Zoethouders verergeren voedselcrisis

Veel arme landen gaan voedselcrisis te lijf met subsidies...

AMSTERDAM Gloria Macapagal Arroyo, de president van de Filipijnen, gaat de laatste tijd graag op de foto. Het liefst in een pakhuis, met een flinke stapel rijstbalen op de achtergrond. Hopelijk maakt dat indruk op het volk, dat briest en de straat opgaat om tegen de torenhoge rijstprijzen te demonstreren. In een paar maanden tijd zijn die prijzen verdubbeld – een ramp voor het land, dat ‘s werelds grootste rijstimporteur is.

Net als veel andere regeringsleiders in Azië, Afrika en Midden-Amerika, moet Arroyo alles uit de kast halen om de voedselcrisis te bezweren. En net als Arroyo weten die leiders dat op korte termijn weinig valt te doen aan de hoge prijzen voor rijst, maïs, tarwe en andere dagelijkse levensbehoeftes. Die worden immers veroorzaakt door krachten – de opkomst van China, de westerse droom van biobrandstoffen, mislukte oogsten – waar niemand grip op heeft. Maar kom daar maar eens mee aan bij het hongerige volk.

Het gevolg: maatregelen die voor de bühne mooi en aardig zijn, maar vanuit economisch oogpunt lang niet altijd hout snijden.

Sommige doen dat wel: Arroyo wil dat de invoertarieven op rijst (nu maar liefst 50 procent van de invoerwaarde) worden afgebouwd. Met zulke tarieven proberen de Filipijnen, net als veel andere ontwikkelingslanden, hun eigen boeren beschermen. Maar dat gebeurt wel ten koste van de consument, die door de tarieven meer moet betalen voor voedsel dat uit het buitenland moet komen. In tijden van een voedselcrisis komt dat hard aan. Vandaar dat bijna de helft van 58 arme landen die de Wereldbank onlangs onderzocht, momenteel invoertarieven (en de btw) op rijst en graan aan het afbouwen is.

Al wat minder verstandig, althans volgens de economen van de Wereldbank: de verkoop van goedkope, door de Filipijnse overheid gesubsidieerde rijst. Die is zo populair dat de armen in de hoofdstad Manilla urenlang in de hitte staan te wachten, terwijl zwaarbewapende militairen de vrachtwagens met rijst in de gaten houden. Overigens: iedereen die in de straten van Manilla betrapt wordt op het stelen van een handvol rijst, gaat linea recta naar het gevang.

De Wereldbank is niet blij met zulke subsidies omdat zij snel een gat kunnen branden in de overheidsbegroting, en het volk er even snel aan gewend raakt. De problemen worden dan uitgesteld tot het moment dat de regering de subsidies afschaft. Niettemin kiest met Arroyo bijna eenderde van de regeringen (onder meer in Jemen, Pakistan en Marokko) voor deze maatregel.

Maar ronduit onverstandig zijn maatregelen waarvoor een bont gezelschap van onder meer China, Rusland, Argentinië, India en Vietnam kiest: beperkingen op de export van graan, rijst, vlees en soja. Veel boeren moeten opeens geld betalen om hun waren uit te voeren of krijgen die kans niet eens omdat de uitvoerquota vol zijn.

De politieke logica: het eigen volk eerst, dat wil zeggen, laat de boeren de binnenlandse monden voeden. Vrijwel geen enkele econoom ziet er heil in. Want ze mogen de problemen in dat land verzachten, in naburige landen die van de import afhankelijk zijn worden de problemen alleen maar groter. Bovendien: exportrestricties verkleinen de economische prikkel voor boeren om meer te produceren. En dat is op lange termijn de enige oplossing voor de huidige voedselcrisis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden