Column

Zombiestaten Syrië en Irak zijn reddeloos

Clichés hebben twee hinderlijke eigenschappen. De eerste is dat ze vaak tegen wil en dank waar zijn. De tweede is dat ze zo afgezaagd zijn dat die waarheid niet meer ten volle wordt onderkend.

Sinjar, een Irakese stad ten westen van Mosul. Beeld afp

Hier volgt zo'n cliché: het Midden-Oosten is ten prooi gevallen aan een vergaande fragmentatie. Vertel me eens wat nieuws, zal uw eerste reactie zijn. De vaststelling klinkt inderdaad als een stuk gedraaide grammofoonplaat. Maar het ongerijmde is: bij de wanhopige diplomatieke pogingen om weer een begin van enige orde te scheppen in de chaos van met name Irak en Syrië wordt die fragmentatie eigenlijk niet echt verdisconteerd.

In Irak heeft de buitenwereld zijn kaarten gezet op premier Haider al-Abadi, die in september 2014 Nouri al-Maliki opvolg-de en geacht wordt een einde te maken aan het extreme sektarisme dat diens handelsmerk was. Voor Syrië luidt het parool dat alles op alles moet worden gezet om de staat uit zijn as te doen herrijzen, zij het met de nodige politieke hervormingen.

In discussies over Irak brengt altijd wel iemand te berde dat alle ellende is begonnen met de Amerikaanse interventie in 2003. Hier hebben we voor de verandering te maken met een cliché dat niet klopt. Zeker, de oorlog - of beter nog: de bezetting met de onberaden onttakeling van het door de Baath-partij gedomineerde staatsapparaat - heeft veel onheil aangericht. Maar Irak was als natiestaat altijd al een gedrocht.

In de jaren dertig verzuchtte de toenmalige koning Faisal I: 'Met grote droefenis moet ik vaststellen dat er geen Iraaks volk bestaat. Er zijn alleen diverse groepen zonder nationaal besef. Allemaal zijn ze behept met oppervlakkige en valse religieuze tradities.' Een constatering die weinig aan geldigheid heeft ingeboet. Het land was het toneel van voortdurende coups en revoltes, totdat in 1979 Saddam Hoessein de macht naar zich toe trok en alle (potentiële) oppositie uitroeide. Dat resulteerde in een bepaalde vorm van stabiliteit. Maar laten we niet vergeten dat Saddams 'rust van het kerkhof' een hoge prijs had: het aantal doden dat hij op zijn conto heeft, ligt in de buurt van een miljoen. Zijn wrede repressie en zijn heerszuchtige avonturisme maakten dat zijn regime per saldo toch ook weer een bron van instabiliteit werd.

Ondanks de schok die een invasie altijd teweegbrengt, was er na de val van Saddams Baath-regime een uitgelezen kans op nationale verzoening en pacificatie. Maar in plaats daarvan kozen de nieuwe sjiitische leiders, met hartelijke steun van hun Iraanse geestverwanten, voor een revanchistische lijn, die met name de soennitische gemeenschap vergaand vervreemdde van de nieuwe orde. Die bloei van het revanchisme, die zijn hoogtepunt had tussen 2010 en 2014, moet eerder aan Amerikaanse afzijdigheid dan aan de Amerikaanse aanwezigheid worden geweten. President Obama wilde het hoofdstuk Irak zo snel mogelijk afsluiten en de laatste jaren kreeg een nucleair akkoord met Teheran de hoogste prioriteit voor het Witte Huis. Daarbij kwam een extra geschil met Iran slecht van pas.

Syrië is nog meer een etnische en religieuze lappendeken dan Irak. Ook hier was het een harde dictatoriale hand die uiteindelijk enige stabiliteit bracht. En ook hier werd een hoge prijs betaald voor de schijnbare cohesie van de staat. Het bloedbad dat president Assads vader in 1982 liet uitvoeren in de stad Hama en dat resulteerde in meer dan twintigduizend doden, is er het macaberste voorbeeld van.

Op de protestbeweging die zich begin 2011 begon te manifesteren in Damascus, kon Assad junior ook maar één antwoord verzinnen: repressie. De begrippen machtsdeling en pluralisme kwamen in zijn denkwereld niet voor.

Bijna vijf jaar later is Syrië praktisch gereduceerd tot wat Ali Khedery, een Iraakse Amerikaan die meerdere Amerikaanse ambassadeurs in Bagdad terzij-de heeft gestaan, in een Foreign Affairs-artikel een 'zombiestaat' noemt. In Irak gaat het dezelfde kant op. Staatsinstituties, inclusief het leger, zijn in een groot deel van het land non-existent.

In deze constellatie wordt het steeds irreëler te streven naar herstel van een status quo ante, die dan bestierd moet worden door andere politieke leiders. In Irak en in nog heviger mate in Syrië zijn de haat en het wantrouwen te groot om nog een hecht staatsverband te kunnen verwachten. Op z'n minst is een vergaande autonomie voor diverse gemeenschappen en gebieden geboden. Maar misschien is ook dat station al gepasseerd en resteert de Joegoslavische oplossing als enig bruikbaar model.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden