Zoekt en gij zult vinden

Zakenman Daniel McGivern weet het zeker: hij heeft ontdekt waar de restanten van de bijbelse Ark van Noach zich bevinden....

'Je hebt de koorts gauw te pakken.' Rainer Kis niet de eerste die Atlantis heeft ontdekt. Wel de eerste die Atlantis op de juiste plek heeft ontdekt, roept hij. Door de telefoon klinkt de schrille stem van iemand die gelijk heeft.

Nadat anderen het mythische eiland onder meer hadden teruggevonden op Kreta, op de Azoren, in het Caribisch gebied, in de Noordzee, in de Sahara, op Antarctica, in Zeeland en zeven kilometer ten oosten van het Amerikaanse Portsmouth, Ohio, heeft Knu de definitieve plek getraceerd. De delta van de Guadalquivir, boven Cz, in Zuid-Spanje. De satellietfoto van het gebied zegt alles, volgens K Ook Daniel McGivern, katholiek en miljonair, is vrij zeker van zijn zaak. De zakenman uit Hawaii financiert een expeditie waarmee hij deze maand de berg Ararat in Oost-Turkije op wil gaan. Waar ergens op bijna vijf kilometer hoogte de gestrande Ark van Noach moet liggen. De satellietfoto van het gebied zegt alles, volgens McGivern.

Ook hij is niet de eerste. In de vorige eeuw hebben tientallen expedities de slapende vulkaan Ararat en directe omgeving uitgekamd. Bekendste zoeker is de Amerikaanse astronaut James Irwin, die na zijn ontmoeting met God, in 1971 op de maan, op jacht ging naar aardse bewijzen van Zijn bestaan.

Hoewel die expedities diverse Ark-ontdekkingen hebben opgeleverd, is McGivern er, om precies te zijn voor 98 procent, zeker van dat hij de definitieve locatie heeft gevonden, verklaarde hij onlangs op een persconferentie in Washington. De expeditie moet de resterende 2 procent leveren.

Behalve op satellietfoto's baseren McGivern en Kzich, net als de meeste andere mythezoekers, op meer dan tweeduizend jaar oude teksten. Kmoet het vooral hebben van twee boeken van Plato, Timaios en Krition. Ark-zoekers als McGivern kennen het bijbelboek Genesis uit hun hoofd. Allebei vol nauwkeurige aanknopingspunten voor het speurwerk.

Neem Plato: 'Voor de monding die jullie de Zuilen van Hercules noemen, lag het eiland Atlantis. Het centrum was versterkt door, om en om, ringen van zee en aarde. De grootste ring had een breedte van drie stadi Poseidons tempel was stadie lang en drie plethra breed.'

Kijk, zegt K die rechthoekige structuur op de foto komt nagenoeg overeen met de tempel van Poseidon. 'En deze ringen hier zijn ook bijna precies zoals Plato ze heeft beschreven.' Als de door Plato gebruikte lengtemaat, de stadie, nou nog wat groter zou zijn dan iedereen denkt (185 meter), dan klopt het zelfs helemaal precies.

De locatie kan niet missen, volgens K De moerassige delta van de Guadalquivir, ten noorden van Cz, ligt vlak voor Straat van Gibraltar, alias de Zuilen van Hercules. Precies de plek waar Atlantis volgens Plato negenduizend jaar eerder in de golven zou zijn verdwenen. Ook in het oud-testamentische Genesis is sprake van een rampzalige overstroming. En ook in dit verhaal, tevens bekend bij joden en moslims, staan veel aanwijzingen voor latere spoorzoekers. Zo vermeldt het verslag nauwkeurig het materiaal en de afmetingen van de boot waarin Noach, zijn familie, en een representatieve afvaardiging van het dierenrijk de vloed overleefden: 'Toen zeide God tot Noach: Maak u een ark van goferhout. En zo zult gij haar maken; driehonderd el zal de lengte der ark zijn, vijftig el haar breedte en dertig el haar hoogte. En de slagregen was veertig dagen en veertig nachten over de aarde. En in de zevende maand, op de zeventiende dag, bleef de ark vastzitten op de bergen van Rrt.'

Die plek is in latere vertalingen verbasterd tot Urartu, en vervolgens tot Ararat. McGivern stuurt zijn expeditie naar de zogeheten Araratanomalie, een rariteit op een foto van de Amerikaanse luchtmacht uit 1949, die echter pas in 1995 is vrijgegeven. Een donkere vlek met een lengte van bijna honderdvijftig meter. Driehonderd el, precies zoals de bijbel voorschrijft. Militaire satellietopnamen van de vlek liggen nog in de kluizen van het Pentagon. Daarom bestelde McGivern verse plaatjes bij het bedrijf Digital-Globe, met details van zestig centimeter. Ook helpt het dat er na de warme zomer van vorig jaar veel sneeuw van de gletsjer op de bergtop is weggesmolten. 'Op de nieuwe beelden is onweerlegbaar een door mensenhanden gemaakt voorwerp te zien', juichte McGivern tegen de LA Times.

'Ik ben altijd sceptisch over beweringen over de Ark en Atlantis', zegt de Engelse archeoloog John Bintliff, hoogleraar aan de Universiteit Leiden. 'Er zijn zoveel claims, dat de meeste daarvan, statistisch gezien, simpelweg niet waar kunnen zijn.'

De Ark van Noach is al meermaals gevonden, sinds de Russische tsaar Peter de Grote in de 18de eeuw de eerste zoektocht gelastte. Huidige reizigers in het Ararat-gebied wordt gewezen op een ringvormige structuur op een heuveltje bij de berg. De contouren hebben vaag de vorm van een schip, de afmetingen kloppen ongeveer, het materiaal spreekt voor zichzelf. Goferhout. Niemand weet wat dat precies is, dus krijgt de formatie van vulkanisch gesteente het voordeel van de twijfel.

Atlantis heeft eveneens meerdere ontdekkers. De meeste recente rivaal van de Duitser Kis de Franse hoogleraar Jacques Collina-Girard van de universiteit van Aix-en-Provence. Ook hij zoekt het vlak voor de Straat van Gibraltar. Volgend jaar wil hij met een duikbootje gaan kijken naar een verdronken eiland uit de prehistorie, Spartel, overstroomd door de stijgende zeespiegel aan het einde van de laatste ijstijd. Precies elfduizend jaar geleden, zoals het Atlantis betaamt.

De twee kennen elkaar goed. Collina-Girard noemt Kiemand die 'alleen maar speculeert'. Kop zijn beurt denkt dat de theorie van de Fransman 'niets met Atlantis te maken kan hebben'. Ze bestrijden elkaar met Plato in De Nederlandse geoloog en bioloog Tom Zoutewelle gelooft er niet meer in. In de jaren zeventig plande hij zelf nog een expeditie naar de berg Ararat, op zoek naar de Ark van Noach. Maar hij kreeg de vergunningen niet rond. Sindsdien acht hij het steeds onwaarschijnlijker dat iemand daar iets onder het ijs zal aantreffen.

'Zo'n gletsjer beweegt. Zelfs al is het maar een meter per jaar, hij veegt op die manier alles langzaam naar beneden. De kans is daarom heel klein dat je op de top nog iets tegenkomt.'

Als de ark op die manier onder het ijs vandaan zou zijn gekomen, had iemand hem inmiddels wel gevonden, denkt Zoutewelle. Hij noemt zijn toenmalige plannen nu 'een jongensdroom'. 'Die zoektochten naar de Ark hebben een hoog avonturiersgehalte.'

Toch blijft hij bijbelvast. Want de kussenlava-structuren die op de vulkaan te zien zijn, kunnen alleen onder water zijn ontstaan. 'Dus moet de berg ooit onder water hebben gelegen.' Miljoenen jaren geleden misschien, maar toch. 'Het gaat er dus alleen om in welk tijdperk je de zondvloed situeert.'

de hand. 'Zuid-Spanje is helemaal geen eiland', zegt Collina-Girard over K vindplaats. Kop zijn beurt: 'Het eiland Spartel kan nooit een hoge beschaving hebben gehad.' Het merkwaardige, vindt Bintliff in Leiden, is dat niet alleen amateurs, maar ook professionele wetenschappers zoals Collina-Girard al hun zorgvuldigheid en kritische vermogen verliezen zodra ze zich met mythes inlaten. Het probleem: de mythe zelf. 'Juist het feit dat mythezoekers uitgaan van een verhaal, tast hun wetenschappelijke methode aan', denkt Bintliff. 'Onderzoekers raken bevooroordeeld en proberen elke ontdekking binnen het verhaal te persen, om het maar te laten kloppen.'

Want zo streng als ze hun rivalen aanvallen, zo soepel zijn ze voor zichzelf. Collina-Girard: 'Mijn Atlantis had helemaal geen hoge beschaving. Elfduizend jaar geleden zaten we midden in het stenen tijdperk. Ik heb het over een beschaving van jager-verzamelaars.'

Khoudt vol dat Atlantis een beschaving moet hebben gehad. Maar omdat hij ook wel beseft dat dat onmogelijk was, elfduizend jaar geleden, laat hij zijn Atlantis ongeveer zevenduizend jaar later overstromen dan Plato voorschrijft. En dat hij Atlantis op het vasteland heeft gevonden is ook snel opgelost. 'Het Griekse woord voor eiland betekent ook schiereiland.'

Het grote probleem met mythezoekers, zegt Diederik Meijer, archeoloog in Leiden, is dat hun hypothesen niet falsifieerbaar zijn. Oftewel: dat er geen mogelijke argumenten zijn die de theorie kunnen ontkrachten. 'Elk tegenargument kan heel soepel rondom de hypothese worden geplooid.'

Zijn collega Bintliff vindt dat de schuld ook deels bij 'echte' archeologen ligt. Zij moeten vaker de confrontatie aangaan met de mythezoekers. 'Maar wij hebben moeite hun theorieaan te vallen', zegt Bintliff. Wegens gebrek aan munitie. 'We hebben te weinig argumenten, feiten, data.'

Daardoor zit bijvoorbeeld de discussie over de meest plausibele locatie voor Atlantis want die is er al twintig jaar vast in een wellesnietes-ruzie. Terwijl er toch voldoende argumenten te vinden moeten zijn onder de as van het ontplofte vulkaaneiland Santorini, alias Thera, in de Griekse archipel. 'De vernietiging van Thera zou de kiem van de mythe kunnen zijn geweest', zegt Bintliff. 'Als je de Atlantislegende tot de essentie afpelt, dan houd je een mogelijke kern van waarheid over.' Maar dat is dus nooit fatsoenlijk getoetst.

Het Middellandse Zee-gebied zou een voorbeeld mogen nemen aan Nederland, verzucht Bintliff. Land met een verfrissend gebrek aan prehistorische legendes. Waardoor er maar manier is om het vroege verleden in beeld te krijgen: graven. Dat betekent lange, zorgvuldige, wetenschappelijke studie, zegt Bintliff, met de nadruk op elk bijvoeglijk naamwoord. Niks Indiana Jones. 'Daardoor hebben we in Nederland betere data dan in Griekenland, met zijn hele klassieke oudheid.'

Niet alle mythezoekers in het Middellandse Zee-gebied komen weg met hun theorie De stelling, uit 1997, dat een enorme overstroming ten noorden van Turkije de zondvloed veroorzaakte, is eind 2002 in het tijdschrift Marine Geology met een spervuur aan wetenschappelijke argumenten onderuitgehaald.

Het leek zo'n mooi idee. Dat de Zwarte Zee als een badkuip zou zijn volgelopen. Dat het water van de Middellandse Zee via de Bosporus, bij het huidige Istanbul, met een enorme waterval het gebied zou zijn ingedenderd.

Maar in rivierbeddingen, afzettingen of plantjes blijkt niets terug te vinden van een snelle, relatief recente Zwarte Zee-spiegelstijging. Evenmin zijn er nederzettingen te vinden op de overstroomde kusten, noch zijn er bewijzen van de bijbehorende volksverhuizingen, na de catastrofe. Het water is misschien niet eens van de Middellandse naar de Zwarte Zee gestroomd, maar andersom.

William Ryan en Walter Pitnam, de geologen die de Zwarte Zee-zondvloed bedachten, verdedigen hun ideenog steeds. Dat verbaast Bintliff niets. 'Ze hebben veel herrie gemaakt in demedia, dus nu blijven ze eraan vasthouden. Ze hebben hun prestige te verdedigen.'

Ook het blad National Geographic, dat naar aanleiding van de hypothese van Ryan en Pitnam een aantal zondvloedexpedities van onderwaterarcheoloog en Titanic-ontdekker Robert Ballard sponsorde, heeft de handdoek nog niet in de ring gegooid. 'Dr. Ballard heeft bewijzen dat er mensen hebben geleefd in de gebieden die nu door de Zwarte Zee zijn overstroomd', mailt een woordvoerster van het blad. 'Dat de expeditie vorig jaar geen nieuwe bewijzen heeft opgeleverd, lag aan problemen met vergunningen en met de technologie.'

Bij media als National Geographic en de BBC worden Ballard, Atlantis-ontdekker Collina-Girard en zijn collega K'eminente' wetenschappers genoemd, met een lange staat van dienst. De media hebben er zelf ook belang bij om het serieuze karakter van de ontdekkingen te benadrukken.

'Ik zou de wetenschap van Rainer Kmet een korrel zout nemen', zegt evenwel zijn voormalige hoogleraar Werner Weber van de universiteit van Dortmund. Kis daar drie jaar geleden ontslagen. Hij was gespecialiseerd in statistische mechanica, maar schreef net zo makkelijk artikelen over de relativiteitstheorie en een alternatieve zwaartekracht. 'Hij schreef als kind al over dingen waar hij geen verstand van had', zegt Weber. 'Het merkwaardige is dat de artikelen nog in gerenommeerde tijdschriften geplaatst werden ook.'

Kzelf, nu zonder broodheer, acht zich nog steeds wetenschapper. 'Ik heb onlangs een artikel geschreven waarin ik een nieuw soort licht voorspel. Dat kan door materialen heen gaan. Het is geplaatst in een Oekras tijschrift.'

Bintliff ziet het met lede ogen aan. 'Doordat ook archeologen hun wetenschappelijke methode loslaten, kunnen dergelijke mensen uit de marge prominent naar voren komen. Het publiek ziet het verschil niet meer tussen vaklui en amateurs.'

En dus is er ook ruimte voor religieuze crackpots, zegt Meijer, die rare expedities financieren. McGivern bijvoorbeeld. 'We maken ons zorgen dat hij zich dingen inbeeldt die niet op de berg zijn', laat de betrouwbare Ark-adept Rex Geissler vanuit de Verenigde Staten weten. 'Je hebt de koorts gauw te pakken.'

Zover is het nog niet. McGivern heeft de vergunningen voor de expeditie naar Ararat, in het politiek gevoelige Koerdistan, namelijk nog niet rond, zegt een woordvoerster van de Turkse ambassade in Washington. 'Klimmen mag wel, onderzoek niet.'

Ook Atlantis zal voorlopig onontdekt blijven, denkt K De door hem benaderde archeologen waren door de satellietfoto niet overtuigd. 'Je zou de vergroting moeten zien', zegt hij. Maar die wordt niet vrijgegeven. Graven op de aangegeven plek is bovendien lastig omdat Atlantis in het Spaanse nationale natuurpark Do ligt.

Voorlopig blijft zijn hypothese houdbaar. En alle andere hypothesen ook. Want Atlantis zal maar worden gevonden dat zou veel speurpret bederven. Bintliff: 'Ach, zelfs sinds Troje is gevonden, blijven mensen Troje op andere plekken zoeken. De fascinatie is niet te temmen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden