Zonder D66 wordt Paars II zware klus

Voor een tweede Paars kabinet kan D66 nog wel eens harder nodig zijn dan in 1994, betoogt Hans van Mierlo....

TWEEENDERTIG jaar geleden begonnen we een nieuwe partij. Voornaamste drijfveer en doelstelling: het doorbreken van het gevestigde partijpolitieke patroon. Tegen de vanzelfsprekendheid van de macht van de confessionele partijen. Meer directe democratie door wijziging van de constitutie en ontideologisering van de politiek.

We weigerden plaats te nemen op de lijn van links naar rechts: socialist - confessioneel - liberaal. We plaatsten ons tegenover die lijn en kritiseerden die als geheel. Daarmee werden we de tegenstander van alle drie en tot het ongewenste kind in de Nederlandse politiek. In feite is dat altijd zo gebleven.

Het belangrijkste doel was en bleef de doorbreking van het partijpolitieke en constitutionele systeem, waardoor alle macht iedere keer opnieuw veroverd moest worden op burgers, nooit meer vanzelfsprekend zou zijn en zich niet meer zou vormen van boven naar beneden, maar van beneden naar boven.

We wisten het niet, maar met de komst van D66 hebben we de kiel gelegd voor een boot, die pas dertig jaar later zou gaan varen. Het Paarse kabinet als een macro-uitvoering van die eerste verzoening uit de jaren zestig.

Voor het zover was heeft de geschiedenis van D66 in kwalitatieve zin de rechte lijn laten zien, langs welke de partij op alle manieren probeerde die vanzelf sprekendheid van de macht van het midden te doorbreken. Door de polarisatie-strategie met schaduwkabinet, door de vorming van een progressieve volkspartij. Door staatscommissies en wetsvoorstellen voor constitutionele hervorming. Uiteindelijk zijn al deze pogingen min of meer vastgelopen, op de laatste na: dat was de vorming van het Paarse kabinet.

Dit leidt tot drie conclusies. De eerste is dat er een consequente lijn loopt van de geboortepapieren van D66 naar het Paarse kabinet, dat bij wijze van spreken al in onze genen zat, zonder dat we het wisten.

De tweede conclusie is dat de doelstelling: het doorbreken van de vanzelfsprekendheid van de macht van het midden, ook echt bereikt is - los van de vraag of er een tweede Paars kabinet komt. Het zal nooit meer zo zijn dat een partij ongeacht z'n omvang - ongeacht de uitslag van de verkiezingen - altijd en vanzelfsprekend aan de macht is.

De kwalitatieve gelijkheid van partijen is voorgoed tot stand gekomen. En dat betekent dat we in volgende formaties voor het bereiken van die doelstelling, geen demandeur meer hoeven te zijn - met alle nadelen die er aan die positie vastzitten. Met andere woorden: Paars II is een optie, die voor ons om programmatische redenen het aantrekkelijkst en meest voor de hand liggend is. En misschien wel om die redenen de enige.

De derde conclusie betreft de eventuele noodzakelijkheid van D66 voor de bestaansmogelijkheid van Paars. Wie zal het zeggen. Maar als we voorlopig noodzakelijk zijn dan is dat niet omdat wij zo sterk paars willen en het daarom afdwingen, maar dan ligt het argument daarvoor in onze geschiedenis.

Toen Paars nog moest komen, zei iedereen dat het niet kon. Toen het er was, dat het niet lang zou duren en nu is het de vraag of het door kan gaan. Aan de maatschappij zal het niet liggen. Het binnenwerk - het bedrijfsleven, de rechterlijke macht, de onderwijswereld, de medische wereld - had zich in de afgelopen zeventig jaar voor de zekerheid geheel georiënteerd op die ene politieke macht, die er vanzelfsprekend altijd was: het CDA.

De vraag was of dat binnenwerk zich zou willen en kunnen oriënteren op de nieuwe macht, de drie partijen. Als me iets verbaasd heeft, dan is het het gemak geweest waarmee dat in de kortste tijd is geschied. Als vanzelfsprekend. De maatschappij loopt ver voor op het politieke denken, dat belang heeft of denkt te hebben bij het handhaven van verouderde structuren.

Er zijn veel meer effecten op te noemen, waarvan sommige hun doorwerking pas op langere termijn hebben. Het compromis tussen twee uitersten in het politieke krachtenveld laat geen illusie na van de andere oplossing, uit de oppositie. Vroeger bracht een centrum-links kabinet een centrum-linkse oplossing voor een probleem met als illusie de niet gerealiseerde centrum-rechtse oplossing, die in de oppositie werd gekoesterd. En omgekeerd gebeurde dat in een centrum-rechts kabinet.

Dat heeft ook z'n nadelen. Want in het compromis zelf verdwijnt de herkenbaarheid van de betrokken partijen. De behoefte die zichtbaar te maken, uit zich in het debat dat aan het compromis vooraf gaat en in de verkiezingscampagne. Deze is minder vrijblijvend dan vroeger. Minder ook naarmate je meer te kennen geeft dat je met elkaar zou willen doorgaan.

Om al deze redenen was Paars een ongewoon kabinet. De brug tussen de partijen, die ooit politieke erfvijanden waren, maar die ook de erfgenamen waren van de verlichting - liberalen en socialisten - maakte het kabinet tot bruggenbouwer ook op andere terreinen. Tussen kapitaal en arbeid, tussen politiek en samenleving, tussen milieu en economie, tussen werkenden en werklozen, tussen Nederlanders en medelanders, tussen binnen- en buitenland.

Inhoudelijk heeft Paars door zakelijke vernieuwing, door tegenstellingen te verzoenen en door keuzen te verhelderen, Nederland helpen voorbereiden op de ongewisse nieuwe eeuw die voor ons ligt. De val van de Muur heeft een einde gemaakt van de grote ideologieën en de desastreuze werking van hun vermeende gelijk. In een context van mondialisering zal in de komende eeuw de behoefte aan veiligheid, respect voor mensenrechten en sociale rechtvaardigheid alleen maar toenemen.

Laat ik een paar concrete resultaten van het paarse beleid noemen, die naar mijn gevoel het gevolg zijn van die gebouwde bruggen en dus voortvloeien uit de structuur van het kabinet.

Dat is in de eerste plaats de combinatie van sociaal-economische grootheden, die zich zelden voor doet: lagere lasten, veel meer werk - hogere koopkracht, lage inflatie en geringere schuld. In de driehoek: Economische Zaken - Sociale Zaken - Financiën, oftewel D66, PvdA en VVD.

Ten tweede: de verzoening tussen economie - infrastructuur en milieu. In de driehoek Economische Zaken - Verkeer en Waterstaat en Milieu, oftewel: D66, VVD en PvdA.

Ten derde: de herijking van het buitenlands beleid - die voort is gekomen uit het feit dat we in de korte tijd van de formatie de klassieke tegenstelling tussen links en rechts over ont wikkelingssamenwerking en defensie-uitgaven niet konden verzoenen. Die herijking kwam tot stand in de driehoek: Buitenlandse Zaken - Ontwikkelingssamenwerking en Defensie, oftewel D66, PvdA en VVD.

Ten slotte: het drugsbeleid - in de driehoek: Justitie, Volksgezondheid en Binnenlandse Zaken, oftewel: D66, D66 en D66.

Is D66 nodig voor Paars II? Natuurlijk zeggen de twee andere partijen dat D66 gewenst is, maar niet nodig. Het ontkennen dat het gewenst is, zou heel onaardig zijn en zeggen dat het absoluut nodig is heel stom. Want dan zouden ze hun lot voor een deel in onze handen leggen.

Maar wat is de werkelijkheid? Als wij niet nodig zijn voor de meerderheid of te weinig zetels halen, en ze denken het met z'n tweeën te kunnen, dan moeten ze het zeker doen. We wachten dan wel af. Ik heb zeer grote twijfels of dat zal lukken. Daarvoor is hun geschiedenis van politieke tegenstelling en uitsluiting te lang geweest en nog te vers.

Het verloop van de formatie vier jaar geleden spreekt boekdelen. We waren de dwingende factor die de vorming van een centrum-links of rechts kabinet onmogelijk maakte. Daarna is het wel eens zo geweest dat we in een vastgelopen discussie met een oplossing konden komen, maar onze belangrijkste functie - naast het eigen programma - was dat we het bindweefsel waren, dat de beide polen in gesprek hield. De behoefte daaraan zal eerder toenemen.

De reden daarvoor is dat we tijdens Paars I in een luxe positie hebben verkeerd. Door de relatief grote ruimte als gevolg van het feit dat de internationale wind meezat, konden vaak met een beetje inschikken, de verlangens van PvdA en VVD beide worden gerealiseerd. Naast elkaar!

Het is de verwachting dat in de loop van Paars II het tij zal keren. Dan kan er niet meer worden opgeteld, maar dan moeten er keuzes worden gemaakt. Dan wordt het politiek klimaat harder en gespannener. En ik moet nog zien dat men het dan eens kan worden zonder een derde, zonder - als ik het zo mag zeggen - het excuus van een derde partij daar tussenin.

Dit van de kant van Paars gezien. Maar het is maar de helft van het verhaal. Zo goed als de twee andere partijen ons nodig hebben om creatief in een kabinet te zitten, zo hebben wij hen nodig om ons program gerealiseerd te krijgen. Dat is in de eerste plaats het referendum, dat in tweede lezing tweederde van de stemmen van de Staten-Generaal nodig heeft.

Het CDA en de christelijke partijen zijn tegen. Ik hou m'n hart vast voor de VVD in de Eerste Kamer als D66 onvoldoende zetels haalt. Dan is ook het referendum verloren. Het is een aardige overweging voor wie de vraag stelt of er nog iets te kiezen valt. Meer dan zeventig procent van de burgers wil een gekozen burgemeester. Wie moet dat op de agenda zetten, nu het punt ook niet meer voorkomt in het verkiezingsprogramma van de PvdA?

Zal er iets terechtkomen van het D66-voorstel waarbij artsen straffeloos worden als ze zich volgens de regels van de wet hebben gedragen bij euthanasie?

Het zijn maar een paar heel concrete voorbeelden van D66-punten, die bij deze verkiezing rechtstreeks op het spel staan, afhankelijk van de vraag of we voldoende zetels krijgen.

Dit moeten we overeind houden. Tegen de stroom in van een verkiezingswedloop, die langzamerhand een karikatuur is geworden van een gewone parlementsverkiezing naar Nederlands model. Met een absoluut verbod op de rechtstreekse verkiezing van de minister-president door de kiezers en een campagne, die helemaal daarop is gericht en alle instincten probeert te mobiliseren op een imaginaire race naar het Catshuis.

Een imaginaire race. Want de vervalsing vervalst ook zichzelf. Zo bleek vrijdagavond toen Frits Bolkestein zich met het gezicht van een oorwurm meldde bij het loket Minister-President. Voor een race die niet meer aan de orde is en dáárom gelopen wordt.

Bolkestein zei het zelf in de Volkskrant: hij doet het niet om minister-president te worden, maar om via de instincten van de gekozen minister-president aan zoveel mogelijk zetels te komen voor zijn partij. Het is het cynisme ten top.

We hebben nog acht dagen te gaan en veel te winnen. Maar de weg omhoog is eindelijk begonnen. Uit publieke verklaringen van bekende Nederlanders blijkt dat steeds meer mensen het verband leggen tussen de terugkeer van Paars en voldoende stemmen voor D66. Hoe graag we ook de lijn zouden voortzetten in een volgend kabinet: als de kiezers ons werkelijk niet voldoende vertrouwen geven, dan moeten we ook niet net doen of we het wel hebben, en gewoon in de oppositie gaan.

Tien zetels is te weinig, heeft Els Borst gezegd en daar zal iedereen het over eens zijn. Ze heeft uitdrukkelijk niet gezegd dat alles daarboven voldoende is. En daar zal iedereen het ook over eens zijn.

Hans van Mierlo is vice-premier en minister van Buitenlandse Zaken.

Dit is een verkorte weergave van een toespraak die hij gisteravond heeft gehouden op een D66-bijeenkomst in Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden