Zonder EU zou Engeland echt in oorlog zijn

HET IS schokkend om eraan te worden herinnerd hoe makkelijk de Britten zich in het tenue van een natie in oorlog hullen....

'Major Trekt Eindelijk ten Strijde', zo luidde de kop op de voorpagina van de Daily Mail. The Sun verluchtigde zijn verhaal over het rundvlees met een foto van Churchill. In andere publikaties werd zelfs gerept over de vorming van een oorlogskabinet.

Binnen Europa bestaat alleen in Groot-Brittannië een dergelijk diepgeworteld cultuurgebonden verlangen om de laatste oorlog opnieuw te beleven en zich als land historisch gezien van zijn buren te onderscheiden.

Wie dacht dat dit instinct er niet meer was, dat het voorzichtig ten grave was gedragen tijdens de lange periode van succesvolle Europese eenwording in de tweede helft van de twintigste eeuw, vergist zich.

De opgekropte gevoelens van Brits nationalisme hebben een andere uitlaatklep gevonden. Door te dreigen niet langer met Europa samen te werken, heeft John Major niet alleen de laatste tactische zet gedaan in de lange strijd om de zeggenschap in de Conservatieve Partij. Hij heeft ook een nationalistische geest uit de fles gelaten, en het zal hem moeite kosten om die er weer in terug te krijgen.

Kijk maar naar het woord 'eindelijk' in 'trekt eindelijk ten strijde' uit de kop in de Daily Mail. Het verwijst naar een gelukkig, voldaan volk. Eindelijk heeft een deel van de natie vrede met zichzelf. Een natie in oorlog. Dat wil zeggen een natie die speelt dat het oorlog is.

Wie is opgegroeid in de jaren vijftig en zestig, vond de oorlog een zaak van zijn ouders. En toch zijn ook zij 'dragers' gebleken. Veertien jaar geleden werden velen verrast door het feit dat de Falklandcrisis een bastaardversie van de oorlogsgeest kon oproepen. Nu, ruim 51 jaar na het einde van de laatste Europese oorlog, is er een nog zonderlinger mutatie van de bulldog-mentaliteit te zien in de strijd om het Britse rundvlees.

Deze vergelijking is niet helemaal uit de lucht gegrepen, al leidt zij uiteindelijk tot een conclusie die de Eurofoben liever niet horen. In het verleden was de strijd om internationale markten een reden voor echte oorlogen. Was dit 1896 in plaats van 1996, dan zou de vloot nu vrijwel zeker naar Wilhelmshafen opstomen en zouden we de Kanaaltunnel onder water zetten.

Het feit dat er waarschijnlijk in dit jongste conflict geen Britse levens verloren zullen gaan, is te danken aan het welslagen, niet het mislukken, van de Europese Unie.

De Eurofoben zien dat niet. Voor de meer intellectuelen onder hen is de rundvleesdiscussie gewoon een surrogaat voor een bijna heilige en mystieke zaak: de wederopleving van het Britse nationale bewustzijn.

Niet iedereen die gehoor geeft aan het geluid van de oorlogstrommels denkt er zo over. Er schuilt niets verhevens in de instinctieve xenofobie die het voetvolk van dit leger op de been houdt. Wanneer gezegd wordt dat Duitsers alleen de taal van macht en geweld verstaan, of wanneer The Sun twintig manieren afdrukt om Duitsers te beledigen, dan zijn we getuige van iets dat veel kwalijker en gevaarlijker is.

De surrealistische kanten van de rundvleescrisis mogen ons niet de ogen doen sluiten voor de zeer ernstige gevolgen van die crisis. Omdat we niet echt ten strijde kunnen trekken, kunnen we alleen maar doen alsof. En omdat we nooit een echte oorlog tegen de gezamenlijke strijdkrachten van Duitsland en Frankrijk zullen winnen, kan er geen sprake zijn van een reële overwinning of een reële nederlaag.

Dat confronteert ons niettemin met een zeer reële keuze. Leven we verder in de fantasiewereld van haat tegen de Duitsers, of proberen we ons eindelijk te bevrijden van deze schadelijke, nergens toe leidende waanideeën? Werken we samen met de andere Europese naties in de enige alliantie die op dit moment denkbaar is in dit deel van de wereld, of verzetten we ons ertegen?

DE LOGICA - als we dat woord in deze context kunnen gebruiken - van de positie waarin de Conservatieve Partij zich bevindt, is dat ze nooit de Europese keuze kan maken. De Conservatieve Partij kan onderdeel van Europa, maar nooit Europees worden. In plaats daarvan is de partij, zoals de gebeurtenissen van deze week hebben laten zien, hard op weg de Britse nationalistische partij of zelfs de Engelse nationalistische partij te worden.

Het is aan de oppositiepartijen of ze zich willen laten meeslepen of pal willen staan. Wat de bedenkingen tegen bepaalde aspecten van het Europese project - zoals een gezamenlijke munteenheid - ook zijn, er is nu iets veel fundamentelers aan de hand.

Een fictieve oorlog is bijna even dodelijk voor de Britse lange-termijnbelangen als een echte oorlog. Als de Conservatieve Partij erop staat dat iedereen een keuze ten aanzien van Europa moet maken, dan is er maar één serieuze mogelijkheid.

Martin Kettle is redacteur van The Guardian.

The Guardian/de Volkskrant.

Vertaling José van Zuijlen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden