Zoveel bomen naar de knoppen

Kastanjebomen staan overal te sterven en niemand weet waarom. Reportage met video

In Nederland en grote delen van Europa kwijnen de paardekastanjes weg. Majestueuze exemplaren langs de Hofvijver in Den Haag raken in de versukkeling. In Amsterdam-Noord bij het uiteinde van de Coentunnel staan sommige bomen er met diepe scheuren in de stammen zwaar gehavend bij. De beeldbepalende kastanjes langs de ringweg in Houten verkleuren en sommige sterven af. En in de Haarlemmermeer worden dode paardekastanjes gekapt om te voorkomen dat fietsers een afgebroken tak op hun hoofd krijgen.

De aangetaste bomen vertonen vochtplekken in de stam, scheuren in de bast en er druppelt rode vloeistof uit die brede strepen over de stam trekt. Daarom wordt de paardekastanjeziekte ook wel de bloedingsziekte genoemd. In de stervensfase laat de bast los en komt de stam open te liggen voor velerlei schimmels en insecten.

Binnenkort verschijnt de landelijke inventarisatie van de zieke bomen en daaruit zal blijken dat de ziekte zich twee jaar na de ontdekking in 2003 massaal over Nederland heeft verspreid. Vorig jaar waren vooral de paardekastanjes (Aesculus) in noordwest Nederland aangetast, nu moeten ook de rood- en witbloemige kastanjes in de rest van het land eraan geloven.

Is er sprake van een virus, fytoplasma (ziekteverwekkende bacteriën zonder celwand), een schimmelziekte als phytophthora of een andere ziekmakende bacterie? Er is haast geboden, want pas als de oorzaak bekend is, kan gericht tegen de ziekte worden opgetreden. En de bomen gaan dood.

Maar onderzoekscoördinator ir. Fons van Kuik, gewasbeschermingsdeskundige van het Praktijkonderzoek Plant en Omgeving van Wageningen Universiteit en Research heeft nog geen helder beeld.

In september of oktober komt het rapport uit over de oorzaak van de bloedingsziekte. Van Kuik en de acht betrokken onderzoeksinstituten weten inmiddels dat het geen schimmelziekte is, ook geen virus, maar dat een Pseudemonasbacterie wel een rol speelt, zij het misschien een bijrol.

Want Pseudemonas is niet de enige oorzaak. ‘Het is een complex geheel’, schetst Van Kuik. ‘Ook andere factoren zoals extreem weer, klimaatverandering en het oprukken van de kastanjemineermot spelen vermoedelijk een rol. Destijds bij de iepenziekte waren de omstandigheden gunstig voor een snelle verspreiding van de ziekteverwekker via de wortels van de bomen. Maar de kastanjeziekte duikt op zoveel verschillende plaatsen op dat het moeilijk is voor te stellen dat slechts een bacterie ervoor verantwoordelijk is’, zegt Van Kuik.

Zijn grote vraag is waarom de bacterie nu zijn kans grijpt. De hypothese van de onderzoeker is dat de groeiomstandigheden danig zijn verslechterd. ‘In 2003 heerste in de lente een hittegolf en daarna regende het overvloedig, wat schadelijk is voor de wortels. Ook de mineermot sloeg toe waardoor de bladeren verkleurden. De groene bladeren verdwenen al in juni, juli, waardoor de boom minder voedingsstoffen kon opnemen. Door de verstoring tussen boomwortels en kroon ontstond vocht in de bast. Omdat dit vocht niet door de boom getransporteerd kon worden, gingen de bomen lekken.’

Nu het mysterie over de paardekastanjeziekte niet is opgehelderd, grijpen allerlei bedrijven hun kans. ‘Iedereen zegt de oplossing te hebben. Zo gaat het altijd in dit soort omstandigheden’, zegt Van Kuik.

Ook landschapsecoloog Geerten Kalter die de gemeente Houten adviseert, krijgt geregeld de snelle commerciële jongens over de vloer. ‘Je merkt al gauw of het verkooppraatjes zijn of dat een bedrijf echt wil meedenken.’

De gemeente Houten is behoorlijk de klos. In 1973 werd besloten Houten herkenbaar te maken door de buitengrens met bomen te accentueren. Langs de ringweg werden paardekastanjes geplant, twee rijen dik.

In 1973 was geen enkele ziekte rond de paardekastanje bekend, zegt Peter Rakké van openbare werken. De keuze was niet moeilijk: de boom bloeit prachtig, heeft een mooie vorm. En wat voor Houten belangrijk was, kinderen mochten niet worden aangetrokken de ringweg over te steken, om kastanjes te rapen. Die geeft de Aesculus hippocastanum Baumannii namelijk niet. ‘Voor de jeugd valt er geen lol aan te beleven’, zegt Rakké.

Van de 2600 paardekastanjebomen in Houten is 70 procent aangetast. Zouden al die bomen vervangen moeten worden, dan kost dat kapitalen. In Houten in het vrije veld kost dat 300 euro per boom maar in de stad al gauw 3500 euro, zo is becijferd.

Veldexperimenten

Houten zet daarom de toon met veldexperimenten. Middelen worden uitgetest en bomen vertroeteld om te zien of verbetering van de boomconditie de boom door de ziekte heen trekt.

Dinsdagochtend vroeg staat onderzoeker Leo Slingeland dan ook al boomstammen te bespuiten met acht varianten van zuren in combinaties met vitamines. De stammen zuigen het mengsel op. Drie keer krijgen de bomen zo’n spuitbeurt met tussenpozen van achttien dagen. Op vochtplekken wordt een pasta gesmeerd van schapenvet en mineralen. ‘En dan maar afwachten of deze oppepper helpt’, zegt Slingeland.

Een eindje verderop mag het bedrijf Boom Totaalzorg tien bomen vertroetelen met verrijkte compost die onder hoge druk bij de wortels wordt aangebracht. ‘Hiermee willen we nagaan of de aantasting door de ziekte verandert als we de conditie verbeteren’, zegt Kalten.

Een derde experiment vindt plaats bij de bomen op een parkeerterrein bij de Rabobank. Mest, beluchting van de wortels en Pireco, een biologisch middel met knoflook als hoofdbestanddeel moet het leven van de paardekastanjes redden of rekken. Knoflook wordt ingezet om insectenvraat tegen te gaan; de smaak bevalt de insecten niet en daarom zullen ze wegblijven, luidt de redenering.

Sprayen met paardenpis, knoflooktenen? Ir. Jitze Kopinga van onderzoeksinstituut Alterra laat duidelijk twijfel in zijn stem doorklinken als hij over deze bestrijdingsalternatieven praat. ‘Met knoflook zul je best wel eens een luisje raken. Maar als we dergelijke bedrijven vragen informatie op te sturen waaruit blijkt dat de werking ook wetenschappelijk is vastgesteld, horen we niets meer. Bij ons heeft zich niemand gemeld.’

Maar onderzoeker Kopinga voelt dan ook niet de hete adem van boze bewoners in zijn nek. ‘Jullie staan maar te kijken en doen niets’, is het verwijt dat Hans Kaljee, boomconsulent van Amsterdam van bewoners te horen krijgt. ‘Doe iets met knoflook, hoor ik dan. Baat het niet, het schaadt ook niet.’ De beroemde kastanje bij het Anne Frank Huis, waarop Anne uitkeek, is bijvoorbeeld met knoflook omgeven.

Kaljee geeft veel excursies. ‘Uitleg doet wonderen. Het geeft rust als mensen weten dat er zorgvuldig naar het probleem wordt gekeken. Maar ook bij elke excursie wijst iemand een zendmast van gsm of umts als boosdoener aan. De elektromagnetische straling zou de paardekastanjeziekte veroorzaken, hoor ik dan. Dat is ongrijpbaar. Ik zal niet zeggen dat het niet zo is. Ik weet het gewoon niet.’

Onderzoeker Kopinga die vroeger gsm en umts naar het rijk der fabelen verwees, heeft zijn trekken thuis gekregen. ‘Ik heb inmiddels geleerd nooit beleidsonvriendelijke uitspraken te doen als je onderzoeksgeld wilt krijgen. Als er een pot met geld staat, moet je niet meteen zeggen dat klimaatverandering of elektromagnetisme onzin zijn om bepaalde ziekten te verklaren.

‘Met mijn ethiek is niets mis. Ik heb echter met bazen te maken, die graag onderzoekopdrachten krijgen.’

IJsberg

Boomonderzoekers, adviseurs van gemeentelijke groendiensten en beleidsmedewerkers hebben de werkgroep Aesculaap opgericht, die van LNV-minister Cees Veerman 275 duizend euro heeft gekregen voor onderzoek.

De zorg van de werkgroep is dat de kastanjeziekte het topje van de ijsberg is. De deskundige ogen, steeds beter op de ziekteverschijnselen getraind, zien ook aantastingen aan linden, esdoorns, beuken en eiken.

‘We noemen het de paardekastanjeziekte, omdat die zich daar het scherpst manifesteert. Ik wil wel toegeven dat vergelijkbare symptomen ook bij andere boomsoorten zijn geconstateerd’, zegt de landschapsdeskundige Kalter.

Boomonderzoeker Kopinga is wat terughoudender. Soms lijkt een eik ook aan bloedingsziekte te lijden als een kever een gaatje in de bast boort waarna een zwarte vloeistof tevoorschijn komt. Dat is een ander fenomeen. En als de boom vitaal is, krijgt die er nauwelijks last van.

Ook de slijmvloedziekte bij beuken hoeft niet ernstig te zijn omdat die slechts incidenteel voorkomt. Maar paardekastanjes die massaal in een jaar dood gaan, is een ander verhaal, aldus Kopinga.

Voorlopig zijn er geen keiharde feiten over de oorzaak van de kastanjeziekte. Dat de onderzoekers niets vinden, kan ermee te maken hebben dat de ziekteverwekker een kettingreactie op gang heeft gebracht, maar zelf niet meer aanwezig is.

Dus is nu het devies: laat zieke bomen staan en snoei ze niet. Rooi ze alleen als ze gevaar opleveren. Kopinga: ‘Als het een besmettelijke aandoening is, krijgt die zo in elk geval minder kans zich via het gekapte hout te verspreiden.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden