Zorg in de universitaire wereld: de wetenschapper als flexwerker

Wetenschappers hebben steeds vaker een tijdelijk contract. In 1995 ging het om circa 20 procent, in 2012 was het aantal verdubbeld. Tellen ook promovendi mee, die vrijwel allemaal een tijdelijke aanstelling hebben, dan komt het aandeel universitaire flexwerkers zelfs op 60 procent. De kwaliteit van onderwijs en onderzoek heeft daaronder te lijden, meent de vakorganisatie van universiteitspersoneel.

Beeld belga

De toename van het aantal tijdelijke contracten is een gevolg van de manier waarop wetenschappelijk onderzoek wordt gefinancierd. Universiteiten krijgen steeds minder geld direct van het ministerie. Via projectvoorstellen moeten ze geld zien los te peuteren bij organisaties als onderzoeksfinancier NWO of bij bedrijven. Omdat zulke projecten maar een paar jaar lopen, krijgen de onderzoekers niet gauw meer een vast contract van de universiteit.

Volgens de vakorganisatie voor personeel van universiteiten, onderzoekinstellingen en universitair medische centra (VAWO) is niet alleen vervelend voor de betreffende wetenschappers, die in onzekerheid leven en vaak van universiteit naar universiteit zwerven. Het ondermijnt ook de kwaliteit, zegt bestuurslid Marijtje Jongsma.

Continuïteit
'Voor goed onderzoek en goed onderwijs is continuïteit nodig. Dat gaat een stuk lastiger als iedereen maar een paar jaar blijft.'
De Vereniging van Universiteiten (VSNU) - de werkgeversorganisatie - ziet de toename van het aantal tijdelijke contracten niet als een probleem. 'Het huidige model is gericht op talentselectie', zegt woordvoerder Bastiaan Verweij. 'Onderzoek is veel competitiever dan vroeger. Wetenschappers strijden met elkaar om de pot met geld. Dat is uitdagend, maar betekent soms ook dat er onzekerheid is over een aanstelling of over het voortbestaan van een vakgroep.'

Het Platform Hervorming Nederlandse Universiteiten deelt de zorgen van de VAWO wel. Om aandacht voor de kwestie te krijgen bedacht het platform onlangs een wedstrijd: wie is het langst in tijdelijke dienst van een Nederlandse universiteit?

Twaalf mensen - allemaal meer dan 100 maanden in tijdelijke dienst - nomineerden zichzelf. Winnaar van de prijsvraag werd de 51-jarige natuurkundige André Linnenbank, die 304 maanden - ruim 25 jaar - als onderzoeker in het Amsterdams Medisch Centrum werkte, steeds tijdelijk in dienst van andere organisaties. 'Ik ben nooit van baan veranderd', zegt hij, 'alleen steeds van werkgever.'

Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.