Zo ziet vergelding eruit

BIJNA DRIE JAAR geleden gaf de Duitse auteur W.G. Sebald een aantal lezingen in Zürich, over het thema 'Luftkrieg und Literatur'....

Om een verklaring te vinden sprak hij over het Duitse schuldgevoel, over de vernietiging van het verleden - niet alleen door de bommen van de geallieerden, ook en vooral in het bewustzijn van de Duitsers zelf.

Sebald trof een gevoelige snaar. Hij kreeg bijval uit de hoek van conservatieve politici die van zijn gedachtegoed namen wat ze konden gebruiken voor hun eigen propaganda. Hij ontving brieven van lezers die hem hun verhaal vertelden. Erg verheffende lectuur was dat niet, zegt hij in de boekuitgave van zijn lezingen (in 1999 uitgekomen bij Hanser). De brieven hadden een geforceerd montere toon, ze verzwegen de werkelijkheid; minder doodsangst of vertwijfeling dan herinneringen aan een land dat niet in puin lag, een land waar je samen Kerstmis vierde of de hond meenam voor een wandeling.

W.G. Sebald richtte de aandacht op het kennelijk onzegbare, een waarheid die bijna niemand onder ogen kan zien. Het is de vraag of hij daarmee een specifiek Duits probleem had aangeroerd.

Kort voor de publicatie van zijn lezingen verscheen in Duitsland de herdruk van een vergeten roman, Vergeltung (1956) van Gert Ledig. Ledig beschrijft een bombardement op een Duitse stad; zijn boek is zo sterk, zo herkenbaar in zijn onmenselijkheid, dat Sebald het in de gedrukte versie van Luftkrieg und Literatur alsnog apart vermeldde. Ledig, zegt hij, maakt korte metten met 'de laatste illusies'. Alleen al die formulering maakt duidelijk dat we Hamburg, Dresden en München voorbij zijn. Hier is misschien gewerkt met elementen uit de (Duitse) geschiedenis, maar het resultaat is in alle opzichten wat anders dan geschiedschrijving. Het is literatuur. Nu Vergeltung eindelijk in het Nederlands verschijnt, is het goed om dat te benadrukken.

De herdruk van Vergeltung kreeg in Duitsland een groots onthaal bij Marcel Reich-Ranicki en zijn Literarisches Quartett; ook de schrijvende critici waren zeer onder de indruk. Een term die steeds weer viel was 'realisme', omdat Ledig de bombardementen zo gedetailleerd beschrijft. Vaak citeerde men de eerste zinnen van het boek: 'Laat de kindertjes tot mij komen. Toen de eerste bom viel, smakte de luchtdruk de dode kinderen tegen de muur. Ze waren eergisteren in een kelder gestikt. Ze hadden hen op het kerkhof neergelegd, omdat hun vaders aan het front vochten en ze eerst hun moeders moesten zoeken. Ze vonden er nog maar een. Maar die was onder de puinhopen geplet. Zo zag de vergelding eruit.'

Kan de beschrijving van een wereld die vergaat ooit realistisch worden genoemd? De beelden en de gebeurtenissen zijn zo nieuw voor alle betrokkenen, zo onthutsend, dat zelfs een hele nauwkeurige en 'realistische' beschrijving voor iedere lezer de kwaliteit zal houden van een mise-en-scène. Ledig gebruikt een collagetechniek à la Dos Passos om dertien mensen op te voeren die ieder hun perspectief hebben op wat er gebeurt. Hij laat die mensen zelfs aan het woord als ze reeds zijn omgekomen, hetgeen toch bezwaarlijk realistisch kan worden genoemd.

Het begint al met die moeder onder de puinhopen: zo zag de vergelding eruit. Kurt Vonnegut zegt het steeds opnieuw in Slaughterhouse Five, zijn verwerking van het bombardement op Dresden: zo gaat dat. Bij Ledig is het een enkel zinnetje, maar het blijft in je gedachten rondspoken, tot aan de laatste pagina, waar je leest: 'Na de zeventigste minuut ging het bombarderen door. De vergelding deed haar werk. Ze was niet tegen te houden.'

De lezer ziet hier een vrouw, de moeder van de eerste pagina, onder de puinhopen vandaan gekomen en nu als een niets ontziende furie huishoudend in de straten, op de daken en zeker ook in de kelders. Zo zag de vergelding eruit. Ze deed haar werk.

Vrouwen spelen in dit boek een niet te veronachtzamen rol: de vrouw en het meisje die in het eerste hoofdstuk een zieke in haar stoel naar de schuilkelders proberen te dragen en haar achterlaten als het te erg wordt; de moeder die in het heetst van de strijd naar een stelling laat bellen om informatie over haar zoon, een van de dienstdoende soldaten.

Mevrouw Cheovski, die achterblijft in haar brandende flat en geen gehoor wil geven aan de smeekbeden van haar man om te vluchten; de vrouw in de schuilkelders, een bloempot met bieslook in haar hand; de vrouw met de metalen tand, 'die fonkelt als een spijker'; het verkrachte meisje dat sterft, indrukwekkend, misschien wel de mooiste scène uit het boek.

Want mooi is het. Er is dood in dit boek, veel meer dood, veel waarachtiger dood dan eenvoudige lezers als u en ik kunnen verdragen. Zo zag de vergelding eruit - een vrouw die onder het puin ligt, een meisje dat verkracht is en sterft, ze vouwt haar handen, 'haar raakte niets meer'. Maar er is ook leven in dit boek, leven dat zich verdicht en verhevigt op het moment dat het verdwijnt, opvallend vaak getoond in de gestalte van een vrouw, die met de bieslook bijvoorbeeld. Ja, er is - als gezegd - zelfs leven na de dood.

Het is moeilijk om dit boek niet te lezen als een ode aan al die vrouwen, aan het leven door hen belichaamd: moeder en wraakgodin, alomvattend, altijd (al is het op de achtergrond) aanwezig. De mannen in dit boek zijn vrijwel zonder uitzondering slachtoffers, zoals de Amerikaan Strenehen die aan een parachute neerdaalt en in zijn blote kont door de brandende stad zwerft; hij wordt gelyncht, maar niet nadat een vrouw de schort heeft verwijderd die hij droeg om zijn geslacht te bedekken. Diezelfde vrouw begint te bidden op het moment dat hij dood is.

De vrouwen in het boek van Ledig zijn ongrijpbaar, ze veranderen als het ware van gedaante als je hen te na komt, ze zijn onaantastbaar. Zij vertegenwoordigen wellicht de sublieme waarheid die niet alleen voor Duitse auteurs zo ver weg is. Nergens in het boek is met zoveel woorden te lezen dat het bombardement verschrikkelijk was: zo ziet de vergelding eruit.

Ledig laat de vergelding zien in al haar onmenselijke veelzijdigheid. Maar hij spreekt Sebald bij voorbaat aan op diens centrale these over de vernietiging van het verleden: vergelding is wat anders dan vernietiging. De vergelding is niet tegen te houden, citeerden we van de laatste pagina. Maar dan volgen er nog twee zinnetjes:

'Alleen het Laatste Oordeel. Dat was ze niet.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden