Zorg sneeuwt onder door hoge werkdruk huisarts

3 oorzaken voor te drukke huisartspraktijken

Huisartsen krijgen kwetsbaardere patiënten, nemen meer werk over van het ziekenhuis en moeten hun personeel managen. Ruim driekwart maakt inschattingsfouten door de druk, blijkt uit een enquête.

Beeld Marcel van den Bergh

Huisartsen ervaren hun werkdruk dermate hoog dat de zorg voor hun patiënten eronder lijdt. 78 procent van de artsen heeft vorig jaar naar eigen zeggen een inschattingsfout gemaakt als gevolg van die druk. Dat blijkt uit een enquête onder 1.600 leden van de Landelijke Huisartsenvereniging (LHV). Drie oorzaken van de hoge werkdruk. Plus mogelijke oplossingen.

Oorzaak 1: Huisarts krijgt meer kwetsbare patiënten

De oudere woont langer thuis, de psychiatrische patiënt verblijft minder lang in een instelling en de probleemjongere krijgt minder hulp van de gemeente. 'Dit afkalven van het sociale domein', zoals zorgeconoom Guus Schrijvers het noemt, 'leidt tot extra werk voor de huisarts'.

Vincent Coenen, huisarts in Werkendam, geeft een praktijkvoorbeeld. 'Ik heb een dementerende patiënt. Het kan eigenlijk niet meer, maar ze woont nog alleen thuis. Ze heeft last van paranoïde wanen: haar dochter zou haar iets aandoen, zou schilderijtjes verwisselen. Ze loopt zonder kleren de straat op. De buurvrouw belt dan ons dat we langs moeten komen. Ik regel een psychiater, zorg dat er een rechterlijke machtiging komt zodat de vrouw verplicht in een verpleeghuis kan worden opgenomen. Voordat zo'n machtiging er is, zijn we zes weken verder. In de tussentijd ga ik geregeld langs, houd ik contact met de wijkverpleegkundige.'

Deze vrouw, zegt Coenen, zou vroeger allang in een verpleeg- of verzorgingshuis hebben gewoond. Gemiddeld hebben Nederlanders 4,4 keer per jaar contact met hun huisarts, maar bij 75-85-jarigen is dat al 9 keer: boven de 85 zelfs 13 keer per jaar. 'Per week vragen meer van zulke patiënten om veel tijd en aandacht.'

Niet alleen voor ouderen is de samenleving complexer geworden, zegt Hedwig Vos, huisarts in Den Haag. Mensen met een verstandelijke beperking, die internet soms niet begrijpen, vallen buiten de boot. 'Ik heb zo vier mensen op een dag met allerlei ziekten door elkaar, die werkloos zijn, eenzaam, in de schulden zitten, en last hebben van een depressie. Dan moeten we samen een oplossing zien uit te vogelen.'

Tekst gaat door onder afbeelding.

Huisarts Vos in haar praktijk in Den Haag. Beeld Marcel van den Bergh

Oorzaak 2: Huisarts neemt werk over van ziekenhuis

Substitutie is één van de toverwoorden die de zorgkosten in Nederland omlaag moeten brengen. Oftewel: haal zoveel mogelijk zorg uit de poliklinieken van het ziekenhuis en breng die naar de huisartsenpraktijk. Denk aan de zorg voor chronische ziektes als diabetes, copd, of astma. Maar ook (en deze lijst wordt snel langer): de controle na het plaatsen van buisjes in de oren bij kinderen, een huidkankercheck, de bewaking van cardiologische patiënten na hartfalen.

'Er kan nog altijd meer het ziekenhuis uit', zegt Schrijvers, maar 'substitutie dreigt aan haar eigen succes ten onder te gaan. Huisartsen vinden het prachtig: ze leren er zelf van en het is fijn voor hun patiënten. Toch adviseer ik artsen altijd: hang niet te veel ballen in je kerstboom.'

Huisarts Coenen verkoopt nu regelmatig nee als er vanuit het ziekenhuis weer een project wordt bedacht: 'Zaken die een huisarts maar twee keer jaar ziet, moet je niet bij hem neerleggen. Daar is een streekziekenhuis voor gemaakt.'

Zorgverzekeraars zijn dol op substitutie, het drukt de zorgkosten immers razendsnel. Maar als er aan de huisartsenkant geld bij moet om het extra werk op te vangen, 'geven verzekeraars niet thuis', zegt Schrijvers.

Coenen: 'Er zijn proefprojecten met kleinere huisartsenpraktijken, maar de ambitie mag wel wat hoger.'

Oorzaak 3: Huisarts wordt ook personeelsmanager

Bovenstaande taken kan een huisarts niet alleen afhandelen. Daarom bestaat een gemiddelde huisartsenpraktijk allang niet meer uit de huisarts en assistent. Er zijn praktijkondersteuners, assistenten, praktijkmanagers. Van eenpitter is de huisarts personeelsmanager geworden. 'Een huisarts heeft zomaar acht of negen mensen in dienst, allemaal parttimers', zegt Schrijvers. 'Dat is lastig managen.'

De werkdruk van de huisarts is ook afhankelijk van de praktijken om hem heen en de hoeveelheid patiënten die daar opgevangen kunnen worden. Huisartsen die met pensioen gaan, kunnen daar nauwelijks een opvolger vinden, de huisartsen die overblijven, krijgen er alleen maar werk bij. 'Daarmee ontstaat ellende in gebieden als Leeuwarden, Emmen, Zeeland', zegt Schrijvers. Het probleem zit 'm vaak in de partner van de afgestudeerde huisarts. Die is ook hoogopgeleid, wil ook een eigen carrière, en die banen liggen in de randgebieden niet voor het oprapen.

En de oplossingen?

Van de huisartsen pleit in de enquête 85 procent voor een kleiner aantal patiënten per praktijk. Huisarts Vos: 'Dan kan ik proactiever werken: een keertje bellen met een patiënt, langsgaan als ik denk dat het nodig is. Als ik een keer een half uur de tijd neem voor zo'n patiënt, weet ik zeker dat ik een verwijzing naar een medisch specialist kan voorkomen.'

Toch vindt zorgeconoom Schrijvers het 'een te gemakkelijke oplossing' standaard het aantal patiënten te verlagen. Hij pleit voor financiering per functie: doet een praktijk niets extra's, dan krijgt deze er niets bij. Helpt een huisarts bij rechterlijke machtigingen of andere administratieve rompslomp, dan moet er geld bij.

Huisarts Coenen ziet nog andere oplossingen: 'We moeten de patiënt zelfredzamer maken. Als er meer complexe zorg naar de huisarts toe komt, zal de eenvoudige zorg meer bij de patiënt moeten komen te liggen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.