Zwagerman leest de nay sayers van Herman Melville

De antihelden van schrijver Herman Melville triomferen door 'nee' te zeggen. Het wordt ze wel fataal.

Op La reproduction interdite (1937) van René Magritte, in de collectie van Boijmans Van Beuningen, kijkt een goed gekapte man in een spiegel. De man aanschouwt niet zijn spiegelbeeld, maar zijn achterhoofd. Op de schouw vlak onder de spiegel ligt een boek van Edgar Allan Poe. Dat boek wordt wél weerspiegeld. De man die in de spiegel kijkt, is niet bij machte zichzelf in het gezicht te zien.


De man op La reproduction interdite keert ons, toeschouwers, de rug toe. Hij weigert zich aan ons kenbaar te maken, weigert deel te nemen aan de wereld. Hij wordt hierin overtroffen door zijn spiegelbeeld, dat 'nee' zegt tegen diezelfde wereld, maar zichzélf incluis. Je spiegelbeeld dat jou de rug toekeert - een ingrijpender afwijzing lijkt moeilijk denkbaar.


Magrittes man-voor-de-spiegel kent in de wereldliteratuur een evenknie. Hij komt voor in Bartleby, the Scrivener (1853) van Herman Melville, de auteur van Moby Dick (1851).


Op het eerste gezicht bestaat er een duidelijke tegenstelling tussen kapitein Ahab, de walvisvaarder uit Moby Dick, en de notarisklerk Bartleby uit de gelijknamige novelle. Ahab, die een been verloor tijdens een eerdere walvisvangst, wil zich wreken op de witte walvis Moby Dick en maakt een gevaarlijke en groteske boottocht die hem fataal zal worden. De roman waaiert alle kanten uit en is, conform de hoofdfiguur, wild, woest en heftig.


De kantoorklerk Bartleby is aanvankelijk braaf en secuur aan het werk op een notariskantoor. Maar op zeker moment weigert hij zijn taken, groot en klein, te verrichten. Hij verschijnt op zijn werk - en weigert alles, met de eeuwig herhaalde woorden: 'I would prefer not to.' De novelle is strak, streng en sober.


Toch staan kapitein Ahab en Bartleby 'de krabbelaar' uiteindelijk samen onder één paraplu, een paraplu die het woord 'nee' vormt. Kapitein Ahab, die in Moby Dick natuurkrachten én zichzelf overschreeuwt, zegt nee tegen alle denkbare gevaren op zee en gaat door roeien en ruiten, opgelierd door een bezetenheid die hij, op momenten van luciditeit, bij zichzelf erkent. Zo peinst Ahab tijdens een zonsondergang: 'Alle pracht is mij een kwelling, daar ik er nooit van genieten kan. (...) Ze beschouwen me als bezeten (...), en ik bén bezeten, ik ben krankzinnig van krankzinnigheid.'


Die krankzinnigheid gulpt en gutst uit alle poriën van de woesteling Ahab, terwijl diezelfde krankzinnigheid juist heel akoestisch maar minstens zo venijnig bij de zwijgzame weigeraar Bartleby naarbinnen is geslagen.


De verteller in Bartleby is een welvarende New Yorkse notaris, die kantoor houdt aan Wall Street. Door de ogen van deze - zelfgenoegzame - notaris zien wij de nay sayer Bartleby. De notaris en personeelsleden op het kantoor worden tot het uiterste getergd door deze Bartleby, die geen vlieg kwaad doet maar wiens hardnekkig 'nee' grote verwarring schept. Bartleby weigert werk. Bartleby weigert lunches en koffie op kantoor. Bartleby weigert iedere denkbare vraag te beantwoorden. Bartleby weigert toelichting te geven op zijn weigeringen. Maar Bartleby weigert ook zijn ontslag te aanvaarden als de notaris hem de deur wijst, naar eigen zeggen uit een mengeling van wanhoop en medeleven.


Als de notaris bij wijze van noodmaatregel zijn kantoor verhuist, denkt hij verlost te zijn van de ongrijpbare weigeraar. Maar niet lang na die verhuizing krijgt hij bezoek op zijn nieuwe kantoor. Het is de nieuwe huurder van het voormalige kantoorpand op Wall Street. In dat pand bevindt zich een man die weigert dit pand te verlaten maar ook weigert die weigering te motiveren. Bartleby is niet weg te krijgen.


Deze nieuwe huurder schakelt de politie in en hoewel er geen aanklacht tegen Bartleby valt te formuleren, belandt hij in een staatsgevangenis - alwaar de gevangene ieder contact met anderen mijdt en ook voedsel weigert.


Om zijn geweten te sussen bezoekt de notaris zijn oud-werknemer in de gevangenis. 'Ik weet wie u bent', zegt Bartleby wanneer ze oog in oog staan, 'en ik heb u niets te zeggen.'


Dan biedt de notaris aan hem opnieuw in dienst te nemen. Dat voorstel valt bij Bartleby niet in goede aarde. 'I would prefer not to.'


Bij een tweede bezoek ontwaart de notaris zijn oud-werknemer 'aan de voet van de muur, liggend op zijn zij, zijn knieën opgetrokken, zijn hoofd tegen de koude stenen'. Bartleby blijkt de uiterste consequentie uit zijn eeuwig nee te hebben getrokken. Uit dat nee volgde een hongerstaking en die is hem fataal geworden. De notaris treurt om deze geknakte versterving, maar buiten de belevingswereld van de verteller rijst er een schaduwgedaante van Bartleby op - als van een onverzoenlijke anarchist, een even principiële als apathische opstandeling, een saboteur die niet langer mee wil draaien in de wereld van burgerlijke arbeidsmoraal en geestdodende bureaucratie.


Na Bartlebys dood ontdekt de notaris dat Bartleby ooit in dienst was op het 'kantoor voor onbestelbare brieven in Washington'. Daar werd hij na een reorganisatie ontslagen. De notaris raakt overmand door deernis met Bartleby, wat leidt tot een even laaiende als huilerige liefdesverklaring aan alle geadresseerden van de onbestelbaar gebleken brieven: 'Verzonden als levensteken, zijn al die brieven ten dode opgeschreven. O Bartleby! O mensheid!'


Het mag duidelijk zijn dat Melvilles sympathie niet bepaald uitging naar de verteller, de notaris die dweept met zijn eigen - schijnbare - menslievendheid, maar naar de ongrijpbare en onbegrijpelijke Bartleby, de man die versteende als gevolg van het grote 'nee' dat hij apathisch doch beslist uitsprak tegen alles en iedereen. Bartleby is bij uitstek de voorafschaduwing van de 20ste-eeuwse rebel without a cause.


Zelf hechtte Herman Melville sterk aan het woord 'nee' en de visie op wereld en medemens die aan dit 'nee' verbonden is. In een brief aan de in zijn tijd veel succesvollere collega-schrijver Nathaniel Hawthorne schreef Melville: 'Het is de taak van de schrijver om nee te zeggen. No! In thunder.'


Die 'taak' legde Melville ook kapitein Ahab in Moby Dick op, in wiens gemoed het donderde en bliksemde. Maar voor de vervolmaking van die taak was er een fictionele anti-held als Bartleby nodig, die geen 'thunder' nodig had om nee te zeggen.


Het 'nee' van Bartleby is bijna geluidloos, tot de negatie en de weigering zo diep en dreigend naarbinnen slaan dat de nay sayer er zelf aan bezwijkt. We zien Bartleby niet. Als op La reproduction interdite van Magritte staat hij met de rug naar de wereld, onbereikbaar, onbenaderbaar. Zelfs aan het minste reikhalzen naar de eigen ziel, het eigen bestaan heeft Bartleby geen behoefte. Hij keert zichzelf de rug toe zoals het spiegelbeeld zich niet prijsgeeft aan Magrittes goed gekapte man die roerloos in de spiegel kijkt. Zijn verzaking van de wereld is behalve tragisch in zeker opzicht ook heldhaftig, suggereerde Melville.


De Roemeense filosoof E.M. Cioran beweerde: 'Niets duidt erop dat de mens ook maar een fractie méér is dan niets.' En: 'Door geboren te worden, verliezen wij evenveel als door te sterven. Alles.'


Zou de 20ste-eeuwer Cioran van Melville's Bartleby, the Scrivener hebben gehouden? Het moet haast wel.


Achter beide uitspraken van Cioran gaat een ontluisterende wereld schuil en Melvilles subversieve novelle Bartleby toont een macabere uitsnede uit die wereld. Wie, volgens Melville, 'ja' zegt, is gedoemd tot een laf marchanderen. Wie 'nee' durft te zeggen, tegen alles, stevent met doodsverachting en gepaste minachting voor het leven af op de alles onttakelende waarheid. Die waarheid openbaart zich aan niets en niemand - behalve aan de heldhaftige antiheld Bartleby, de 'krabbelaar'.


'Ja' verliest. 'Nee' wint.


Foto Boijmans Van Beuningen/Pictoright


Herman Melville: 'Het is de taak van de schrijver om nee te zeggen. No! In thunder'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden