Zwervers in de zorg

Al een half miljoen Nederlanders moeten het zonder huisarts stellen. Ze leuren met zichzelf, maar vinden geen onderdak in een praktijk....

DE afgelopen maanden belde Barbara Roberti twintig huisartsen in Zaandam en omgeving met het verzoek of ze haar en haar achttien maanden oude dochter wilden inschrijven als patiënt. Ze werd overal geweigerd. Ze vroeg of ze dan tenminste op de wachtlijst mocht. Kon ook niet. 'Moet ik dan iedere maand alle dokters gaan bellen of ze een plek vrij hebben?', vraagt ze zich af.

Ze heeft geluk, met een vader die bedrijfsarts is; prangende medische zaken kan ze aan hem voorleggen. Ideaal is de situatie natuurlijk niet, zegt ze. Vorig jaar spoedde ze zich met haar dochtertje naar de EHBO, want het kind had verschijnselen van koortsstuipen. Het medisch dossier ligt nog bij haar oude huisarts in Amsterdam. 'Hij zei: ik stuur het wel door, maar naar wie?'

Huisarts Peter Aalstein uit Capelle aan den IJssel krijgt 'met vaste regelmaat' telefoontjes van patiënten die zonder dokter zitten. Maar hij zit vol en nog meer patiënten aannemen gaat ten koste van de kwaliteit van de zorg, zegt hij. Hij maakt alleen nog een uitzondering voor bewoners uit zijn eigen wijk.

'Dat levert onaangename discussies op', zegt hij. 'De praktijkassistentes kunnen patiënten nauwelijks van zich afschudden.' Hij hoort van collega's dat de agressie soms hoog oploopt, dat soms geweld wordt gebruikt. 'Bij ons is dat nog nét niet gebeurd.'

Noni's heten ze in jargon: niet op naam ingeschrevenen. Al vijfhonderdduizend Nederlanders hebben geen huisarts meer en dat aantal loopt snel op. Momenteel stoppen jaarlijks zo'n 250 zelfstandig gevestigde artsen met hun praktijk, in 2009 en 2010 neemt dat aantal volgens onderzoeksinstituut Nivel toe tot rond de 375.

Om het tekort aan artsen te bestrijden is het aantal opleidingsplaatsen onlangs verhoogd. Momenteel worden jaarlijks vierhonderd nieuwe huisartsen opgeleid en dat aantal zal toenemen tot bijna vijfhonderd. Die zijn echter niet meteen beschikbaar: de opleiding duurt drie jaar. Bovendien wordt een kwart van de pas afgestudeerden uiteindelijk geen huisarts en wil de meerderheid parttime werken.

De noni's worstelen met de gevolgen: ze zijn zwervers in de zorg geworden. De eerste hulp van het ziekenhuis is er niet voor de behandeling van een schimmelnagel. En met lage rugklachten kunnen ze 's avonds niet naar de huisartsenpost, want die is er alleen voor spoedgevallen.

Soms kunnen ze voor een consult of een herhalingsrecept terecht bij een coulante huisarts. Hun medisch dossier moeten ze zelf beheren. Want, legt de Zaanse huisarts Mieke Ottenhof uit, het aannemen van dat dossier wordt door artsen beschouwd als een officiële handeling. Het staat gelijk aan een contract met de patiënt.

ZN, de koepel van de zorgverzekeraars, heeft de huisartsen er in oktober vorig jaar in een circulaire op gewezen dat zij bij spoedgevallen de plicht hebben noni's zorg te bieden. Maar dat neemt het onveiligheidsgevoel van veel, vooral oudere, patiënten zonder huisarts niet weg, zegt Anita Direcks van de Nederlandse Patiënten en Consumenten Federatie (NPCF). Andere gevolgen: patiënten kunnen te lang met klachten doorlopen en chronisch zieken missen hun vaste begeleider.

Om de schade voor hun verzekerden te beperken komen zorgverzekeraars met opmerkelijke initiatieven. Zo heeft Amicon samen met de Districts Huisartsen Vereniging (DHV) Groot Gelre de stichting continuering huisartsenzorg opgericht. De stichting heeft al acht huisartsenpraktijken overgenomen die plotseling leeg kwamen te staan en waarnemers gezocht om ze draaiende te houden. Gert-Jan ter Braak, secretaris van de DHV: 'Aan waarnemers is geen gebrek. Op deze manier kopen we tijd. Tijd om rustig een opvolger te zoeken.'

Ook in Zaandam hebben huisartsen en verzekeraar PWZ/Achmea plannen voor een stichting met huisartsen in dienstverband. Noni Barbara Roberti kan volgens huisarts Ottenhof binnenkort bij een nieuwe praktijk terecht.

Verzekeraars CZ en VGZ runnen sinds een half jaar een soort uitzendbureau voor artsen. In gebieden zonder huisarts worden vliegende dokters ingezet: waarnemers die met hulp van de door de verzekeraar bijgeleverde assistentes en praktijkverpleegkundigen vaak twee praktijken tegelijk draaiende kunnen houden. Patiënten vlakbij de grens mogen naar een Belgische huisarts.

Agis Zorgverzekeringen opende vier maanden geleden in Utrecht samen met de gemeente de eerste noni-praktijk. De stad telt zo'n drieduizend noni's die terecht kunnen in een pand van de GGD op het Jaarbeursplein. De zorgformule die er wordt gehanteerd, is nieuw: de praktijkverpleegkundige spreekt met alle patiënten en verwijst alleen de groep door die specifieke hulp van de huisarts nodig heeft. De verpleegkundige en de assistente werken fulltime, de huisarts komt drie dagdelen in de week. Zo kan een kleine praktijk draaiende worden gehouden.

Door de praktijkverpleegkundigen als een soort voorportaal van de huisartsenzorg te laten fungeren, kan volgens Van Bemmelen tijd worden bespaard. 'Dan kun je met twee huisartsen en een verpleegkundige veel meer dan twee normpraktijken aan.' Die manier van zorgverlenen sluit aan bij de ideeën van de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg, die er in een recent advies voor pleit zoveel mogelijk taken van de (huis)arts over te hevelen naar medisch assistenten.

Ook in Capelle aan den IJssel bestaan plannen voor een noni-praktijk. Huisarts Aalstein, tot voor kort voorzitter van de plaatselijke huisartsengroep, zegt dat hij twee jaar geleden de gemeente al heeft gewaarschuwd. Nieuwbouwwijk Fascinatio werd aangeprezen inclusief gezondheidscentrum, maar er was geen huisarts die erheen wilde. 'De wijk loopt nu langzaam vol en er is nog steeds geen dokter.'

De patiëntenfederatie NPCF zou graag zien dat huisartsen een standaardbrief opstellen voor noni's. Daar moet bijvoorbeeld in staan hoe de patiënten aan een herhaalrecept komen en dat ze erom moeten denken hun medisch dossier en hun medicijnen mee te nemen als ze onverhoopt bij een onbekende dokter belanden. Huisartsenverenigingen zouden bovendien een overzicht moeten publiceren van huisartsen die nog plek hebben, zegt Direcks. 'Zodat patiënten niet met zichzelf hoeven leuren.'

Hoe praktisch dat is, blijkt uit de ervaringen in Utrecht. Tot de opening van de Jaarbeurspraktijk ontbrak het overzicht, zegt Agis-manager Van Bemmelen. Toen inventariseerde de huisartsenvereniging de opnamecapaciteit bij de 120 huisartsen in de regio. En kon de assistente van de noni-praktijk de eerste maanden ruim 40 procent van de bellers doorverwijzen naar een vaste huisarts. Het tekort bleek minder groot dan gedacht.

Desondanks geldt voor patiënten die verhuizen voorlopig een gouden regel: de oude huisarts aanhouden en dan pas een nieuwe proberen te vinden. Zo staat Johan ten Hoove, bestuurslid bij het provinciaal patiënten en consumenten platform in Groningen, sinds zijn verhuizing naar Hoogezand nog altijd ingeschreven bij zijn huisarts in Haren. De dokter komt alleen niet op huisbezoek: de afstand van vijftien kilometer is te ver.

Huisarts Hans Gimbel uit Heerhugowaard heeft een echtpaar uit Amsterdam in de praktijk. Op aanraden van hun zorgverzekeraar, zegt Gimbel, hielden ze na de verhuizing hun oude huisarts aan. Probleem is dat ze beiden ernstig ziek zijn geworden en heen en weer moeten reizen om de dokter te bezoeken.

Collega's van hem hebben patiënten tot in Twente. 'Als die naar de huisarts moeten, maken ze er meteen een familie-uitje van.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden