Zomer, avontuur en seks

Zomervakantie. Eindelijk tijd om al die boeken te lezen, cd's te luisteren of films te kijken waarover iedereen het heeft, maar waarover u nog niet kunt meepraten. Deel 5:films die het leven veranderen, in elk geval van de jonge hoofdpersonen. Coming of age noemen ze dat in de filmkunde. Oftewel: dertien ontroerende zomerfilms waarin kinderen in één klap groot worden.

Eigenlijk bestaat de coming-of-age-film niet. Tenminste, het is geen filmgenre met uiterlijke kenmerken. Veel meer gaat het om karakterontwikkeling. Om kleine jongens en meisjes, jonge tieners, die hun onschuld verliezen en de eerste fase op weg naar volwassenheid ingaan. Het liefst met fikse stappen, en in het beste geval met een reuzensprong die de puberteit in één klap overslaat.


Aangename en terugkerende factor in deze kijklijst: in de beste scènes is het vrijwel altijd warm en zomers. Met een groepje vrienden steentjes gooien in het water, schieten op lege frisdrankblikjes, dwalen langs een verlaten spoorlijn. Want juist in zo'n ogenschijnlijk vreedzame omgeving schuilt uiteraard het avontuur.


Waar de overgangsperiode van kind naar volwassenheid in verschillende culturen gepaard gaat met rites de passage, van een uitputtend vierdaags dansritueel bij de Apache-indianen tot Amerikaanse sweet sixteen-feestjes, gaat dat klassieke ritueel in de coming-of-age-film nadrukkelijk aan de jongvolwassenen voorbij. Of beter gezegd: het ritueel wordt vervangen door een ingrijpende gebeurtenis die een blijvend stempel drukt op het leven van de betrokken personages.


Ze zien bijvoorbeeld een lijk, zoals in het mooie, deels autobiografische Chinese drama 11 Flowers (nog te zien in een aantal bioscopen), waardoor ze met een stevige ruk uit de veilige cocon van hun kinderjaren worden getrokken. Een scène die overigens direct doet denken aan Stand By Me, de sfeervolle verfilming van de herinneringen van vier jeugdvrienden aan de vondst van een lijk, gebaseerd op het korte verhaal The Body van horrorschrijver Stephen King.


In de film schrijft een personage (Richard Dreyfuss) zijn memoires over de zomer die zijn leven en dat van zijn drie toenmalige vrienden definitief veranderde. Flashbacks worden aangevuld met zijn voice-over in het heden. In een van de eerste scènes ontpopt Stand By Me zich direct tot het schoolvoorbeeld van de coming-of-age-cinema. 'In all our lives there's a fall from innocence', zegt de voice-over. 'A time after which we are never the same.'


Toch gaat het in coming-of-age niet letterlijk om vroeger, met geschiedschrijving heeft het weinig van doen. De blik op het verleden is uiteindelijk veel belangrijker dan het verleden zelf. Dat verleden wordt doorgaans immers vertekend weergegeven; gekleurd door de wijze waarop de herinnering is opgeslagen in het geheugen, eventueel beïnvloed door een gebeurtenis die de coming-of-age van de verteller veroorzaakte. 'I never had any friends later on like the ones I had when I was twelve', besluit de verteller tegen het eind van Stand By Me. 'Jesus, does anyone?'


(Rob Reiner, Stand By Me, 1986)


1. De outcast

François Truffaut, Les quatre cents coups, 1959 / Satyajit Ray, Pather Panchali, 1955 / Richard Kelly, Donnie Darko, 2001

De jonge buitenstaanders in coming-of-age-verhalen zijn wat introvert, maar vooral ook slachtoffer van hun omstandigheden. Antoine in François Truffauts superklassieker Les quatre cents coups en Apu in Pather Panchali, het eerste deel van de Indiase Apu-trilogie van Satyajit Ray (door filmhistorici ook wel de eerste echte coming-of-age-film genoemd), groeien op in armoede en tegenslag, krijgen onbewust niet de aandacht die ze verdienen en ontpoppen zich in hun puberteit tot dwarsliggers, overlevers eigenlijk, waarvan het tot de laatste scène nooit helemaal duidelijk is of en hoe ze hun volwassenheid betreden. In de moderne variant zien we hoe de verwarde tiener Donnie Darko zich aan het eind van de jaren tachtig geen raad weet met de steeds complexer wordende wereld, terwijl zijn ouders en docenten hem juist een wereld vol ogenschijnlijk eenvoudige keuzen en mogelijkheden voorspiegelen.


2. De wensdroom

Wes Anderson, Rushmore, 1998/ Wes Anderson, Moonrise Kingdom, 2012 / Xiaoshuai Wang, 11 Flowers, 2011

De Amerikaanse filmer Wes Anderson vertelde aan het begin van zijn carrière met de maffe highschoolkomedie Rushmore al een fijn coming-of-age-verhaal, maar overtrof zichzelf onlangs met Moonrise Kingdom (2012). Een film die bestaat uit de jeugdherinneringen die hij nooit heeft gehad, zei hij in interviews. Een film als een wensdroom dus, over boomhutten en avonturen in het bos, maar bovenal over een heldhaftig kereltje dat ontsnapt bij zijn scoutingclub om het meisje te ontmoeten voor wie hij een prille liefde koestert - en zij voor hem. Dankzij die verzonnen herinneringen maakt Anderson eveneens duidelijk hoezeer wij geneigd zijn om die coming-of-age-periode te romantiseren, en hoe film wat dat betreft onze eigen herinneringen kleurt. Om zijn volwassenwording aan het eind van de film te bezegelen, krijgt het joch een scheut bier van vaderfiguur Bruce Willis - een vergelijkbare scène zit in 11 Flowers.


3. Het meisjestekort

Guillermo del Toro, Pan's Labyrinth, 2006 / Francis Ford Coppola, The Virgin Suicides, 1999

Coming-of-age-films gaan vrijwel altijd over jongens die jongensavonturen beleven, luidt de kritiek weleens. Is het omdat het cliché voorschrijft dat jongens vaker buitenshuis het avontuur zoeken en meisjes meer met elkaar praten, en dat zoiets zich minder leent voor een film? Het jonge meisje in de Spaanse fantasiefilm Pan's Labyrinth (2006) is een tomboy, net als Alice in Wonderland. Het valt op dat wanneer er eens een groepje opgroeiende meisjes-meisjes wordt opgevoerd, zoals de vijf zussen in The Virgin Suicides, ze hun coming-of-age direct moeten bekopen met de dood, terwijl hun verhaal ook nog eens door de ogen van hun overbuurjongens wordt verteld. Soms is volwassenwording één groot raadsel, lijkt Coppola te willen zeggen. Voor een enkeling bestaat de stap naar volwassenheid uit een onoverbrugbare kloof - alsof ze er ergens van overtuigd zijn dat het leven nooit meer zo mooi wordt als het was.


4. Het oudercomplot

Gabriele Salvatores, Io non ho paura, 2003

Verlies van onschuld met een mokerslag; wanneer een 9-jarig jongetje in het zuiden van Italië, ergens in de jaren zeventig, tijdens een van zijn omzwervingen langs zonovergoten korenvelden een gat in de grond ontdekt met daarin een vastgeketend leeftijdgenootje, en het er op lijkt dat zijn ouders bij de ontvoering betrokken zijn, komt alles in zijn leven op losse schroeven te staan. In de sfeervolle Italiaanse boekverfilming Io non ho paura (Ik ben niet bang) wordt elke dialoog vanaf dat moment gekenmerkt door een boosaardige onderhuidse spanning - welke zekerheid bestaat er immers nog als zelfs je ouders niet meer te vertrouwen zijn? Het idyllische vakantiedecor wordt daarop verdrukt onder zware symboliek (het graan wordt afgemaaid, donkere wolken drijven voor de zon), maar dit soort grote gebaren zijn verre van storend en wellicht zelfs nodig wanneer ze komen uit de beleving van een kind.


5. De Alice in Wonderland-variant

Hayao Miyazaki, Spirited Away, 2001

Toch nog even naar Alice. Haar tuimeling door een hallucinant konijnenhol gaat uiteraard over paddestoelen, LSD en hippiezingeving, maar net zo goed over die o zo bevreemdende stappen op weg naar de grotemensenwereld, gezien door de ogen van een kind. Zo'n griezelige en ondoorgrondelijke fantasiewereld is de perfecte metafoor voor volwassenwording. Dat dacht ook de Japanse meester-animator Hayao Miyazaki, die in zijn vloeiend getekende meesterstuk Spirited Away- de overtreffende trap van zijn mooie kinderfilm My Neighbor Totoro (1988) - een jong meisje laat verdwalen in een leegstaand pretpark. Tot overmaat van ramp veranderen haar ouders voor haar neus in vraatzuchtige varkens, en verschijnen er geesten wanneer de zon ondergaat - om de vloek ongedaan te maken moet ze een wereld betreden waarin objecten én personages voortdurend lijken te veranderen.


6. De mythe van volwassenwording

Tommy Lee Wallace, It, 1990

De Stephen King-verfilming It (1990) is gemaakt als miniserie voor televisie, maar groeide uit tot cultklassieker. Hoewel Tim Curry als de monsterclown Pennywise veel aandacht opeist, gaat de film eigenlijk over de zeven sukkelaars (zes jongens en één meisje) in het Amerikaanse slaapstadje die het moordzuchtige wezen moeten verslaan, waarmee ze en passant hun loserstatus afschudden. Dat lukt, en ze sluiten een pact: mocht het monster ooit weer verschijnen dan slaat het groepje opnieuw de handen ineen. Dertig jaar later is het moment daar. Maar is het wel mogelijk om opnieuw je kinderangsten te overwinnen wanneer je al jaren tot de wereld van volwassenen behoort? Ook in zijn beeldtaal toont It daarbij opvallende gelijkenissen met Kings Stand By Me. Tussen de soms wat platte griezelscènes door vraagt zijn horrorvariant zich af of dat überhaupt wel kán, volwassen worden.


NEDERLAND ZOEKEN NAAR SEKS

Ja, natuurlijk, als er iets bij puberen hoort, dan is het seks, en dan vooral de zoektocht naar seks. In het mooie Nederlandse drama Diep is het de 14-jarige Heleen (Melody Klaver) die zich stort in de spannende wereld van het andere geslacht, ook omdat het prettig afleidt van de scheidingsperikelen waarin haar ouders zich bevinden. Diep is gebaseerd op de roman Het leven bestaat niet van Hendrickje Spoor, een titel die de kern van de coming-of-age-periode mooi vastlegt.


Simone van Dusseldorp, Diep, 2005

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden