Zo ziet op toneel het verdriet van een rouwende vrouw eruit

Theater..

Gent Hoe ziet verdriet eruit op toneel? In ieder geval zo ongeveer als actrice Elsie de Brauw in de voorstelling Gif van NTGent. Zij speelt de vrouw die na tien jaar haar ex-man ontmoet op de plek waar hun zoontje begraven ligt. Ze komen hier samen omdat de graven geruimd moeten worden vanwege gif in de grond. En om te overleggen hoe de herbegrafenis van hun zoon moet plaatsvinden.

Dit hyperrealistisch gegeven is in Gif vormgegeven door een houten tribune waarop wachtkamerstoeltjes zijn bevestigd. Een prachtige vondst van decorontwerper Leo de Nijs, want je moet er niet aan denken dat er grafstenen op het toneel zouden staan. Het drama is al intens genoeg, en door die stoeltjes lijkt het alsof iedereen wacht op betere tijden.

Behalve met de dood van het kind, kampen deze geliefden van weleer ook met de pijn van hun scheiding. De vrouw is blijven hangen in het verleden, de man (Steven van Watermeulen) heeft zich bij elkaar geraapt, is naar Frankrijk vertrokken en heeft daar een nieuwe liefde gevonden. En hij zal binnenkort opnieuw vader worden.

Dat alles krijgt de vrouw op deze vergiftigde grond te horen. Onaangename verrassingen, ontboezemingen en emoties lopen door elkaar, in een even heftige als treurigstemmende dialoog. Waarin ook nog stukje bij beetje de gebeurtenissen rond de dood van de jongen helder worden – met een indrukwekkend verwoord afscheidsritueel als hoogtepunt.

Van Watermeulen is als de man een rots in deze kolkende branding – hij speelt de rol bijna stoïcijns, met af en toe een uitbarsting. De Brauw laat alle facetten van haar onderdrukte wanhoop zien; ze komt op als een verzenuwde, met haar houding geen raad wetende vrouw, vervolgens wordt ze de wraakzuchtige verlatene, de onbegrepene, de ontaarde moeder en ten slotte een hulpeloos meisje dat twee sterke armen zoekt. De Brauw laat dat meanderen door alle fasen van haar getroebleerde ziel knap zien – haar gezicht is soms blozend van opwinding, dan weer asgrauw van ellende.

Als extra zijn een paar liederen van de Engelse componist John Dowland (1563-1626) te horen, vanuit de zaal gezongen door de countertenor Steve Dugardin. Muziek als troost, het is sfeerverhogend, maar nodig is deze illustratieve zang niet. De taal van Vekemans en het spel van beide acteurs zijn op zich al muzikaal; Simons’ regie is bovendien opgezet als een somber menuet -– met zijn uithalen, stiltes, pauzes, verheffing en inkeer.

In de ongebreidelde werkdrift van Johan Simons (dit weekend is zijn Drei Farben uit München in de Amsterdamse Stadsschouwburg te zien, eind februari gaat daar La Grande Bouffe in première; eerder dit seizoen maakte hij het spektakel Kasimir en Karoline en het politieke pamflet Underground naar Elfriede Jelinek) is Gif een kostbaar kleinood. De voorstelling gaat veel verder dan het individuele verdriet van deze twee mensen; het gaat over een manier van leven, over de verschillende wijzen waarop de mens zich tot zijn verdriet kan verhouden, tegen het noodlot kan wapenen. Onverschilligheid en cynisme zijn hier niet aan de orde, in al zijn uitzichtloosheid is Gif daarom zelfs hoopgevend te noemen.

Verdriet op toneel ziet er vanaf nu uit zoals Elsie de Brauw daar in Gif magistraal vorm aan geeft.

Hein Janssen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden