Zoektocht nieuwe theatertaal verzandt in ijdel vertoon

Kitty Courbois speelt in de voorstelling Teorema van Toneelgroep Amsterdam (TA) naar boek en film van Pier Paolo Pasolini de huishoudster van een Italiaans bourgeois-gezin....

Hein Janssen

Daarin gaat het over leven en dood, opoffering en afzwering. Als vleesgeworden verworpene der aarde is zij, de armzalige van geest, Pasolini's heldin. De auteur en met hem de theatermakers richten voor haar een altaar op.

Die lijn is in deze toneel-en dansversie, gemaakt door de choreografen Emio Greco en Pieter C. Scholten, overigens de enig duidelijke. Voor de rest is de voorstelling vooral een ijdel vertoon van dansante virtuositeit en tamelijk schutterig acteren.

In Teorema bezoekt een goddelijke buitenstaander (in de film uit 1968 gespeeld door een oogverblindende Terence Stamp) een Milanees gezin. Vader is grootindustrieel, zijn vrouw verveeld, dochter en zoon timide. 'Ze leven in een toestand zonder zelfkritiek', aldus Pasolini, en de gast gooit alles overhoop. Vooral de tot dan toe bedekte seksuele verlangens komen los – de bezoeker deelt lijf en leden met het complete gezin, inclusief huishoudster.

Teorema is na Sonic Boom, gemaakt met choreograaf Wim Vandekeybus, de tweede poging van TA om een nieuwe theatertaal uit te vinden door dansers en acteurs te mengen. Op zich bewonderenswaardig volhardend – maar helaas stelt het resultaat wederom teleur. Eigenlijk doet deze productie nogal ouderwets aan, als

Teorema naar Pier Paolo Pasolini door Toneelgroep Amsterdam. Regie/choreografie Emio Greco/Pieter C. Scholten. In Toneelschuur Haarlem 21 oktober. Tournee. een verzameling losse performance-achtige invallen.

Het begin van Teorema is hoopgevend, doordat de makers het publiek vertellen over het hoe en waarom van deze productie. Ze beloven ons een spannende confrontatie tussen tekst en beweging, acteurs en dansers, hoge en lage kunst, ego en alter ego, tussen Pasolini en de initiator van deze voorstelling, Ivo van Hove.

Maar helaas: niet één confrontatie is echt spannend. De acteurs spreken hun tamelijk lukraak uit het origineel geplukte teksten uit als slaafse marionetten. De dansers bewegen veelal gekunsteld om hen heen als slagschaduw en alter ego tegelijk. Emio Greco himself danst met heel zijn 'goddelijke wezen' de buitenstaander – soms ergerlijk ijdel (heen en weer sidderende spasmen, sur place voetjevrijend met de vloer) – op Lust for Live van Iggy Pop. Een danseres playbackt de onvolprezenItaliaanse diva Mina in het lied Amor Mio – want er moet ook een knipoog in naar de lage cultuur. Omdat het ten slotte ook nog modern theater is, zien we Cas Enklaar als de vader zijn werknemers toespreken (dat zijn wij, het publiek); door de camera gevolgd loopt hij het theater uit, op zoek naar een ander leven. Het is al eerder gedaan, en beter.

En vooral duidelijker. Want het grootste probleem met deze Teorema is de dramaturgie: voor wie de film niet kent, is er geen touw aan vast te knopen. Dat is tamelijk gênant, vooral voor Pasolini.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden