hij opschrijft waarvan anderen denken: ja, zo heb ik het ook altijd gevoeld. Maar kennelijk werkt dat in Nederland niet zo. Het is ook een afkeer van het publieke debat die schrijvers volgens mij hebben. Ook dat is misschien wel typisch Nederlands.'

Typisch Nederlands? 'Ja, een typisch Nederlands verschijnsel', vindt ook Iraans politiek vluchteling en schrijver Kader Abdolah. 'Nederlandse schrijvers bemoeien zich nooit met dit soort discussies, helaas. In het geval van Irak is de twijfel groot en daarom durven de meeste Nederlandse schrijvers zich daar niet over uit te laten, omdat ze bang zijn dat ze naderhand gestraft zullen worden als blijkt dat ze het mis hebben gehad. Ik vind dat jammer. Ik voel me als een vreemdeling in dit gezelschap. Leon de Winter en Joost Zwagerman doen het wel, maar dat zijn uitzonderingen. Ik vind: als je je als schrijver niet in dit soort discussies mengt, dan blijf je het amusement van de samenleving, een soort cabaretier. De tijden zijn veranderd, de samenleving vráágt om een mening. En schrijvers nemen een bijzondere positie in. Ik denk dat schrijvers niet voor niets hun talent hebben gekregen. De natuur heeft hun de pen gegeven. En dan moet je die gebruiken. De literatuur kan drie hoofden boven de politiek staan, een schrijver kan harde en duidelijke uitspraken doen. En naar het woord van de schrijver wordt geluisterd.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden