ZOMER (7)

Een lichtbruine met flaporen werpt zichzelf grommend in een soort dubbele Rietberger omhoog tot aan de bovenkant van het gegalvaniseerde hek....

Ze spelen helemaal niet, terwijl ze daarvoor nou juist zijn losgelaten in de speelweide van hondenpension De Beemstervelden.

Er heerst topdrukte in het bedrijf van Piet (41) en Thea Velzeboer (37). Alle 140 hokken zijn vol. Twintig jaar geleden zijn ze klein begonnen, maar nu hebben ze een grote boerderij in Midden-Beemster met genoeg land eromheen om de blaftolerantiegrens van de buren niet te overschrijden.

'Angst-agressie komt het meest voor', zegt Piet. 'Een paar maanden terug kreeg ik twee Argentijnse doggen, van die vechthonden. Die reu was zo bang, totaal onbenaderbaar. Het begon me te kriebelen in de benen. Ik dacht: die krijg ik niet naar binnen. Gelukkig waren die mensen nog niet weg. Ze hebben hem zelf in het hok gedaan.' Stap voor stap is hij toen vertrouwd met hem geraakt.

Meestal zijn er geen problemen. Hij ziet meteen wat voor soort hond het is en past zijn gedrag daar op aan. Dat heeft hij van zijn vader, die ook honden fokte.

Vuistregels: bluffen, geen angst tonen, veel praten, en geen oogcontact zoeken want dat wekt agressie. Piet is ook in het voordeel omdat de honden niet op hun eigen terrein zijn. 'Ik laat ze hier ook nooit een vast rondje lopen, want dan gaan ze een territorium afbakenen.'

Vroeger had je alleen de zomervakantie; nu is het veel meer gespreid. 'De mensen gaan drie, vier keer per jaar op vakantie en dan is er nog de dagopvang. De hond, de kat en de auto - dat mag een stoot geld kosten.' De dagprijs is * 17,50, of je nou een dwergpincher of een Duitse dog brengt. 'Ze hebben allemaal een hok nodig. En het eten, dat zijn de kosten niet.'

Piet heeft klanten die twee maanden naar Spanje gaan. Ze bellen elke dag op. Dat mag, dat vindt hij geen probleem. Een Duitse dog ('Zo'n grote stoere jongen') kan in vijf dagen helemaal wegkwijnen. Piet adviseert de mensen vaak om eens een dagje proef te draaien. 'Dan weet zo'n hond dat ie weer wordt opgehaald.' Het helpt wel eens als hij bij het afscheid zegt: 'Mevrouw, hij voelt niet hetzelfde als u, hoor.'

De honden vinden het bijna altijd leuk bij hem, maar er zijn er ook bij die een paar weken lang de boel negeren: 'Die zijn gepikeerd dat ze de deur zijn uitgedaan. Die gaan dan thuis tegen een tafelpoot piesen om aandacht te trekken.'

Eén keer heeft hij het meegemaakt dat een bouvier losbrak: 'Hij sprong over de geit en ging achter de schapen van de buurman aan. Grote paniek, veel dieren in de sloot. Dat mag nooit meer gebeuren, want voor je het weet, ben je je vergunning kwijt.'

Onze hond Otto was een schapendoesachtige bastaard die in zijn jeugd iets naars had meegemaakt. Hij kon niet alleen zijn. Als wij het huis zonder hem verlieten, gooide hij zijn kop in de lucht en huilde klaaglijk als een wolf tot wij weer terug waren. Dat maakte ons niet populair in de buurt. Maar Otto (hij heette al zo, wij waren de derde eigenaars) bleef omdat hij zo aardig was. Streng voor soortgenoten en vriendelijk voor de mens.

In de vakanties ging hij naar mijn vader aan de rand van het Eemmeer. Daar zwom hij veel. Toen we terugkwamen, zag hij er beroerd uit. Met holle ogen in een magere kop lag hij lusteloos in een hoek. Ziekte van Weil, zei de dierenarts.

De volgende morgen vonden we zijn verstijfde lichaam, dat ineens veel groter leek, de tanden ontbloot in een bizarre grijns. We hebben allemaal gehuild.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden