Zo is de straat goed geworden

De Witte de Withstraat is van 'no go area' veranderd in de leukste straat van Rotterdam. De bevolking heeft dat zelf gedaan....

De bingokoning heeft zijn leven lang gewerkt. Eerst zorgde hij voor gezellige gokhuizen; met gratis drank, een vriendschappelijke sfeer en goed contact met buurtbewoners. Later besloot de politie dat het afgelopen was met het illegale gokken in Rotterdam en kon hij z'n lotto-, rouletteen bingohuizen om gaan werken tot normale cafés. Al met al een hoop gedoe en er werd niet altijd gezond bij gegeten. Nu is de bingokoning ziek.

Bingokoningen zijn vaak betrokken bij incidenten. Deze zette zich ook in voor de verbetering van de Witte de Withstraat. Net als iedereen in de buurt. Daarom komt het nieuws van zijn ziekte hard aan bij opbouwwerker en buurtagent. Sa men doen ze een rondje door de straat. De één rechtop in zijn nieuwe uniform, de ander zwaaiend naar buurtgenoten en winkeliers. Op het terras van café Mon driaan drinkt de dochter van de bingokoning juist een kopje koffie. 'Vader heeft het aan het hart', zegt ze, 'maar hij komt er wel weer bovenop.'

De buurtagent en de opbouwwerker laten de schouders zakken. Gelukkig maar. Dan moeten ze weer verder: de straat op, zichtbaar aanwezig zijn. Misschien dat iemand hen aanschiet over parkeerprobleem of incestverleden. Ze willen ook nog even langs showroom MaMa. Daar is een paar dagen geleden een laptop gestolen, met allemaal culturele dingen erin, en ze denken dat de gedupeerde wel wat nazorg kan gebruiken.

In de Witte de Withstraat is samengewerkt. Iedereen deed mee om er een mooie straat van te maken een 'kunst-as' tussen het Maritiem Museum en het museumpark met Boijmans Van Beu ningen en de Kunsthal. Tot een jaar of tien geleden was de straat gevaarlijk. Er werd veel gehandeld en geschoten. Daarna ging iedereen de schouders eronder zetten om de boel wat leefbaarder te krijgen. Nu is de straat geen no go area meer, maar al bijna een hot spot. En ze hebben alles samen zelf gedaan, omdat ze moeilijk op de politiek konden wachten en er nog geen Pim Fortuyn was opgestaan om vertrouwen in te stellen.

De Witte de Withstraat is de leukste straat van Rotterdam. Je kunt er alternatieve kunst bekijken in MaMa, geëngageerde video-installaties in het kunstencentrum Witte de With en bijna vergeten meesterwerken in het Nederlands Foto Instituut (nfi). Je kunt Noord-Afri kaans lunchen in wereldrestaurant Bazar, kijken wat galerie mk nu weer voor moois heeft opgehangen en fatsoenlijk dineren in restaurant Oliva. Als Tineke van café De Schouw je na sluitingstijd met tegenzin de straat opstuurt, lust je misschien nog wel een kopje Kantonese soep.

Het is niet eens ver lopen; gewoon rechtdoor het Centraal Station uit. Onderweg steek je een paar brede straten over, zoals de West blaak, en kom je op het kruispunt van de Oude en de Nieuwe Bin nen weg. Hier kun je kleding kopen in moderne winkels of een drankje bestellen tussen de plaatselijke intellectuelen in het Wes ter paviljoen. Liever ga je rechtdoor langs de bermen van de Eendrachts weg; waar een kerktoren het zicht ontneemt op museum Boijmans Van Beuningen. Nu alleen nog linksaf bij de kogelgaten in de muur.

Boven shoarmazaak Eilat vliegen duiven de huizen binnen en bij de telefooncel houden zich figuren op. Er wordt nog flink ingebroken, gevochten en ook nog weleens iemand doodgeschoten. Rot terdam is nu eenmaal een grote stad en effectief straatmanagement blijft een kwestie van hard werken en elke dag bijhouden. De culturele instellingen doen van alles om meer bezoekers te trekken, de buurt blijft op zoek naar nieuwe winkelformules met grote trekkracht, politie en opbouwwerk zoeken contact met de jeugd en als iemand een mitrailleur leegschiet op de stoep van een café, dan komt een vertegenwoordiger van de gemeente langs om met de eigenaar te praten.

Het bombardement van 1940 ging vlak langs de Witte de With straat. Veel plafonds kwamen naar beneden, maar de huizen bleven staan. Aan de inrichting van slagerij Munnikhuizen kun je zien dat de zaak al heel vaak van vader op zoon is gegaan. Er staat een grote But cher boy waarmee je gehakt kunt maken en met een gietijzeren gevaarte kun je plastic om de vleesjes doen. Elke maandag is de slagerij gesloten. Op dinsdagochtend vult het echtpaar Munnikhuizen daar om de voorraden bij.

Bernhard hoeft niet naar zijn handen te kijken als hij gehaktballetjes draait. Het was een mooie winkelstraat toen hij er vijftig jaar geleden kwam wonen, zegt hij. Beetje chic zelfs, met een uitgebalanceerd winkelbestand. Een gezin kon er alles kopen wat het nodig had: kleding, schoenen, eten, drinken en sponzen. Rond 1970 kwam de ommekeer. In een paar jaar bestond de halve straat uit shoarmazaken. De familie Munnikhuizen vond dat niet erg zij mochten ze bevoorraden. Even enthousiast reageerden ze op de komst van de gokhuizen. De gokkers waren de beste klanten en de portiers zorgden dat er met hun auto niets gebeurde.

Vijftien jaar geleden haalde de politie de gokhuizen leeg en namen bordeelhouders en drugsdealers de lege plekken in. De nieuwe criminelen beschoten en overvielen elkaar en hadden ook al geen achterban in de omliggende straten. Nog steeds haalde de familie Munnik huizen de schouders op. Er kwam weleens een Marokkaan zonder rechteroor om een pleister vragen, maar die stuurde je met een doekje naar het ziekenhuis. 's Nachts werd geschoten en gemoord, maar tegen de tijd dat de slagerij openging, zegt mevrouw, waren de lijken alweer opgeruimd.

De echte genadeklap voor slagerij Munnikhuizen kwam pas toen ze de straat gingen opknappen. Opeens draaide alles om kunst in de Witte de Withstraat. Er kwamen culturele instellingen in de gebouwen waarin daarvoor krantenredacties hadden gezeten, en overal gesubsidieerde galeries. Voor de zaken was dat niet goed. Kunstenaars zijn overwegend vegetarisch en gewone mensen komen hier sindsdien geen boodschappen meer doen. Over twee jaar mag Bernhard met pensioen. Tot die tijd probeert hij nog zo veel mogelijk culinair belegde broodjes en zelfgemaakte stampotten te verkopen. Het zal zijn tijd wel duren, zegt hij. En anders maar niet.

Later in de week kun je zien wat ze met een kunst-as bedoelen. Plukjes vrouwen in lichte regenjassen lopen richting de Kunsthal of het Chabotmuseum aan de overkant van de Eendrachtsweg, groepen jongeren slenteren achter begeleiders naar het Maritiem Museum voorbij de Schiedamse Vest. Op maandag en dinsdag is het rustig. De ramen van restaurant Oliva worden gewassen en op de stoep van galerie MaMa timmert een jongen aan een constructie die vanaf zaterdag een nieuwe tentoonstelling moet begeleiden. In Witte de With zitten ze ook al midden in de voorbereidingen. Mexicaanse kunstenaars laten daar vanaf zaterdag zien hoe zij op een individueel ervaringsniveau met grootstedelijke problematiek omgaan.

In de Witte de Withstraat hebben ze ook een groot politiebureau. Omdat ruimten op de begane grond een culturele bestemming moeten hebben, is daar een politiegalerie ingericht. Soms staat een oude politieauto voor de gevel, soms worden er gedichten van agenten opgehangen. Op de eerste verdieping zitten Salvatore Martedi en Ed de Meijer naast elkaar aan een witte tafel. Salvatore is buurtagent, Ed opbouwwerker voor de wijk Cool. Ze zijn erachter gekomen dat hun werkzaamheden gelijkenissen vertonen. Beiden proberen vanuit een informele benadering structureel zaken te verbeteren door contact te onderhouden in de buurt. 'Daarom trekken we samen op', zegt Ed.

Salvatore is nog maar net begonnen, Ed is al twintig jaar bezig met zich in te zetten voor de buurt. Na vijf jaar vergeefse schoonmaakacties en werkgelegenheidsprojecten, kwam het besef dat de straat van karakter moest veranderen. Namens de bewoners vroegen ze de Wijk Ontwikkelingsmaatschappij (wom) een plan te maken. Die ging panden kopen en huren van ondernemers die er een potje van maakten, om de panden eventueel gesubsidieerd door te verhuren aan culturele ondernemers die de straat een beetje kleur gaven. Van praten krijgt Ed een rood hoofd, maar nu gaat hij achterover zitten: 'Zo is de straat goed geworden.'

Ed en Salvatore zijn de voelsprieten van de buurt en die horen niet op kantoor. Naar buiten gaat het, aan het werk. Terwijl Salvatore twee jongens blikjes bier afneemt en uitlegt dat ze er deze keer genadig van af komen, wijst Ed naar de winkel op nummer 68: Breekbaar. Vroeger werd daar cocaïne verhandeld, tegenwoordig verkoopt een vriendelijke dame er glaswerk dat je raakt in je gevoel. Als ze nu kunnen regelen dat die paaltjes daar door de gemeente worden weggehaald, zal het verkeer de zijstraat weer gebruiken en zullen er 's avonds niet langer verdachte koffertjes van achterbak wisselen. Het is mooi weer. Ed en Salvatore hebben lachende gezichten. Als iedereen blijft meewerken, gaat het over een tijdje nog beter met de straat dan het nu eigenlijk al gaat.

Bij Cees van Wijk schuifelt woensdagavond een magere Chi nees in pyjama over de vloerbedekking. Maar dat is normaal. Cees heeft altijd logees en deze is toevallig legaal. Cees is begin jaren zeventig in de straat komen wonen. Hij zag de boel verslechteren, maar de actiegroepen deden niets dan bingoavonden organiseren. Boven dien kreeg hij het nogal druk met het voorzitterschap van het landelijke coc de Rotterdamse pvda en de Raad van Toezicht van de Vara. Nu het niveau van de bewonersinitiatieven is toegenomen, is ook Cees zich er weer mee gaan bemoeien. Hij is bestuurslid van kunstenaarsinitiatieven als Roodkapje, de Popunie en MaMa en één van de vier leden van het Witte de With-beraad. Na anderhalve maand komt dat beraad vanavond weer eens bijeen.

Cees kent iedereen en iedereen kent Cees. Hij blijft even op de stoep staan en wijst. In dat journalistencafé is hij nog eens met Joop den Uyl een biertje wezen drinken; de hele kroeg viel stil. En daar stond Chet Baker op een portie drugs te wachten, vlak voordat hij naar Amsterdam ging om uit een hotelraam te vallen. En verderop, geen tijd om er nu nog langs te gaan, is een leuke homobar waarin hij Pim Fortuyn de polka leerde dansen. Hij slaat rechtsaf de Een drachtsstraat in. Daar, in het nieuwbouwhuis van de actieve buurtbewoner John Nooteboom, begint om acht uur de vergadering.

Aanwezig zijn, behalve Cees en John: de directeur van het wom, George Müller, en senior onderneming-opbouwwerker Freek Ho man. Wat de bedoeling is en je kunt ook eigenlijk niet anders met een disfunctionerend ambtenarenapparaat, is dat zij de opvattingen van alle belanghebbenden inventariseren om daarna met één Witte de With-mond tegen de gemeente te praten. Dat wordt aardig opgepakt. Tegenwoordig zegt de gemeente: 'Organiseren jullie de inspraakrondes maar.' Cees van Wijk gaat aan de grote tafel zitten en kijkt bescheiden: 'Eigenlijk hebben wij het poldermodel uitgevonden.'

Als je bijvoorbeeld de terraszonering aan de gemeente had gelaten, was er geen maatwerk gekomen, maar met een liniaal gewerkt. Wat ze ook van de grond kregen: een fonds voor culturele ondernemers die goed in het Witte de With-profiel passen, maar tijdelijk in een financiële crisis verkeren. En dan willen ze ook graag de onbedoelde effecten van nieuwe regels voorkomen. Het is een ingewikkeld verhaal, maar het komt erop neer dat vanwege nieuwe regels tegen gokkasten en vrouwenhandel de homobars met darkroom straks de huur niet langer kunnen betalen. 'Zúlke dingen', zegt Cees. De koffie gaat opzij, de sigaartjes gaan aan. Tijd voor mededelingen.

Het gaat slecht met kunstenaarsinitiatief Roodkapje. Er is nog voor twee maanden geld en dan kan de huur niet meer worden betaald. Er zullen snel, en met succes, lijntjes naar subsidieverdelers worden uitgezet. Er komt een nieuw bestemmingsplan voor de buurt, maar niemand heeft dat nog mogen bekijken. En Leefbaar Rotterdam zal waarschijnlijk de wethouder voor Cultuur leveren. Voor een kunststraat waar veel subsidie naartoe gaat, is dat geen goed nieuws. 'Ik bel Pim wel even', zegt Cees nog. Maar dat zit er niet meer in een paar dagen later wordt hij doodgeschoten in Hilversum.

Cees heeft een grote badkamer met veel urinoirs en blacklights erboven geschikt gemaakt voor safe-seksparty's voor invloedrijke mannen. Een groepje kwam die juist bezichtigen, toen hem het nieuws van de moordaanslag bereikte. Iedereen had daarbij zijn eigen emoties. In de straat hangt sindsdien een rare, wezenloze sfeer, zegt Cees. Pim beroerde precies de problemen die ze hier voor een deel al hebben opgelost. En dan heb je mensen die zich laten troosten door de Witte de Witstraat daar is het de mensen zonder politieke hulp tenslotte ook gelukt. Volgens Cees vergeten ze één ding: 'Als je niet weet hoe de bureaucratie werkt, loop je tegen muren.'

Donderdag is het nog steeds mooi weer. Elke dag neemt de bedrijvigheid iets toe. Vijf vrouwen duiken in galerie Ecce verrukt op de standaard met ansichtkaarten, hoewel je er ook designmeubelen kunt kopen van sidepressed bamboehout en schilderijen van erkende kunstenaars. Met verfspullen in de hand rent Jeroen van MaMa langs het volle terras van restaurant Bazar. 100 Meter verderop, op de hoek met de Schiedamse Vest, wijst zijn compagnon Boris een Tsjechische kunstenaar een geschikt gebouw om diens enorme beelden van klimmende baby's aan te hangen. Een echtpaar bestudeert de posters op de ruiten van het Foto-instituut: het hele oeuvre van Luigi Ghirri. Ze kijken elkaar aan. Ander keertje.

In Roodkapje lopen een paar jongens heen en weer. Ze doen allemaal iets. De een onderhoudt de expositieruimte achterin. Daarin mogen gewone mensen van 18 plus en een karakter dat zich openstelt voor het nieuwe, hun eigen ding doen. Deze weken is een tent geëxposeerd en een matras met kerstverlichting erboven. Een jongen met gekleurd piekhaar doet aan haarstyling in de voorkant van de zaak. Anderen doen de fotostudio die met gordijnen van de rest kan worden afgescheiden, of de zelfgemaakte kleding die aan een rekje hangt. Weer anderen selecteren dj's die op de draaitafels nieuw werk mogen uitproberen. Niet alles in Roodkapje is even mooi of indrukwekkend, maar daar moet je volgens Arthur niet naar kijken. 'Het concept is het eindproduct.'

Arthur Schwimmer is 28 en heeft verstand van identiteit. Dat komt: hij heeft een achtergrond van grafische vormgeving en computers. En ervaring met het onderwerp. Hij gaat zitten op een strakgrijs bankje, spreekt de hoop uit dat toehoorders zijn filosofische manier van zich uitdrukken kunnen volgen en steekt van wal. De jeugd van nu wordt doodgegooid met commerciële boodschappen. Ze trekken aan wat in is en volgen gedachteloos de trends. Door hen te confronteren met artistieke uitingen van niet-traditionele aard, gaan ze vanzelf werken aan een innerlijken uiterlijk eigen ik. Rood kapje barst zodoende van de oranje gloeilampen, paars en rode bontjes en aangeplakte barbiepoppen, maar op financieel niveau gaat het niet goed. Arthur zucht: 'Wij zijn ook zó experimenteel.'

Bij showroom MaMa, vijf panden verderop, gaat het gelukkig beter. Behalve alternatieve kunst exposeren, doen ze daar ook aan bemiddeling tussen kunstenaars en opdrachtgevers. Jeroen Everaert en Boris van Berkum zijn leuke jongens van halverwege de dertig en druk met bezigheden. Jeroen is bijna klaar met de expositie van zaterdag: dan zijn de flash-animaties van ex-graffitispuiter Cosh te zien. Boris doet aan projecten, waarvan het hierheen halen van het werk van die Tsjechische beeldhouwer voorlopig de belangrijkste is. Voor eigen werk, politieke cartoons en het maken van grafstenen met touch screens, is daarom geen tijd.

Als kunst een achterstandswijk in trekt, volgen de projectontwikkelaars dat weten ze in alle wereldsteden. Een beetje subsidie hebben ze bij MaMa nog wel nodig, maar voor Leefbaar Rotterdam zijn ze daarom niet bang. Voor een moeilijke wijk in Vlaardingen moeten ze nog iets bedenken, voor de Witte de Withstraat hebben ze al eens een kleidag georganiseerd. 'Aanvankelijk ontstonden er maatschappelijke problemen op de kleitafel', zegt Jeroen. Koerdische vlaggen werden geprakt om er Turkse bovenop te kleien. 'Maar', zegt Boris, 'zonder communicatie gaat de maatschappij de afgrond in en het haalt de druk van de ketel als je elkaar kunt vragen: ''Goh, wat klei jij nou?'' Kleien tegen maatschappelijke verharding is misschien wat idealistisch, zegt Jeroen. 'Maar zo zijn wij. Wij doen dingen met liefde.'

Het is heel leefbaar geworden in de straat. Voor de mensen uit het beroemde journalistencafé De Schouw had dat niet gehoeven. Het is een bruin café, tegenover het Foto-instituut. Halverwege de middag wandelen eenlingen binnen voor een biertje en wat gezelschap. Achter de bar staat Tineke. Ze mijmert graag over vroeger, de warmte achter de roodfluwelen gordijnen van nachtclubs als de Champagnebar. Aan de bar zit Jim Postma, voormalig misdaadverslaggever van Het Vrije Volk. 'Vroeger', zegt hij en schudt zijn hoofd.

Drie kranten zaten er in de straat: de nrc in het gebouw van het Foto-instituut, Het Vrije Volk in het politiebureau en het Algemeen Dagblad boven Bazar. Na werktijd gingen alle journalisten naar

De Schouw. Omdat er ook al schrijvers, politici en kunstenaars kwamen, was dat allemaal heel druk, gezellig en legendarisch. Door 's ochtends al vroeg naar de kroeg te gaan en 's nachts in de gokhuizen te dwalen, wist Jim Postma veel meer van de criminaliteit dan de andere journalisten. Jim draagt een cowboyhoed, een zwart pak en een bril met bruin montuur. Hij pakt zijn glas, kijkt er even boos naar en duwt het bier dan met kracht naar binnen. Daarna wil hij naar een rustiger café. Het zijn namelijk geen kinderachtige praatjes die hij verkoopt. Ze gaan over journalistiek, criminaliteit en terrorisme.

Halverwege de jaren tachtig, tussen twee biertjes, kreeg Jim heel even een fax uit Amerika onder zijn neus gedrukt. Arabieren zouden aanslagen plegen op de vliegvelden van Rome en Wenen, stond daar op geschreven. Jim zette dat nieuws als eerste van de wereld in de krant en drie dagen later gebeurde het daadwerkelijk. Een andere keer werd een bingokoning vermoord en wandelde Jim de Witte de Withstraat in voor de achtergronden. Hij werd weleens geblinddoekt naar een loods gereden voor een interview met betrokkenen, maar dan had hij z'n verhaal ook rond: Rotterdamse en Haagse gokbazen zaten elkaars uitbreidingen in de weg en kregen ruzie. 'En van Peter R. de Vries had toen nog niemand gehoord', zegt hij.

Er komen nog wel journalisten borrelen en aan de gevel van De Schouw hangt een vitrine waarin iedere vrijdag een kunstwerk wordt gehangen. Maar primeurs worden er nauwelijks meer gevonden. Om negen uur heeft Jim zijn verhaal gedaan en gaat hij en route. Dat betekent: via kroegen langzaam richting huis lopen. Het begint bij Tine ke. Zij weet wat haar gasten bezighoudt. Zo leuk als vroeger wordt het nooit meer. Dus als de kroeg dicht moet, zet ze de cd op die ze zelf heeft ingezongen: Beste barman gaat over 'het rottige gevoel dat de mensen krijgen als de kroeg gaat sluiten'.

Zaterdag is een mooie dag; veel Rotterdammers zijn vrij. Ze zitten bij bosjes op het terras van Bazar of stappen groepsgewijs de winkeltjes binnen. Tussen de decoratieve meubels van Dirckx ruikt het naar verse bloemen, bij Roodkapje waait dansmuziek naar buiten en op de tweede verdieping wippen twee voeten uit een open raam. Cees van Wijk steekt de straat over met een klembord in zijn handen en hoeft met dit weer niet eens een overjas te dragen. Als je ervan weet of misschien wel bent uitgenodigd, kun je naar mooie openingen in de Witte de With of MaMa.

Om vijf uur gaan moderne mensen geïnteresseerd door de witte zalen van Witte de With. Ze mogen wel wat vrolijker kijken, want er zijn prachtige foto's en geestige films te zien. Een paar uur later, op de stoep van MaMa, is het drukker. Binnen zijn computertekeningen opgehangen, buiten drinken zo'n dertig jongens bier. Straks komt ook Cees van Wijk nog een kijkje nemen en volgende week zullen de opbouwwerkers en buurtbewoners volgen.

In de Witte de Withstraat is het helemaal goed gekomen. Nu gaan ze met dezelfde inzet via zijstraten de wijk verbeteren. Want dit is leuker dan criminaliteit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden