Zoeken naar zin is dwaasheid

Sinds religie niet langer centraal staat in het openbare leven wordt van romanschrijvers verwacht dat zij de rol van moderne profeet spelen. Dat is niet zo'n goed idee gebleken.

Jaren geleden liep ik op een zondagochtend in Mexico-stad over de Zocalo, het grote plein waaraan de kathedraal en het presidentiële paleis liggen. Het wemelt er van de straatventers. Een man van middelbare leeftijd in een grijs windjack stond er met een doos paperbacks van de Mexicaanse grondwet met blauwe omslag, een editie die gratis wordt verstrekt aan scholen en vakbonden. 'Koop de Mexicaanse grondwet!', riep hij. Ik zei: 'Sorry, maar ik hou niet van fictie.'


De man kon er wel om lachen, maar voor mij was het een bevrijdend moment. Ik had het gezegd! Ik hou niet van fictie. Ik ben als het domme blondje dat een roman cadeau krijgt. 'Bedankt', zegt ze, 'maar ik heb al een roman.' De roman die ik al heb, is Goethes Het lijden van de jonge Werther, die er eigenlijk over gaat waarom mensen geen romans zouden moeten schrijven, laat staan lezen.


Er bestaat misschien een tiental romans die de tijdgeest dermate goed wisten te vangen dat de hele geletterde wereld ze las. In de 16de eeuw werd La Celestina van De Rojas in tientallen uitgaven en vertalingen gelezen. In de 17de eeuw was het Don Juan in ontelbare versies en in de 18de eeuw las iedereen Voltaire en Rousseau. Het laatste kwart van de 18de eeuw was echter van Werther. Napoleon las de Franse vertaling aan de voet van de piramiden.


Het was de eerste moderne roman, dat wil zeggen, een roman over iemands persoonlijke ontwikkeling die je leest om zo ook je eigen persoonlijkheid te ontwikkelen. Goethes biograaf Nicholas Boyle merkt op dat de generatie die in de jaren 1770 volwassen werd, als eerste de vrijheid had om een eigen identiteit te kiezen. Het was de generatie die ons de Amerikaanse en Franse revolutie heeft gebracht en het massaal afwijzen van traditie. En dus de moderne roman.


Werther is een jongeman die op zoek gaat naar zijn eigen identiteit en onder invloed van Rousseau behept is met een voorkeur voor het landleven. Hij wordt hopeloos verliefd op de getrouwde Charlotte en schiet zichzelf uiteindelijk door het hoofd. Zoals Boyle opmerkt, is dit geen armzalig liefdesdrama, maar een verhaal dat waarschuwt voor de dwaasheid van het zoeken naar jezelf. Destijds jong zijn was hemels, schreef Wordsworth. Dat is een leugen. Het was juist ondraaglijk verschrikkelijk. De mens is domweg niet slim of sterk genoeg om een eigen identiteit te bepalen en wie het toch probeert, zal het betreuren.


Als student vond ik Werther tenenkrommend, maar in de 18de eeuw konden ze er geen genoeg van krijgen. Jonge mannen met liefdesverdriet volgden Goethes held en er pleegden er zoveel zelfmoord dat na-aapzelfmoorden nog steeds bekend staan als het 'Werther-effect'. Goethe werd met dit boek de eerste literaire beroemdheid van Europa. Veertig jaar later schiep hij nog een jeugdige held, Wilhelm Meister, die zijn saaie koopmansfamilie achterlaat om met een rondreizende theatergroep mee te gaan. In plaats van zich net als Werther van het leven te beroven, besluit Wilhelm Meister uiteindelijk dat hij geen tijd meer wil verdoen met leven in een roman en hij omarmt het echte leven. Hetzelfde idee, maar dan zonder pistolen.


Als ik zeg dat ik 'fictie' afwijs, bedoel ik daarmee niet al het aan de fantasie ontsproten proza, maar alleen het soort proza dat wordt verondersteld ons diep inzicht te verschaffen in de personages en ons zo te helpen bij het verwerken van onze eigen levensvragen - het soort fictie dat ons 'helpt groeien als mens', ons in staat stelt ons beter in te leven in onze medemens en meer van dat soort onzin.


Romans worden belangrijk als bron van identiteit wanneer ons leven minder gaat draaien om gezin en kerk, wanneer de hoop op het overstijgen van ons sterfelijk bestaan door zowel fysieke als spirituele continuïteit niet meer centraal staat. Goethes Wilhelm Meister houdt zich enkele jaren bezig met de tragiek van anderen, maar stapt dan uit zijn eigen roman: hij komt erachter dat een actrice waarmee hij als jongeling iets heeft gehad, bij het baren van zijn kind is overleden en hij geeft zijn zwervende bestaan op om zijn zoon groot te brengen. Op dat moment heeft hij geen roman meer, maar een leven. Net als voor zijn neef Werther, wordt voor Wilhelm zijn fictieve bestaan ondraaglijk, maar anders dan Werther stapt hij uit de roman en kiest hij voor het leven, niet voor de dood.


Het is als in die mop over een wat ouder joods echtpaar. De vrouw wil naar de schouwburg, maar haar man vindt dat saai. 'Hoe kan de schouwburg nu saai zijn?', zegt zijn vrouw. 'Je gaat naar de schouwburg voor vermaak en vermaak is het tegendeel van saai.' De oude man verzucht: 'Ik vind het saai. Als hij wil, wil zij niet. Als zij wil, wil hij niet. En als ze allebei willen, is het afgelopen.'


Vanuit een joodse zienswijze is de fantasie van najagen en ontwijken saai. Maar het echte leven is wel interessant. Tolstoj zag dat in Anna Karenina helemaal verkeerd: ongelukkige gezinnen zijn allemaal op dezelfde manier ongelukkig. Juist gelukkige gezinnen zijn verschillend, omdat ieder kind uniek is, waardoor het grootbrengen van kinderen de enige menselijke activiteit is die gegarandeerd tot verrassingen leidt. Toch schrijft niemand romans over het grootbrengen van kinderen: die zouden net zo saai zijn als wanneer je een hele dag naar video's van andermans huiselijk leven moet kijken.


Voordat romans ons gingen helpen om de zin van het leven te vinden, dienden ze een heel ander doel. Romans schilderden een breed beeld van de samenleving en toonden de dingen zoals ze werkelijk waren. Het onvermogen van het christelijke Westen om het kwaad eronder te krijgen, was het grote thema in de Europese fictie vanaf de publicatie van La Celestina in 1499 tot en met Byrons versie van Don Juan in 1819. In de schemerzone tussen de middeleeuwse christelijke wereld en de Verlichting raakte het Westen bezeten van de eigen vatbaarheid voor het kwaad.


Fernando de Rojas was een jurist uit een tot het christendom bekeerde joodse familie in Toledo. Zijn Celestina verscheen amper zeven jaar nadat joden die weigerden zich te bekeren met geweld uit Spanje waren verdreven en het boek is een aanklacht tegen de christelijke wereld op de drempel van de moderniteit. De Rojas' perverse, al wat oudere bordeelhoudster Celestina is een roofdier bovenaan de voedselketen in een wereld van lamlendige schijnheiligen. Marlowes Barnabas en Shakespeares Iago zijn ondeugende belhamels vergeleken bij deze literaire sensatie uit 1499. In de honderd jaar daarna is het boek in alle belangrijke Europese talen vertaald, evenals in het Hebreeuws.


Celestina was de eerste roman die elke Europeaan moest hebben gelezen. De tweede was het geestelijke stiefkind van Celestina, Don Juan, die voor het eerst opduikt in het toneelstuk De bedrieger van Sevilla van Tirso de Molina uit 1630 en in de twee eeuwen daarna in maar liefst 1.720 andere versies van de legende. Don Juan is een plaag zonder natuurlijke vijanden. Als vroom christen gelooft Juan in boetedoening en dus vindt hij dat hij volop de tijd heeft vrouwen te verkrachten en hun mannelijke verwanten te vermoorden, om pas achteraf boete te doen. Deze theologische grap stond centraal in het oorspronkelijke drama van Tirso, een Spaanse monnik die ook al afkomstig was uit een joodse familie die onder dwang tot het christendom was bekeerd.


De reflectie op het verval van het christelijke Westen is de aanzet tot het moderne in de literatuur. Net als Simplicissimus van Grimmelshausen blikt Don Quichotte satirisch terug op de wereld van het middeleeuwse heldendicht. In tegenstelling tot wat de literatuurcriticus Harold Bloom beweert, is Don Quichotte niet de eerste moderne, maar de laatste 'antieke' roman. Celestina en Don Juan zijn moderne monsters die hun slachtoffers wurgen met de losse eindjes van de christelijke samenleving.


De volgende literaire werken die iedere geletterde Europeaan las, waren Voltaires Candide (1759) en Rousseaus Emile (1762). Deze twee ideeënromans markeerden het eind van het christendom als cultuur, zij het niet als religie. Voor het eerst las heel geletterd Europa betogen tegen religie.


Amper tien jaar later was het de beurt aan Werther. Na Voltaire en Rousseau wendden geletterde Europeanen zich voor hun persoonlijke redding niet meer tot het geloof. Het geniale van Goethe was dat hij een held schiep die de zin van zijn bestaan zocht in intieme persoonlijke relaties en daarom werd deze verwarde Thüringer jongeling de norm voor liefdesbrieven, herenmode en, zo nu en dan, zelfmoord. Alle latere zoekers-naar-zin in de literatuur, van Pierre Bezoechov tot Holden Caulfield, zijn Werthers kinderen - een lamlendig ras van zeurkousen.


Het is me gelukt om Wilhelm Meisters Leerjaren uit te lezen, maar ik heb een excuus: ik was toen 19 en wist niet beter. Ik verafschuw Dostojevski, maar ik beken dat ik Misdaad en Straf helemaal heb gelezen. Het is ook niet moeilijk Raskolnikov te begrijpen. Dergelijke typen ben ik vaak genoeg tegengekomen in de financiële wereld, hoewel geen van hen zich schuldig voelde over wat voor vreselijke wandaden ze ook hadden begaan.


Er bestaan ook geweldige fictiewerken die we bij gebrek aan beter ook maar romans noemen. De boeken waar ik van houd zijn allemaal anti-romans, zoals Tom Jones van Henry Fielding, Manuscript gevonden te Zaragoza van Jan Potocki of De man zonder eigenschappen van Robert Musil. Fieldings held fungeert als het mes waarmee de schrijver de Engelse zeden en gewoonten ontleedt. Potocki maakt een satire van alle literaire genres in een carnavaleske voorstelling van het Westen: nadat alle lagen van de westerse beschaving zijn afgepeld, blijft er niets over. Musils meesterwerk speelt zich af in Wenen in 1914 en de lezer weet wat geen van de hoofdpersonen weet, namelijk dat hun wereld een plots en verschrikkelijk einde gaat beleven als de wereldoorlog in augustus uitbreekt. Door zijn opzet kan de roman geen einde kennen.


Het probleem zit hem niet zozeer in de romanschrijvers als wel in wat er gaandeweg van hen werd verwacht, namelijk de rol te spelen van moderne profeet toen religie niet langer centraal stond in het openbare leven. Schrijvers zijn echter buitengewoon ongeschikt om aan dat soort verwachtingen te voldoen en de cultus van Hoge Cultuur als vervanger van religie is een van de slechtere ideeën in het Westen gebleken.


Werther zou als afschrikwekkend voorbeeld moeten dienen voor aspirant-romanschrijvers: laat maar, hebben we al gehad, stelde toch al niks voor. Het probleem met het zoeken naar de zin van het leven is dat mensen buitengewoon ongeschikt zijn om een dergelijke zin te vinden, om de eenvoudige reden dat ze allemaal binnen afzienbare tijd doodgaan.


Zin of betekenis vinden buiten het eigen sterfelijke bestaan is iets wat geen enkel individu voor zichzelf kan doen, en wel hierom: ons bestaan kan alleen iets betekenen wat ons korte leven overstijgt als dat bestaan iets betekent voor andere mensen dan wijzelf. De zoektocht naar persoonlijke zingeving is het probleem. Daarom zijn moderne romans over de ontwikkelingen die een personage doormaakt meestal tendentieus.


Om terug te komen op die dag in Mexico-stad: op Latijns-Amerikaanse romanschrijvers lijkt een speciale vloek te rusten. Het alledaagse surrealisme in Mexico wordt gevoed door de creatieve energie van de negentig miljoen acteurs die dagelijks de lopende nationale soap improviseren. Daartegenover lijken de romans van een Carlos Fuentes of een Octavio Paz op pogingen om de epidemische waanzin te temmen ten behoeve van een afgestompte literaire smaak. We moeten het hebben van bezoekende Spaanse surrealisten (Luis Bunuel met El angel exterminador) voor een fictieve verbeelding die vreemder is dan het alledaagse leven.


Vertaling: Leo Reijnen


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden