Zo komt uw gazon er perfect bij te liggen

Een minicollege van hoogleraar gewasfysiologie Paul Struik. Zodat ook uw gazon er prachtig bij komt te liggen.

Rob Gollin
null Beeld Frank Ruiter
Beeld Frank Ruiter

'Vroeger waren er op deze universiteit vier hoogleraren graslandkunde. Nu ben ik nog de enige die het erbij doet. Er gaan weer stemmen op voor een hoogleraar in deeltijd. Dat juich ik toe. Maatregelen zoals het komende pesticidenverbod op sport- en recreatievelden vragen om innovatie. Die moet mede van de wetenschap komen.

'Volgens het ideaalbeeld moet een gazon kort gemaaid zijn, egaal ogen en een grote spruitdichtheid hebben - nee, wij hebben het eigenlijk nooit over sprieten. Zelf hou ik van velden met roodzwenkgras of wit struisgras, fijnbladige soorten. Maar dat is puur esthetisch gezien. Wordt je mat veel betreden, dan kun je beter voor raaigrassen kiezen of veldbeemd.

Paul Struik. Beeld Frank Ruiter
Paul Struik.Beeld Frank Ruiter

Verstikking

'Het draait bij het beheer vooral om het verhogen van de concurrentiekracht van het gras. Nu is het tijd om te gaan bemesten. Het gras begint uit te stoelen: uit de okselknopen van de onderste bladeren gaan spruiten groeien. Gras reageert veel meer op stikstof, fosfor en kalium dan de meeste onkruiden en mos. Verticuteren hoort er ook bij, gaatjes prikken. In de winter is een viltlaagje ontstaan van organisch materiaal van bijvoorbeeld afgevallen bladeren tussen het gras en de bodem. Een lossere structuur voorkomt verstikking.

'Je moet niet op datum maaien, je moet maaien als het gras voldoende op hoogte is. Dat luistert nauw. Als je te kort maait, verwijder je te veel blad, het productieapparaat van het gras. Als je te lang wacht, zitten de okselknoppen van de onderste bladen te lang in het donker. Er is geen ideale hoogte aan te geven, dat verschilt per soort.

'Als er toch onkruid ontstaat, kun je dat wegsteken. Maar een dun laagje zand strooien werkt soms ook. Gras groeit daar makkelijker doorheen dan dicotyle planten als weegbree. Die gaan meer in de breedte. Tegen mos helpt bekalken.

null Beeld Frank Ruiter
Beeld Frank Ruiter

Paul Struik

Paul Struik (1954, Nieuw Vennep) studeerde graslandecologie in Wageningen. Hij promoveerde op de verteerbaarheid van snijmaïs en deed onderzoek naar de fysiologie van de aardappel. In 1986 werd hij hoogleraar akkerbouw, vanaf 1998 is hij hoogleraar gewasfysiologie. Hij geeft geregeld lezingen aan greenkeepers van golfbanen.

De invloed van bomen en struiken

'Het belang van de bodem wordt wel eens veronachtzaamd. Maar daar speelt het zich natuurlijk wel af, in een laagje van een enkele decimeter. Gras wortelt niet diep. De laag moet water vasthouden, maar ook poriën bevatten voor de beluchting. Een mengsel van potgrond en zand is het best. Wat vaak vergeten wordt, is de invloed van bomen en struiken. Die creëren veel schaduw. Snoei ze, zodat er genoeg licht bij het gras kan, anders krijg je mos.

'Nee, bij mij in de tuin ligt bepaald geen strak laken. De randen zijn kaal, er zou wat vaker gemaaid mogen worden en je zult madeliefjes en paardenbloemen tegenkomen. Het is ook een speelweide voor de kleinkinderen. Die vinden het leuk om pluisjes weg te blazen.'

null Beeld Frank Ruiter
Beeld Frank Ruiter
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden