Interview Sven de Langen

Zorgwethouder Sven de Langen: ‘We willen goed voor onze ouderen zorgen, maar dat kost geld’

De gemeenten hebben zich verkeken op de kosten van de ouderenzorg, die ze van de regering hebben overgenomen. De vergrijzing gaat sneller dan gedacht, meer ouderen blijven door sluiting van tehuizen thuis wonen, en die hebben steeds meer dure voorzieningen nodig. 

Sven de Langen, zorgwethouder van Rotterdam: ‘Als kinderen ramen lappen bij hun ouders, wordt de zorg daar echt niet goedkoper van.’ Beeld Jiri Buller

Gemeenten zeggen door de vergrijzing binnen enkele jaren af te stevenen op een financieel gat van meer dan een miljard euro. De ondersteuning van thuiswonende ouderen gaat de komende vijf jaar jaarlijks zeker 7 procent meer kosten dan verwacht, heeft de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) berekend. 

Van de 5 miljard euro die de gemeenten nu krijgen voor de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) wordt ongeveer de helft besteed aan voorzieningen voor ouderen, zoals huishoudelijke hulp en begeleiding, vervoer, en hulpmiddelen en woningaanpassingen (zoals trapliften) voor oudere inwoners. 

‘Dit wordt een groter probleem dan de honderden miljoenen euro’s die we gezamenlijk tekortkomen op de jeugdzorg’, waarschuwt Sven de Langen, zorgwethouder in Rotterdam en de VNG-woordvoerder over dit onderwerp. ‘Gemeenten kampen nu al met toenemende tekorten, en die zullen in de toekomst alleen maar sneller groeien door de vergrijzing.’ 

Die vergrijzing was te voorzien toen de gemeenten in 2015 de zorgtaken voor jeugd en ouderen kregen toebedeeld van het Rijk, gekoppeld aan een flinke bezuiniging. Waarom hebben jullie je toen niet verzet?

‘De vergrijzing was bekend en we wisten ook dat de verzorgingshuizen zouden sluiten. Maar wij hebben destijds de impact ervan onderschat. Bedenk dat de overheveling van zorgtaken naar de gemeenten de grootste stelselwijziging is geweest van de afgelopen vijftig jaar. We konden vooraf niet alles voorzien. Nu pas merken we hoezeer die combinatie van factoren leidt tot een grotere zorg- en hulpvraag.

‘Wij willen niet, zoals bij de jeugdzorg, pas achteraf tegen het Rijk zeggen dat het mis is gegaan. Daarom hebben we bij de ouderenzorg vooraf berekend wat we tekort gaan komen. We hebben zes gemeenten – Rotterdam, Amsterdam, Amersfoort, Haarlem, Apeldoorn en Zoetermeer – de stijging van met name het aantal tachtigplussers laten berekenen, en geïnventariseerd wat hun zorgbehoefte zal zijn.

‘Niet alleen neemt het aantal inwoners boven de 65 jaar snel toe, mensen worden ook steeds ouder en blijven tot op zeer hoge leeftijd thuis wonen. In kleinere krimpgemeenten kan de kostenstijging nog groter zijn.’

Hoe realistisch was de aanname destijds dat de zorg goedkoper zou worden als die zou worden verleend door de gemeenten, die dichter bij hun inwoners zouden staan?

‘De zorg dichtbij is niet zo veel goedkoper geworden als vooraf was gehoopt, dat is ook in de jeugdzorg gebleken. Maar als je ziet hoeveel meer inwoners de gemeenten nu ondersteunen, dan is er wel degelijk winst behaald. Als deze zorg niet zou zijn gedecentraliseerd, zouden de kosten ervan nog veel sneller zijn gestegen.

‘Bij onvoldoende ondersteuning thuis zal een deel van de ouderen aanspraak maken op zwaardere en duurdere zorg, bijvoorbeeld in een verpleeghuis. Dit staat helder beschreven in een vorige week verschenen rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau. De zorg die wij bieden maakt deel uit van een groter systeem. Deze ondersteuning is ook preventief. Bovendien waarderen veel ouderen het dat ze zo lang mogelijk thuis kunnen wonen.’

Maar er zijn ook klachten: ouderen die vinden dat de huishoudelijke hulp wel heel schraal is geworden, krijgen vaak gelijk van de rechter.

‘Wij zien het zorgaanbod verschralen voor ouderen, maar dat is zeker niet alleen door gemeentelijk beleid. Door het wegvallen van verzorgingshuizen verdwijnen bijvoorbeeld ook de restaurants daarin. De huishoudelijke hulp heeft vaak geen tijd meer om koffie te drinken met de ouderen. Het risico is dat de eenzaamheid onder ouderen nog groter wordt. De gemeenten willen voor hen een fatsoenlijke leefomgeving creëren, met bijvoorbeeld meer activiteiten. Ook dat kost geld.’

Daarvoor is toch de participatiesamenleving in het leven geroepen? Buren en familie zouden meer doen, en dat zou tot lagere zorgkosten leiden.

‘Het is niet zo dat als kinderen de ramen lappen bij hun ouders, die ouders bijvoorbeeld geen huisaanpassing meer nodig hebben. Ook is de groep kwetsbare inwoners zonder een sterk netwerk groter dan we dachten. Nu wij dichter op de hulpbehoevenden zitten, zien we dat veel van hen meerdere problemen hebben, bijvoorbeeld grote schulden. In de wijken hebben we nu allerlei samenwerkingsverbanden opgezet tussen hulpverleners om deze mensen beter te helpen.

‘Maar dat kan beter. Er zijn nog te veel partijen in de buurten actief: wijkteams, ggz-teams, thuiszorg, wijkverpleging... Er moet beter worden samengewerkt – wat lastig is omdat ze allemaal uit andere potjes worden betaald. En we moeten meer tussenvoorzieningen maken voor ouderen die nog net niet in aanmerking komen voor een verpleeghuis, maar het nauwelijks meer redden thuis. Anders raken mantelzorgers uitgeput.’

Ondanks alle problemen die de overheveling van zorgtaken de gemeenten heeft bezorgd – en waarover ze met zorgminister Hugo de Jonge in gesprek willen – zijn ze wel degelijk blij met hun nieuwe rol, zegt De Langen. ‘Als je naar het grotere plaatje kijkt, zie je dat wij het verschil kunnen maken. We besparen op de zorgkosten. Daarvoor verwacht ik van het kabinet nog steeds een taart.’

Minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) vindt dat de gemeenten het met de beschikbare middelen moeten proberen te doen.
‘Bij het geld dat het Rijk de gemeenten geeft voor hun zorgtaken houden wij al rekening met demografische ontwikkelingen zoals de vergrijzing’, zegt zijn woordvoerder. ‘Gemeenten waar meer ouderen wonen, krijgen meer geld. Als gemeenten niet rond komen, kunnen zij binnen hun eigen begroting meer geld vrij maken voor zorg.’

Gemeente Den Haag in problemen door stijgende kosten in jeugdzorg
Den Haag schaart zich in de lange rij gemeenten met te weinig geld voor de jeugdhulp. Het tekort loopt op tot 35 miljoen euro in 2023. Ook bij de WMO (Wet maatschappelijke ondersteuning) stijgen de kosten. Dit blijkt uit de woensdag gepresenteerde begroting 2020-2023 van de gemeente Den Haag. De 37 extra miljoen van het Rijk is een ‘dikke druppel op de gloeiende plaat’.

Hoe jurist Wevers goed geld verdient door de participatiesamenleving
Kevin Wevers vond na zijn afstuderen als jurist geen baan, ging de bijstand in en moest als gemeentelijke tegenprestatie papieren bloemen vouwen in een fabriekshal - hij kreeg de participatiesamenleving recht in zijn gezicht. Begon in zijn ouderlijk huis een juridisch bureau, kocht een tweedehands Jaguar en werd in no-time held van ouderen en gehandicapten die vanwege de participatiesamenleving gekort worden op huishoudelijke hulp. 

Moet ik als mantelzorger alle kosten zelf dragen?
Ik sta mijn hulpbehoevende zus bij en maak daar veel kosten voor. Zo heb ik vorig jaar 20 duizend kilometer gereden. Kan ik dat verrekenen met de belastingen? 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden