Zonder borrel in het bos

Excessief drankgebruik en gebrek aan voeding kan leiden tot het syndroom van Korsakov. In Juliana-Oord proberen patiënten weer een beetje greep op het leven te krijgen....

Alle gebouwen van de psychiatrische kliniek Juliana-Oord in het Noord-Hollandse Laren zijn met elkaar verbonden door een groene lijn op de stoep. Elke dag schuifelen daarover groepjes mensen. Niet al te oud, soms met een rollator of in een rolstoel. Ze weten dat als ze de streep op de trottoirtegels volgen, ze vanzelf komen waar ze wezen moeten.

Psycholoog en bezigheidstherapie Roos van Oort vertelt laconiek over het simpele hulpmiddel om de Korsakov-patiënten op de juiste plaats van bestemming te krijgen van het omvangrijke, bosrijke complex in het Gooi. 'Dan verdwalen ze niet op weg naar fysiotherapeut, geheugentraining, ontmoetingsruimte of bezigheidstherapie.'

Op Juliana-Oord, onderdeel van de Symforagroep waar centra voor de geestelijke gezondheidszorg in de regio Amersfoort, het Gooi en Almere samenwerken, belanden de patiënten voor wie de verleiding voor de fles te groot is gebleken. Ze lijden aan het syndroom van Korsakov dat wordt gekenmerkt door geheugenverlies.

Het is bekend dat alcohol desastreus kan uitpakken, maar de laatste jaren is het genotmiddel in een gunstiger licht komen te staan. Elke sigaret wordt afgeschilderd als een potentiële moordenaar, maar over alcohol zijn de berichten genuanceerder. 'Geniet, maar drink met mate.'

Een beetje alcohol per dag kan immers geen kwaad. En over wat dat beetje is, wordt een stevig robbertje gevochten in de wetenschappelijke tijdschriften. Afhankelijk van het effect waar je naar kijkt, lopen de schattingen uit van één glas per dag tot wel zes.

Een veelgehoord advies is dat mannen baat hebben bij twee tot drie glazen per dag en vrouwen een tot twee. Deze matige alcoholconsumptie pakt goed uit voor hart en bloedvaten en biedt menig extra levensjaar.

Maar voor menigeen is die grens van een paar glazen zo eenvoudig niet. Als ze met drank beginnen, dan gaan ze door. In extreme gevallen is de fles niet weg te denken uit hun leven. Deze 600 duizend Nederlanders worden zware drinkers en legen dagelijks twaalf glazen of meer.

Behalve een hoop sociale ellende krijgt een klein deel van hen - schattingen lopen uiteen van 2 tot 5 procent - zware medische problemen, vooral Korsakov. 'Hun aantal neemt toe', zegt psycholoog Van Oort. 'Ze worden steeds jonger. Mensen die hier lang werken, zeggen dat er vroeger vijftigers en zestigers kwamen, nu vooral mensen tussen de veertig en vijftig.'

Als de drank in die mate de boventoon voert dat de normale voeding wordt verwaarloosd, dan gaat het goed fout. Dat leidt tot een tekort aan vitamine B 1. 'Dat kan al na een week of vier tot zes ontstaan. Dan is de voorraad in de lever uitgeput', legt Van Oort uit.

Soms drinken de patiënten alleen maar. Verklaarbaar, want alcoholische dranken zijn een rijke bron van energie. Zware drinkers kunnen zonder probleem hun energiebehoefte uit de fles halen. Het hongergevoel is afwezig.

Na een paar weken alleen maar drank is de persoon gesloopt. Als hij in die staat wordt opgenomen, moet hij in het ziekenhuis onmiddellijk aan het infuus met vitamine B1. De patiënt is suf en verward en kan niet goed meer lopen. Meestal is er dan al geheugenstoornis, maar die valt niet zo op als de patiënt voortdurend beschonken is.

Een klein aantal overleeft dit niet. De rest herstelt na een dosis vitamine, maar er blijft meestal een blijvende geheugen- en gedragstoornis achter. Ze leiden aan het syndroom van Korsakov, vernoemd naar de Russische psychiater die de geheugenstoornis rond 1890 beschreef.

Juliana-Oord ontfermt zich over deze extreem moeilijke groep van patiënten. 'Ze zijn lastig te behandelen, al zie je dat niet meteen. Ze praten vaak in redelijke zinnen, hebben grootse plannen, maar komen hun afspraken niet na en weten hun plannen niet van begin tot eind uit te voeren.'

Van Oort loopt mee over het terrein van de kliniek, waar een monumentaal hoofdgebouw is omgeven door wat minder monumentale bijgebouwen. Ze ziet een patiënt: 'Ik zie je om half twee hè?' Er valt even een stilte: 'O, ja hoor.' Ze wandelt verder. 'En dan maar zien of ze ook echt komt.' Van Oort is eraan gewend.

Er zijn ruim zeventig patiënten in Juliana-Oord. Van hen zijn er 24 opgenomen ter observatie en kortdurende behandeling, 16 krijgen een voortgezette behandeling, gericht op het weer zelfstandig functioneren en 34 patiënten verblijven op de rehabilitatie-afdeling, in afwachting van een plaats in een beschermde woonplek of een verpleeghuis.

'De patiënten komen in een omgeving waar ze niet verder aftakelen. Als ze stoppen met drinken, dan is hun situatie stabiel.' Maar Van Oort is ook realistisch: 'Hoop op volledig herstel is er veelal niet. Weliswaar kunnen de meesten weer terug naar huis, maar veel mensen zullen blijvend begeleiding nodig hebben en een aantal belandt definitief in het verpleeghuis.'

Drank op het centrum is taboe. In het ontspanningscentrum Het Trefpunt wordt alleen koffie en fris geschonken. Maar Juliana-Oord is geen gevangenis. De wandeling naar het dichtstbijzijnde café 't Bonte Paard is niet lang en op een mooie zonnige dag lonkt het terras.

'Ze weten dat ze niet mogen drinken en ze moeten een blaastest doen als ze terugkomen', zegt Van Oort. 'Op een gegeven moment krijgen ze een waarschuwing en anders gaan ze eruit. Je kunt niet behandelen als ze drinken.'

Van Oort schuift aan bij een geheugentraining. Er zitten vijf patiënten van middelbare leeftijd aan een tafeltje. Niet het beeld van groepje demente ouderen, integendeel.

Vandaag staat het verbaal en visueel geheugen op het programma. Ze hebben net een stukje tekst gelezen. 'Waar gaat het over?', is de simpele vraag van de trainster. 'Ik kan het niet beschrijven', zegt Karel, een blonde veertiger met snor. 'Ik werd ook gestoord, ik ben het kwijt.'

Greet, met een bril op haar borst, sluit zich erbij aan: 'Als ik het kan zien, dan weet ik wel, maar dit kan ik niet vertellen.' De anderen mompelen instemmend en lachen. 'De interesse is er wel hoor', zegt Karel. 'Het wil niet lukken.' Vera zegt niks. Als ze wordt aangesproken schrikt ze van de persoon die ineens naast haar zit, hoewel de binnenkomst niet ongemerkt verliep.

Daarna laat de trainster een papier rondgaan met twee bijna identieke tekeningen van een blonde vrouw, zonnebloem, rode hoed. Zoek de drie verschillen. Even een blik erop en dan doorgeven. Als het vel is rondgegaan, wil nummer één in de kring nog een keer kijken. Dat mag niet. 'O, heb ik hem al gezien?' Het beschrijven lukt redelijk, de verschillen zien gaat een stuk moeilijker. 'Best lastig hè,' zegt de trainster. De groep mompelt, schuifelt ongeduldig.

'We doen niet alleen dit soort trainingen', zegt Van Oort. Behalve met geheugen- en agendatrainingen worden de patiënten ook met andere zaken bezig gehouden. Marcel Brobbel zwaait de scepter over de activiteitenruimte waar de mensen met hun handen kunnen werken. Hij laat schappen zien met allemaal onvoltooide werkstukken. 'Ze willen veel, maar het lukt ze niet om iets af te maken.'

Aan tafel zitten vijf mensen zwijgzaam te werken. Juliana-Oord heeft een klus binnengehaald. Papieren wikkels moeten in elkaar worden geschoven, zodat ze om de hals passen van een fles natuurzuivel van een lokale boerderij. Het geld dat zo wordt verdiend, gaat in een potje voor uitstapjes.

'Je hoeft er niet over na te denken', zegt Ingrid. 'Je zet gewoon je verstand op nul. Dat is heel lekker.' Ze laat zien hoe het moet. 'Eerst het kleine lipje pakken en dan in de gleuf steken', vertelt ze. Routinematig doet ze alle handelingen. Ze heeft jaren als werkster gewerkt. Over haar problemen is ze vaag. 'Ja, ik wil weer naar huis. Dan ga ik bij mijn vriendin wonen en gaan we weer op reis.'

Op de gang ontnuchtert Van Oort de hoop van Ingrid. 'Zit er niet in. Het is het patroon van grote plannen maken en weinig realisme.'

In de gymzaal probeert fysiotherapeut Gert Koelmans de veelal lichamelijke wrakken in beweging te krijgen. 'Het zijn zware gevallen. Ze hebben een hersenbeschadiging gehad. Ze zijn zeer inactief geweest en hebben geen conditie.'

Achter in de hal wordt tafeltennis gespeeld. Er hangt een dartbord en er wordt gefietst op hometrainers. Voor elke patiënt is een plan uitgestippeld. 'Ze kunnen heel weinig, er is geen coördinatievermogen meer', zegt de bewegingstherapeut. 'Maar je kunt nog veel bereiken. Vooral fietsen gaat ze goed af.'

Het is lunchtijd. De ochtendactiviteiten zijn voorbij. Buiten lopen de groepjes over de groene lijn naar de ruimte voor een hapje eten en drinken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden