Zo voorzie je de Tour van het perfecte commentaar

21 dagen, zes, zeven uur per dag duurt de Tour de France. Hoe je daar commentaar bij geeft, weet Wim te Brake.

Wim te Brake Beeld Frank Ruiter

'Voetbal is overzichtelijk. Een veld is 60 bij 100 meter en een wedstrijd duurt 90 minuten - daarbinnen speelt alles zich af. De Tour de France gaat in 21 dagen door heel Frankrijk en heeft 200 deelnemers die per dag in zes, zeven uur honderden kilometers afleggen. Als toeschouwer kun je nooit alles zien, waar nog bij komt dat het spel überhaupt minder zichtbaar is. Het beeld van vier renners bijvoorbeeld zegt weinig; pas wanneer je alle achtergronden kent, kun je er een verhaal van maken, wordt het spannend. Daarom is het Tour-commentaar zo belangrijk. Het biedt de ingrediënten voor het verhaal en dat kan de koers maken of breken. Goed commentaar is als een roman: elke etappe is een hoofdstuk, de renners zijn de personages, en als je aan het eind moe en voldaan de televisie uitzet, galmt het verhaal nog een tijd na in je hoofd.

In het ideale geval wordt het commentaar geleverd door twee commentatoren: een journalist die de grote lijn volgt, en iemand met een verleden in de wielersport. Die twee moeten in de eerste plaats natuurlijk in- en overzicht hebben, een haast onmogelijke opgave wanneer je bedenkt wat er allemaal tijdens zo'n Tour speelt: trainingsmethoden, geschiedenissen, ego's, rekeningen die vereffend moeten worden, weersomstandigheden. Daarnaast moeten ze een eigen mening hebben en die durven uiten, maar niet steeds op hun stokpaardje zitten. Ook belangrijk: verstaanbaarheid, een fijn en absoluut geen monotoon stemgeluid, een zeker enthousiasme maar tegelijkertijd het vermogen tot relativeren.

Een commentator die ruim honderd uur aan het volpraten is, moet de wedstrijd bovendien in een breder perspectief kunnen plaatsen. Zo is er tijdens wandeletappes, wanneer het peloton een kalme 30 kilometer per uur fietst, ruimte voor anekdotes en filosofische bespiegelingen. Dat zijn dagen waarop weinig te zien is, maar des te meer goede verhalen te horen zijn.

Wim te Brake

Wim te Brake (Aalten, 1964) is grafisch ontwerper en fotograaf. Hij maakte de fotoboeken Welkom terug en The absence of Mr. Slater. Met Jeroen Duvillier publiceerde hij Praat maar vol, jongens!, het volledige, zes uur durende tv-verslag van de olympische wegrit in Rio de Janeiro in 2016, door de Belgische wielercommentatoren Michel Wuyts en José De Cauwer.

Beeld Frank Ruiter

Het commentaar van het Belgische duo Michel Wuyts, journalist, en José De Cauwer, oud-renner en ploegleider, nadert wat mij betreft de perfectie. Daarin hoor je hoeveel ze van wielrennen weten en hoe diep de sport in hun levens verankerd is. Ze zijn grappig en blijven altijd beschaafd. Minder enthousiast ben ik over Herbert Dijkstra: die is altijd opgewonden over onbelangrijke dingen, zoals een schoenveter die los lijkt te zitten. Karsten Kroon, de oud-prof die dit jaar op Eurosport de Giro versloeg, vond ik een goede co-commentator. Als hij gekoppeld wordt aan een Nederlandse Wuyts zou dat wel eens tot het perfecte Tour-commentaar kunnen leiden. Of ik die Nederlandse Wuyts zou willen zijn? Haha, aantrekkelijk idee.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden