ZORG-LANDBOUW IN VOORTUIN VAN AMSTERDAM

In hoog tempo is Nederland op weg een land te worden zonder boeren, een 'ontboerde natie'. Sietse van der Hoek schetst die ontwikkeling in een reeks reportages....

Tot in de hoogste hemel voor altijd tot beschermd landschap verklaard en geen boer die erover klaagt - is dat geen wonder? Het is het wonder van de Beemster, droogmakerij uit 1612 en door de Unesco in 1999 erkend als Werelderfgoed. 'Ja, dat vind ik wel mooi van de Beemster', zegt Jan Uitentuis (48) in de keuken van zijn stolpboerderij aan de Middenweg.

'Dat de structuur in vierhonderd jaar bijna niet veranderd is en dat die zo goed bij de eigentijdse boer past.' Het is te danken aan de renaissancistische beginselen over ideale verhoudingen en vormen dat het goed boeren is in de Beemster en dat de droogmakerij pronkt op de lijst van Unesco.

De Beemster was de eerste van de grote binnenmeren in het Hol land se Noorderkwartier die in de zeventiende eeuw zijn drooggemaakt. Amsterdamse kooplui/regenten en hoge Haagse ambtenaren zochten lucratieve investeringsprojecten voor hun kapitaal. Op de bodem van de meren lag oude blauwe zeeklei, geschikt om graan op te verbouwen, waarvan de prijs hoog was in die tijd. Een generatie van droogmakers, landmeters, windmolenbouwers, onder wie Jan Adriaensz. die later ook internationale faam zou oogsten onder de naam Leeghwater, stond klaar voor het grote werk.

Het gewonnen land van de Beemster, ruim 7000 hectare, 3,5 meter onder zeeniveau, werd door tochtsloten en wegen verdeeld in vierkante kavelkwadranten: zes vierkanten van 900 bij 900 meter, elk bestaande uit vijf 'basiskavels' van 900 bij 180 meter. Ter vervolmaking van het geometrische ontwerp kregen de tweehonderd boerderijen een piramidevormig dak boven een vierkant grondplan.

Een rationeel patroon van evenwicht, symmetrie, en nuttige bruikbaarheid - zoals de Renaissance-mens die graag zag en Mondriaan later schilderde en de Beemster boer tot op de dag van vandaag gerieft.

Jan en Hetty Uitentuis: drie kinderen, vijftig melkkoeien, vier kavels grasland van elk 8 hectare ongeveer (90 meter breed, 900 meter lang). 'De indeling en de water/land-verhouding zijn na vier eeuwen nog zeer werkbaar', vindt Jan Uitentuis. Een mooi bewijs daarvan is dat zo'n vijf, zes boeren van elders, door Schiphol en stedelijke uitbreidingen gedwongen te vertrekken, voor de oude maar modern-efficiënte Beemster kozen om verder te boeren.

Niet alles bleef bij het oude. De Beemsterbodem bleek toch minder geschikt voor graan, waarvan de prijzen ook nog rap daalden, zodat meer en meer akkergrond werd omgezet in weiland. De 45 luisterrijke buitenplaatsen van Amsterdamse patriciërs raakten in de loop van de achttiende eeuw in onbruik en verval. De tientallen molens langs de ringvaart rond de Beemster maakten plaats voor enkele stoom- en elektrische gemalen. Sommige landbouwers specialiseerden zich in de teelt van fruit; de zuidoosthoek ontwikkelde zich tot een centrum van tuinbouw. Betje Wolff schreef in de pastorie van Middenbeemster met haar vriendin Aagje Deken de klassiek geworden roman-in-brieven De historie van mejuffrouw Sara Burgerhart, de eerste moderne psychologische roman in de Nederlandse literatuur.

Boeren verkleinden kavels door tussensloten te graven. Aan de zuid kant van de droogmakerij verrezen aan het eind van de negentiende eeuw vijf forten van de Stelling van Amsterdam (ook Wereld erf goed op de Unesco-lijst), waaronder het bloedmooie Spijkerboor. Boeren gooiden tussensloten weer dicht om kavels te vergroten en zodoende machines efficiënter in te kunnen zetten. De grondwaterstand werd verlaagd. Koolzaad verdween, de teelt van bloembollen deed zijn intrede.

'We hebben er ons inkomen altijd goed kunnen verdienen', zegt Jan Uit entuis. En als de boer zijn ondernemersvrijheid kan behouden en zich bedrijfsmatig kan blijven ontwikkelen, zal de Beemster zijn oorspronkelijke karakter ook niet verliezen, denkt hij. Jan Uitentuis is voorzitter van wlto, de regio West van de Land- en Tuinbouw Orga ni satie. Maar het zullen wel veel minder agrarische bedrijven zijn. Ruw weg eenderde zal ermee ophouden, schat hij. Eenderde is al groot en zal groter worden. Eenderde zal er wat anders bij moeten doen om te kunnen blijven bestaan (temeer naarmate de Europese Unie de subsidies vermindert).

Tot die laatste categorie rekenen hij en zijn vrouw zich. De sprong maken naar groot, een kleine honderd koeien bijvoorbeeld, is irreëel, want zou aan grond en melkrechten een investering van een ton per koe vergen. Ze zoeken het dus in nevenactiviteiten; beiden zijn druk in de Stichting Plattelandsvernieuwing Beemster. Jan Uitentuis: 'Wat hebben we in de Beemster? Mooi landschap, rust en ruimte, en dat alles vlakbij de grote stad. Dat moeten we dus niet uit handen geven, maar zelf exploiteren.'

Zo is werkzaam geworden de Beemster Lusthof met een kleine vijftig agrarische deelnemers. 'Lusthof' is een begrip uit het oeuvre van Bet je Wolff. Je ziet de aanduiding staan langs de liniaalrechte wegen in de Beemster. Het bord kan verwijzen naar de twintig bedrijven die aardappelen, bloemen, bollen, knoflook en groenten aan huis verkopen. De Beemster Lusthof is ook de organisatie van het contract met de ven, groothandel in voedsel voor de prestigieuze horeca. En leverancier aan de nieuwste Amsterdamse eethit, restaurant De kas in de Watergraafsmeer.

Beemster Lusthof omvat ook kamperen bij de boer en Hotel Boe ren kamers (precies wat de naam zegt, onder andere bij de broer van Jan Uitentuis) en arrangementen voor bijvoorbeeld een eendaagse thema-excursie langs zeven typen agrarische bedrijven in de Beem ster. Jan en Hetty Uitentuis richten zich op zorg-landbouw: onthaasting, werk en opvang en ontspanning voor geestelijk gehandicapten, psychisch gestressten. Een nieuwe relatie tussen stad en platteland.

'Dat vind ik wel mooi', zegt Jan Uitentuis. 'Twee eeuwen lang hadden we niks met mekaar, waren wij alleen maar anonieme voedselleverancier aan de grote stad. Nu worden we weer zoals we begonnen in de Gouden Eeuw: de voortuin van Amsterdam.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden