Zwagerman leest

Hoe onderkennen en voorkomen we tijdig de radicalisering bij de enkeling?

Een man mag zich gelukkig prijzen als Tweede Kamerlid voor Groen Links Mariko Peters verliefd op je wordt. Je ontvangt dan namelijk nogal fraaie liefdes-e-mailbrieven. Goed, Peters had haar vriend, de kunstenaar Robert Kluijver, toch echt niet vanaf de zijlijn moeten assisteren bij een subsidie-aanvraag - maar intussen was deze Kluijver in 2005 in de hoedanigheid van geadresseerde een bevoorrecht mens.


Op een aantal weblogs op internet wordt lacherig en neerbuigend gedaan over Peters' liefdesbrief uit 2005, waaruit de Volkskrant citeerde. Maar holy moly, wat zou ik graag een liefdesbrief willen ontvangen met daarin deze zinnen: 'Ik kan je vertellen dat ik eigenlijk de hele tijd wegdroom en niet meer mijn hoofd lijk te hebben. Daar wandelen duizend kleine gedachten aan jou die met me mee buitelen bij alle dingen die ik doe (...).'


De pracht en souplesse van die tweede zin eisen hier alle aandacht op. In Mariko's hoofd wandelen duizend kleine gedachten. Dat zijn gedachten die met haar mee buitelen. Ze buitelen mee bij alle dingen die ze doet.


Mariko Peters' zin over de duizend kleine dingen doet denken aan twee - ook al zo mooie - boektitels: De tienduizend dingen van Maria Dermoût en The God Of small Things van Arundhati Roy. Een vrouw die haar verliefheid weet te verbinden aan de duizend kleine gedachten die wandelen in haar hoofd - die vrouw verdient het, alleen al op grond van de woordkeus en de stijl van die ene zin, om haar liefde beantwoord te zien. Toch?


Mariko Peters' liefdesbrief is momenteel in de media verweven met een bepaald lelijk verhaal over de vermeende ontvoering van de kinderen van haar huidige echtgenoot en met het handjeklap inzake een subsidieverstrekking. De zin over de duizend kleine gedachten had een fraaiere context verdiend.


Dan nu een quantumsprong. De tegenwoordige verpersoonlijking van het Kwaad, Anders Behring Breivik, kan eveneens een potje schrijven. Daar had ik niet bij stil gestaan, totdat ik in De Groene Amsterdammer Christiaan Weijts las, die de moeite heeft genomen Breiviks meer dan 1.500 pagina's tellende pamflet 2083 nader te bekijken en te beoordelen op puur literaire merites. Sommige passages van het pamflet deden Weijts denken aan fragmenten uit De elzenkoning van Michel Tournier. Ook schoten hem de namen van Bret Easton Ellis (American Psycho) te binnen. Breiviks gegoochel met alter ego's en quasi-identiteiten in het pamflet herinnerden Weijts aan het spel met heteroniemen door Fernando Pessoa. Zijn conclusie: 'Laten we eerlijk zijn: 2083 is niet heel beroerd geschreven. Je hoeft er alleen nog een goede redacteur op te zetten.'


Die laatste zin is cruciaal. Stel dat Breivik 2083 naar een uitgeverij had gestuurd en dat een redacteur uit het rotsblok van 1.500 pagina's een 200 pagina's tellend strak in het pak zittend essay had weten te destilleren. Breivik was dan in Noorwegen en misschien ook wel daarbuiten een 'legale' deelnemer aan het huidige debat over het oude Europa en de 'nieuwe' islam geweest, een Noorse evenknie van Martin Bosma, wiens veelbesproken boek De schijnelite van de valsemunters op onderdelen enige overeenkomsten vertoont met Breviks 2083, vooral waar het de koppeling van neo-marxistische repressie aan islamitische verbodsbepalingen betreft.


In Nederland lijkt een blik op Breivik als schrijver van een op onderdelen salonfähig en zelfs publicabel pamflet voorlopig twaalf bruggen te ver. In Duitsland, waar ik tijdens de eerste dagen na het bloedbad verbleef, was dat anders. In de Frankfurter Allgemeine Zeitung verscheen kort na de bomaanslag en de massamoord een commentaar waarin werd gewezen op de, in het licht van Breiviks monsterlijke gewelddadigheden, schokkend gewone levensloop en zijn ogenschijnlijk maatschappelijke aangepastheid.


'Ein Kind unserer Welt', kopte de FAZ, en benadrukte het feit dat Breivik gedurende de jaren vóór zijn sociale isolement en persoonlijke verdooldheid een kind uit het hart van de samenleving was, dat er bepaald courante opvattingen op nahield over de frictie tussen het oude Europa en de, in Europese context, 'nieuwe' islam.


'Breivik is een goed opgeleide jongen uit het midden van de samenleving, die de trots van de Arabische broederschap afzette tegen het in zijn ogen weke cultuurrelativisme in het Europa van zijn jeugd.' Het is duidelijk: vóórdat hij, als gevolg van gevoelens van miskenning, verbittering en angst, afzeilde naar de contreien van de klassieke lone wolf, viel Breivik geen radicaliteit of extremisme aan te wrijven.


In dat opzicht lijkt Breivik vermoedelijk meer dan hem lief is op de moordenaar van Theo van Gogh, Mohammed B., die zich in zijn jaren van vóór zijn radicalisering redelijk senang voelde in het Amsterdam-West van zijn jeugd. In zijn jonge jaren nam Mohammed B. deel aan lokale debatten en manifesteerde hij zich onbevangen temidden van lokale autoriteiten, noest werkende middenstanders en ambitieuze allochtone scholieren. Pas later kwam daar de geradicaliseerde groep jongeren uit Amsterdam-West bij.


Of het ons nu bevalt of niet: zoals in Anders Breivik ooit een bevlogen polemicus schuilging, zo huisde in Mohammed Bouyeri ooit een gedreven adolescent die in het multiculturele Amsterdam graag iets van zijn leven wilde maken.


Dáár zou het debat in ons land over moeten gaan: over het onrustbarende gegeven dat jonge, ambitieuze mannen van zowel (oud-)Europese als islamitische komaf als gevolg van, achteraf gezien, fatale momenten van miskenning en verbittering ten prooi vallen aan radicalisme en moordzucht. Hoe die radicalisering bij de enkeling tijdig te onderkennen en voorkomen?


Eén ding is zeker: niet door het banale vingerwijzen van linkse en rechtse kopstukken in ons land zodra zij het bloedbad in Noorwegen willen verbinden - of juist niet - aan de obsessieve retoriek van Geert Wilders.


Na de moord op Theo van Gogh bezorgde Geert Wilders menigeen een vieze smaak in de mond toen hij Job Cohen en anderen wegzette als 'handlangers van Mohammed B.'. Maar: maakte Cohen zich in de kern niet schuldig aan dezelfde reflex van guilt by assocation toen hij Wilders niet lang na het bloedbad in Noorwegen opriep tot het matigen van zijn taal?


Misschien behoor ik wel tot de laatste Nederlanders die van mening zijn dat het getuigde van een gezond gevoel voor deëscalatie van Cohen door destijds een kop thee te gaan drinken met een aantal bezoekers van Amsterdamse moskeeën.


Maar erg consequent in zijn theedrink-reflex is Cohen helaas niet. Als je dan per se mee wil doen met het banale vingerwijzen, kom je onvermijdelijk uit bij het verwijt aan diezelfde Cohen dat hij in zijn functie als leider van een progressieve volkspartij na de massamoord in Noorwegen natuurlijk direct thee had moeten gaan drinken met Geert Wilders, teneinde de PVV-leider ervan te verzekeren dat één geweldenaar uit de rechts-populistische hoek geen stigma mag zijn voor een Nederlandse volkspartij met een leider die nota bene zelf met de dood wordt bedreigd. Gelijke monniken, gelijke theekopjes.


Maar die kanttekeningen zijn kennelijk allemaal te veel gevraagd voor de politici en opiniemakers die hun tegenstanders in het Hollandse debat met onsmakelijke gretigheid het jihad-mes van Mohammed B. ofwel het machinegeweer van Anders Breivik toeschuiven.


Nu een tweede quantumsprong van de haat van Breivik naar de verliefdheid van Mariko Peters. Breivik schreef een manifest als een rotsblok. PVV-denker Martin Bosma schreef een boek. Frits Bolkestein schreef tamelijk veel boeken.


Ter linkerzijde, en met een vrouw als auteur, schreef PvdA'er Mei Li Vos recentelijk een boek. GroenLinks Eerste Kamerlid Britta Böhler schreef een boek. Femke Halsema schreef er meerdere. Welke uitgever in Nederland is er zo alert en schrander om Mariko Peters direct een contract met royaal voorschot aan te bieden voor het schrijven van een (liefdes)roman. Wij willen meer lezen van de vrouw in wier hoofd duizend kleine dingen over elkaar heen buitelden. Böhler, Halsema en Mei Li Vos, en binnenkort ook Mariko Peters - de echte lezers onder ons weten: linkse meisjes zijn de leukste meisjes.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden