Zwembad met haai

Vier jaar na zijn monumentale, 827 pagina's tellende roman over de Koude Oorlog, Underworld (1997), verbijsterde en verwarde Don DeLillo zijn lezers en de literaire kritiek met een moeilijk grijpbaar boekje van goed honderd bladzijden dik: The Body Artist....

Dezelfde overtuiging vormt een van de rode draden in DeLillo's nieuwe roman, Cosmopolis. In dit boek wordt beschreven hoe de 28-jarige multimiljardair Eric Packer van zijn 104 miljoen dollar kostende, 48 kamers tellende appartement in de Upper West Side naar de andere kant van Midtown Manhattan rijdt om daar bij een kapper die hij kent uit zijn jonge jaren zijn haar te laten knippen. Uiteraard rijdt Packer niet zelf: hij wordt gereden en wel in zijn met alle moderne technologie uitgeruste en tegen de stadsgeluiden met kurk geïsoleerde stretch limo. 'Prousted' noemt hij dit, in een nogal onwaarschijnlijke verwijzing naar de Franse schrijver, die zijn slaapkamer met kurk liet bekleden.

Al na enkele bladzijden wordt duidelijk dat DeLillo Packer bedoeld heeft als een soort surrealistische versmelting van Patrick Bateman (uit Bret Easton Ellis' American Psycho) en Sherman McCoy (The Bonfire of the Vanities van Tom Wolfe). Packer is een 'Master of the Universe' in het kwadraat. 'Wanneer hij stierf zou het niet afgelopen met hem zijn. Het zou afgelopen zijn met de wereld.' Zijn privé-vliegtuig is een voormalige Russische atoombommenwerper. Zijn appartement is niet alleen voorzien van twee liften - één extra langzame om aan te sluiten bij de Satie-muziek die erin wordt gespeeld -, een roterende slaapkamer en nog zo wat mod cons, maar ook van een zwembad met haai. De 89 etages tellende wolkenkrabber waarin het appartement is ondergebracht, is het hoogste voor bewoning bestemde gebouw ter wereld en heeft slechts één charme: zijn lengte.

Nadat hij de aard van Packers persoonlijkheid, mede aan de hand van een nadrukkelijk maniëristische stijl, meer dan duidelijk heeft gemaakt, stuurt DeLillo zijn held op weg. Het wordt een missie met tegenslagen, zo heeft de chauffeur aan het begin van de rit al voorspeld, want de president bevindt zich in de stad, met alle wegblokkades, omleidingen en verkeersopstoppingen van dien. 'You will hit traffic that speaks in quarter inches.'

Maar als Eric Packer ergens zijn zinnen op heeft gezet, brengt weinig hem daarvan af. Gelukkig is zijn limo alleszins geëquipeerd om hem ook onderweg zijn werkzaamheden te laten vervullen. Packer is druk bezig te speculeren tegen de yen. Hij heeft enorme leningen in yens afgesloten in de overtuiging dat de Japanse munt in waarde zal dalen en hij bij terugbetaling in dollars een geweldige winst zal boeken. Ironisch genoeg draagt echter juist zijn lening bij tot de sterkte van de yen, met als gevolg dat hij in de loop van zijn daglange limousinerit zijn volledige kapitaal in rook ziet opgaan en banken wereldwijd in grote problemen zal brengen.

Gedurende de rit ontvangt Packer diverse mensen in zijn automobiel, zoals zijn veiligheidsadviseur, zijn financieel adviseur, zijn arts (die rectaal zijn prostaat controleert terwijl Eric verdergaat met strategisch overleg), zijn kunsthandelaar, zijn 'chef theorie' en zelfs even zijn echtgenote: de erfgename van een boel old money. Hij is inmiddels enkele weken met haar getrouwd, maar nog niet met haar naar bed geweest. Daarvoor heeft hij zijn kunsthandelaar en diverse andere dames.

Natuurlijk is Eric Packer geen levensecht personage. Hij is een verzameling karikaturale eigenschappen die samen een symbool opleveren, geen mens. Cosmopolis speelt in april 2000: na het uiteenspatten van de dotcom-luchtbel dus, maar nog voor de westerse economie in een algehele malaise belandde. Packer en zijn wereld symboliseren een wereld van amoreel, zoniet immoreel materialisme; een wereld waarin geen ruimte is voor menselijke waarden en menselijke waardigheid.

DeLillo's boek is op te vatten als een apotheose van de 20ste eeuw. Dat Packer aan het eind van de rit zijn ondergang tegemoet gaat, zowel financieel als anderszins, ligt in het hele boek besloten. Toch is Cosmopolis niet echt beklemmend. Dat komt door een gebrek aan overtuigingskracht, en dat heeft weer te maken met het feit dat alle personages en gebeurtenissen in deze roman zo nadrukkelijk in dienst staan van ideeën.

Zelfs de meest welwillende lezer houdt er na een paar bladzijden mee op in Eric Packer te geloven en beseft dat we hier niet met een mens te maken hebben, maar met een opvatting. Een opvatting die gestalte krijgt in de schrilste clichés die je je kunt voorstellen. Aan duidelijkheid geen gebrek. Aan alle andere dingen die we van een roman verlangen, des temeer.

De lezer van Cosmopolis moet het doen zonder mogelijkheid tot identificatie, zonder betrokkenheid, zonder plot, zonder humor. Wat hij - naast een nadrukkelijk uitgedragen moraal - wel krijgt is een ultieme oefening in coolness.

De personages stellen geen vragen, maar spreken zinnen uit als: 'The situation is what', 'You smoke since when' en 'You do this what' - alles nadrukkelijk zonder vraagteken. Alles heel cool. Elders concludeert iemand: 'De kracht van de computer elimineert twijfel. Alle twijfel komt voort uit ervaringen in het verleden. Maar het verleden is aan het verdwijnen. We plachten het verleden te kennen, niet de toekomst. Dat is aan het veranderen. We hebben een nieuwe tijdtheorie nodig.'

Dit soort zinnen is bedoeld - vermoed je - als een afschrikwekkende weergave van het jargon dat wordt gesproken door gecorrumpeerde en gedehumaniseerde figuren als Eric Packer. Maar DeLillo is in alles zo ver doorgeslagen, dat herkenning ver te zoeken is.

Toch rijst het vermoeden dat Cosmopolis zijn plekje in de literatuurgeschiedenis zal krijgen. Het boek mag dan als roman weinig geslaagd zijn, als gestileerd tijdsbeeld en als samenvatting van een reeks ideeën, gevat in het krachtige beeld van een limo ride dwars door Manhattan, heeft het een zekere elegantie. Niet voor lezers, maar wel voor literatuurwetenschappers en sociologen. Waarschijnlijk is dat in zijn algemeenheid DeLillo's lot: hij zal voortleven in de voetnoten van geleerde werken; niet in de harten van romanliefhebbers.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden