Zuid-Amerika moet weer bloeden

De paradox van Zuid-Amerika: zonder extreme schulden toch van schuldencrisis naar schuldencrisis hobbelen. De reden: het continent drijft op buitenlands kapitaal....

Eigenlijk is de kardinale fout die het Internationaal Monetair Fonds in Latijns Amerika maakte het negeren van de politieke realiteit, meent Roberto Bissio. 'Op instigatie van het IMF bouwde het continent een markteconomie op, op de ruïnes van de Mexicaanse schuldencrisis van 1982. Staatsbedrijven werden geprivatiseerd, markten vrij gemaakt en de overheidsuitgaven moesten omlaag', analyseert Bissio, onderzoeker bij het non-gouvernementele Third World Network, door de telefoonhoorn vanuit Uruguay. 'Ziezo, zeiden ze, nu lost de markt alles op. En weet je wat? Ze zaten ernaast.'

Want regels en een juridisch raamwerk ontbraken waardoor corruptie de ruimte kreeg, met de Argentijnse president Menem, de personificatie van corruptie, als ultiem voorbeeld. Daardoor kwam de zo vurig gepredikte privatisering hier en daar neer op het omzetten van staatsmonopolies in private monopolies, die onbekommerd geld naar het buitenland sluisden, meent Bissio.

'Ze' zaten er zo naast, dat vrijwel alle belangrijke economieën van Latijns Amerika nu worden meegezogen in de vierde ernstige financiële crisis in twintig jaar tijd, compleet met vallende beurzen en valuta, opdrogende investeringen, rap klimmende werkloosheid, armoede en publiek ongenoegen over de staat. Via exportmarkten - Latijns Amerika exporteert vooral naar zichzelf - en beurzen breidt de crisis zich als een olievlek uit. Aan de rij schuldencrises Mexico (1982), nogmaals Mexico (1994 en 1995) en Ecuador (1999) is inmiddels Argentinië (2001-2002) toegevoegd. Crises lijken te horen bij Latijns Amerika, als een soort folklore.

Het patroon is altijd grofweg hetzelfde: er breekt paniek uit omdat een regering aankondigt wegens een ontsporend overheidstekort de rente over de buitenlandse schuld niet langer te kunnen betalen. Vliegensvlug trekken buitenlandse beleggers hun geld terug. Daarna begint het gescheld op het IMF dat met leningen moet komen, en vlug wat, om de landen uit hun misère te helpen, de banken op de been te houden en de buitenlandse investeerders van terugbetaling te verzekeren. Vroeg of laat komen dan de miljarden los.

Zoals deze week. Het regende miljarden. Brazilië krijgt een IMF-krediet van 30 miljard dollar. Uruguay mag nog eens 800 miljoen extra lenen en kan inmiddels bogen op een record: met meer dan duizend dollar per hoofd van de bevolking krijgt het land het indrukwekkendste IMF-krediet ooit.

Maar Argentinië, bakermat van de jongste crisis, blijft vooralsnog verstoken van een noodlijn. Dat is crimineel, meent Bissio. 'Het IMF eist dat de Argentijnse overheid bezuinigt, zodat het de rente over de buitenlandse schulden kan blijven betalen. Ergo: er moet gesneden worden in sociale programma's. Terwijl inmiddels de helft van de bevolking van nog geen twee dollar per dag moet leven in wat niet zo lang geleden een zeer welvarend land was.'

Een strategie van aderlating, bleeding the patient, vindt Joseph Stiglitz, befaamd econoom en kruisridder tegen het IMF. Wordt de patiënt niet beter? Dan komt dat volgens het IMF omdat hij niet hard genoeg heeft gebloed.

Controverses over dit IMF-recept van 'bloeden', bezuinigen om de overheidsfinanciën op orde te krijgen, zijn net zo oud als de IMF-programma's zelf. Deze 'structurele aanpassingsprogramma's' van snijden, privatiseren en liberaliseren zijn ontworpen voor het door de schuldencrisis van 1982 berooide Latijns Amerika. Dat werkte. Maar, meent Francine Mestrum, ontwikkelingsspecialist en auteur van Globalisering en armoede, 'de sociale gevolgen waren desastreus. Unicef waarschuwde daar in 1985 al voor.'

Dat is niet enkel een moreel probleem, maar ook een economisch gevaar, vult Francis Lemoine, schuldenanalist bij Eurodad, een Europees netwerk voor schuldenverlichting en ontwikkeling aan. 'De armoede lokt sociale onrust uit, met als meest pregnante voorbeeld de opstanden in Argentinië. Die onrust maakt buitenlandse investeerders kopschuw. Terwijl Latijns Amerika drijft op buitenlandse investeerders en beleggers. Zo kweek je een vicieuze cirkel.'

Verschaffers van buitenlands kapitaal vervullen een sleutelrol in Latijns Amerika. Paradoxaal genoeg is de buitenlandse schuld van Latijns Amerika niet hoog in vergelijking met echte schuldenlanden. Toch sleept het zich van de ene schuldencrisis naar de andere. Het aantal keren dat een Latijns Amerikaans land zijn buitenlandse schulden tijdelijk of permanent niet heeft terugbetaald, ligt in de afgelopen honderdvijftig jaar substantieel hoger dan in welke andere regio ook, rekende IMF-econoom Luis Catão uit. De reden, volgens Catão: er wordt lokaal te weinig gespaard en geëxporteerd.

Daardoor zijn de meeste Latijns Amerikaanse landen afhankelijk van de instroom van buitenlands kapitaal om hun importbehoefte te kunnen financieren. Meer dan enige andere regio is Latijns Amerika daardoor gevoelig voor hoe buitenlandse beleggers en investeerders denken over politieke risico's, en over economische stabiliteit. 'Als het vertrouwen van buitenlanders wegvalt', zegt Lemoine, 'dan valt de basis onder de economieën weg.' Ofwel: Brazilië mag dan wel verontwaardigd reageren op buitenlanders die zich een oordeel aanmatigen over 'te linkse' kandidaten voor de presidentsverkiezingen van oktober aanstaande. Maar het geld van die buitenlanders is de levenslijn voor het land.

Het grote probleem is dat deze levenslijn grillig en wispelturig is. Naast productief kapitaal van serieuze investeerders stroomde er ook veel 'heet geld' Brazilië en Argentinië binnen van speculanten op zoek naar een buitenkansje, dat razendsnel weer kan wegstromen. 'De Argentijnse economie was deels op heet geld gebouwd', zegt Bissio. 'Dat is in één klap weggestroomd.'

Om buitenlands kapitaal weer terug te lokken, is het IMF onontbeerlijk. Een injectie geeft beleggers en investeerders zekerheid: er is weer even geld om de schuldenlast te financieren. Maar een structurele oplossing is dit niet.

De nu weer aanzwellende roep om kapitaalrestricties voor 'heet geld', in kringen van NGO's al jaren een populair thema, is dit misschien wel. Want houdt Chili, dat al jaren restricties op de instroom van 'heet geld' handhaaft, zich niet jaloers makend goed temidden van alle tumult?

Daarmee zijn echter de structurele problemen - te veel schuld tegenover te weinig exporten en besparingen - niet opgelost, voert het IMF aan. Dat dringt dan ook aan op 'gewoon bezuinigen'.

Latijns Amerikaanse regeringen zijn deze mantra zo zat dat ze onlangs een oud idee revitaliseerden: de Eclac, de regionale VN-poot voor economisch overleg tussen Latijns Amerikaanse en Caribische landen, pleit voor 'regionale reserve netwerken', een soort regionaal IMF, niet gehinderd door de botsing van wereldbeelden tussen 'de Washington consensus' (IMF, Wereldbank en grootaandeelhouder VS) en Latijns Amerika. Een niet gering probleem is wie dit fonds gaat vullen. 'Washington' piekert er niet over.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden