Zo gaan de ministers van Rutte II de geschiedenis in

Prinsjesdag 2017: Rutte dankt u voor bewezen diensten

Het langstzittende naoorlogse kabinet stevent op het einde af. Rutte II ging stoïcijns de crisis te lijf, maar wist zichzelf niet geliefd te maken. Hoe gaan de ministers de politieke geschiedenis in?

Foto Bas van der Schot

Mark Rutte (VVD) - Algemene Zaken

Sinds 2002 veertien jaar in het kabinet, alweer zeven jaar premier: sinds Wim Kok is er geen politicus geweest die zo langdurig zijn stempel op het land drukte. Toch is hij voor velen nog altijd moeilijk te doorgronden.

Regeerde hij alleen, dan zou hij de principes volgen van de door hem bewonderde Friedrich von Hayek, de filosoof-econoom die Reagan en Thatcher inspireerde tot het terugsnoeien van de overheid. Maar no-nonsensemanager Rutte regeert allesbehalve alleen. Juist van besturen als groepsproces heeft hij zijn specialiteit gemaakt in een tijd van politieke versnippering en vluchtige kiezersvoorkeuren. Bij elke nieuwe werkelijkheid een andere Mark Rutte. Sociaal-liberaal in Balkenende II, revanchistisch-rechts in Rutte I, pragmatisch saneerder in Rutte II. Euroscepticus in Den Haag, Europeaan in Brussel.

Binnenkort op het bordes met alweer zijn vierde en vijfde coalitiepartner verschiet hij opnieuw van kleur. Blijft dat goed aflopen voor hem? Dat is geen zekerheid voor wie de wet van het verfmengen kent: hoe meer kleuren, hoe minder licht.

7 jaar is Mark Rutte premier van Nederland. In totaal maakt hij veertien jaar deel uit van een kabinet. Eerder was hij staatssecretaris van Sociale Zaken en van Onderwijs.

Edith Schippers (VVD) - Volksgezondheid

Ze verlaat het Binnenhof, maar voor hoe lang? De ambitie om de eerste vrouwelijke premier te worden, moet zolang Rutte aanblijft nog even de koelkast in. Maar de allure heeft ze. Haar even onverschrokken als drastisch hervormen van de zorg, haar beheersing van de uitgaven van haar ministerie - ze laat een stempel achter. Een temperamentvolle minister die haar eigen gang durft te gaan. Door vriend en vijand te verrassen met de aankondiging dat de regering werk wil maken van regelgeving voor voltooid leven. Door met aplomb te poneren dat de westerse beschaving superieur is aan de islam. Een staatsvrouw in aanbouw, temeer omdat ze haar klussen opgewekt en energiek aanpakt. Totdat... die vermaledijde formatie een beroep op haar deed. En ze op een onbewaakt moment in één vertrek belandde met de heren Pechtold en Segers. Die drie uur later met verhitte koppen weer buiten kwamen. Daarmee de staatsvrouw in wording een lesje in behoedzaamheid gevend.

Jeroen Dijsselbloem (PvdA) - Financiën

PvdA'ers die minister van Financiën worden, rekenen graag af met het al dan niet bestaande vooroordeel dat PvdA'ers de miljarden het liefst over de balk smijten teneinde de overheid zo groot mogelijk te maken en leuke dingen te doen voor linkse mensen. Net als Duisenberg, Kok en Bos zou Dijsselbloem wel eens even laten zien dat PvdA'ers geen potverteerders zijn. Wat heet: de Wageningse landbouweconoom rondde de grootste bezuiniging aller tijden af.

Het leeuwendeel van die 50 miljard is dan ook nog eens bevolen door een coalitie waarin niet de PvdA zat, maar, o afschuw, wel gedoger PVV. De prijs voor Dijsselbloem is dat hij als krenterig, rechts-conservatief PvdA-Kamerlid verder door het leven gaat. Dat óók onder zijn bewind de economie weer als een lier ging draaien, vinden economen niet Dijsselbloems verdienste. De economische groei had veel groter kunnen zijn, zeggen ze, als de Eurogroepvoorzitter de economie niet kapot had bezuinigd. Het debat daarover duurt nog wel even voort.

Henk Kamp (VVD) - Economische Zaken

De fiscaal-rechercheur uit Borculo gaat sowieso de parlementaire geschiedenisboeken in: Henk Kamp werd in vier nieuwe kabinetten vier keer minister van vier verschillende departementen. Zodra er een nieuw kabinet is, stopt zijn lange politieke leven. What you see is what you get, roemen fans en politieke tegenstanders het recept-Kamp. Stug en onverstoorbaar - bij Defensie waren ze dol op de Tukker. Jammer dat hij later als minister van Sociale Zaken forse krijgsmachtbezuinigingen bepleitte.

Daarna leek de steile minister van Economische Zaken een logische match met Groningers, vooral toen Kamp als eerste de gaskraan wat dichtdraaide. Gronings lof voor Kamps lef stopte toen hij die aardbevingen een fact of life noemde - 'mijn fout'.

'Gronings gas' is over twintig jaar synoniem voor 'Henk Kamp', maar 'wind-op-zee' ook. De autofanaat is vergroend. Zijn afscheidscadeau: een enorm windmolenpark op de Noordzee. De windmolens draaien tot genoegen van de VVD'er meer op wind dan op subsidie.

Melanie Schultz van Haegen (VVD) - Infrastructuur

Het is het lot van een verkeersminister: de meest zichtbare daden zijn in het licht van de wereldgeschiedenis klein bier. Westerterp had de autogordel, Maij-Weggen de carpoolstrook en Schultz de 130 kilometer. Een schot in de roos vanuit VVD-perspectief. Decennialang zullen dankbare automobilisten in elk 130-bord Schultz' gelaat menen te herkennen. Of anders wel het VVD-logo.

Hoewel mediageniek dankzij een losse presentatie in de media en de Kamer, beperkte ze haar publieke optredens. Ze zocht het vuur van het debat niet op. Geheel in stijl loodste ze onder de radar en zonder noemenswaardige tegenstand de enorme Omgevingswet naar het Staatsblad. Helemaal onzichtbaar bleef Schultz niet. Ze vindt dat ze na haar vertrek uit de politiek naar een bedrijf kan waarmee ze als bewindsvrouw zaken deed. En er is een onafzienbare fotocollage te maken van haar eerste palen, tunnelopeningen en ceremoniële overhandigingen van Nederlandse waterkennis- en vaardigheden aan het buitenland. En natuurlijk van al die onthullingen van alweer een 130-bord.

Melanie Schultz bij de onthulling van alweer een 130-bord. Foto anp

Lilianne Ploumen (PVDA) - Ontwikkelingssamenwerking

Tot afgrijzen van de Nederlandse hulpclubs was ze de eerste minister die hulp en handel combineerde. De één miljard euro bezuiniging die zij moest doorvoeren, noemde ze 'pijnlijk', maar de schade kon worden beperkt door het opvoeren van handel met arme landen. 'Ontwikkelingshulp nieuwe stijl', zei ze. Zij die betoogden dat hulp en handel niet samengingen, noemde Ploumen 'ouderwets'.

Tweede reden voor de razernij: ze zette het mes in subsidies. Die daalden met ruim 50 procent. Hulporganisaties klagen nog steeds dat zij vooral onderling aan het vechten zijn om geld. Ploumen zou de hulpsector hebben 'ontzield'.

Daartegenover staan bewonderaars. Ze streed met heilig vuur voor internationale afspraken over eerlijke kleding. Met haar actie tegen de anti-abortusmaatregelen van Trump oogstte Ploumen wereldwijd bewondering. Ze haalde miljoenen op zodat meisjes baas blijven over eigen buik. Foto's van Ploumen in Superwoman-pak prijkten op websites van de BBC en The New York Times.

Over een paar jaar als iemand niet op Ploumens naam kan komen, kan zomaar klinken: 'Je weet wel, die vrouwelijke minister uit dat landje die de machtige president van Amerika trotseerde.'

Tekst gaat verder onder de foto.

Demonstranten op het Maliveld die actievoeren tegen het inreisverbod van Trump, met borden met minister Ploumen als Superwoman. Foto anp

Bert Koenders (PVDA) - Buitenlandse Zaken

De belezen man die eindeloos kan wikken en wegen. Zullen we ook F-16's inzetten boven Syrië? Zullen we de missie in Mali of Afghanistan afbouwen?

Koenders denkt tot vreugde van zijn diplomaten graag goed na voordat hij een besluit neemt. Hij onttrekt zich aan de trend van ministers die graag in één A4'tje worden bijgepraat door hun personeel. Nee, goed doorwrochte analyses graag over de noodsituatie van de Rohingya in Myanmar.

In hem huist een diepgeworteld geloof dat Nederland werkelijk iets kan bijdragen op het internationale toneel. Vrede in Syrië? Hij worstelt zich als Nederlander gewoon tussen overleggen die daarover gaan.

Hij vindt gemakkelijk gehoor, mede omdat hij zich uiterst zorgvuldig heeft ingelezen in de mitsen en maren van zijn gesprekspartners. Het maakt hem een graag geziene gast in diplomatieke kringen. Als hij door de wandelgangen van het VN-gebouw in New York loopt, schudt hij hier de hand van een Afrikaanse minister, daar van een Aziatische kennis.

Geen allemansvriend overigens. Dictators dien je aan te spreken op hun gedrag, vindt hij. Nederland is bezorgd over de mensenrechtensituatie in China, Rusland of elders; je hoort het Koenders zo zeggen. De handelsbelangen of geringe omvang van Nederland houden hem allerminst tegen. Linkse kiezers vinden het ideaal. Rechts Nederland zal niet treuren om zijn vertrek.

Jeanine Hennis (VVD) - Defensie

Ze is van haar manschappen gaan houden en laat dat ook zien - Hennis in een sneeuwhol met mariniers in Noorwegen, Hennis hangend aan een parachute, Hennis die langs scheert in een F16. Ze maakte werk van vergaande samenwerking met buitenlandse krijgsmachten. Zo is een deel van de Nederlandse en Duitse landmacht nu samengevoegd. En de marine is gedeeltelijk samengesmolten met de Belgen.

De militairen waarderen haar betrokkenheid, maar wijzen ook op de lege portemonnee. Ze erfde een bezuinigingspakket van één miljard euro. Pas in de zomer van 2014 - toen de oorlog op de Krim uitbrak, IS zijn ware gezicht liet zien en vlucht MH17 uit de lucht werd geschoten - kreeg Hennis er als eerste Defensieminister in jaren weer een paar honderd miljoen bij. Maar het is te weinig en te laat om de boeken in te gaan als de minister die het verschil maakte. De vrouw die de krijgsmacht sterker wilde maken, maar het geld er maar niet voor kreeg - het is het kruis dat Hennis moet dragen.

Stef Blok (VVD) - Wonen/Justitie

'De parel van het kabinet', noemde PvdA-collega Ronald Plasterk hem onlangs, nogal verrassend. Lang leek VVD-minister Stef Blok eerder op een gesloten oester. Met de portefeuille Wonen en Rijksdienst kreeg Blok wat hij wilde, een ministerschap, maar veel eer viel daaraan niet te behalen. Goed, hij sloot het woonakkoord en verkocht paleis Soestdijk. Soit.

Maar zie, sinds januari zit hij op Veiligheid en Justitie, de post waar de VVD zoveel brokken maakte. Zo niet Blok, die juist is opgeleefd. Zelfs zijn veronderstelde vertrek uit de politiek is niet zeker meer. Kalm en zelfverzekerd staat hij Kamer en pers te woord. Met af en toe een toefje humor.

Kamerlid sinds 1998, campagneleider bij de Kamerverkiezingen van 2010 die de VVD voor het eerst de grootste partij maakten. Daarna fractievoorzitter onder Rutte I. Mocht deze routinier retireren, dan zal hij worden herinnerd als een stille kracht achter liberale gloriejaren.

Jet Bussemaker (PVDA) - Onderwijs

Ze komt en ze gaat. Al haar hele werkzame leven beweegt Jet Bussemaker zich tussen Amsterdam en Den Haag. Na haar Kamerlidmaatschap en aansluitend staatssecretariaat op Volksgezondheid, Welzijn en Sport in Balkenende IV verliet Jet Bussemaker (56) in 2010 de politiek. Definitief. Dachten we.

Maar haar betrekking als rector van de Hogeschool van Amsterdam bleek een intermezzo. In 2012 was Bussemaker terug aan het Binnenhof, als minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Ze deed het zoals we haar kennen: meebewegend met de Kamer als het moet, fel van zich afbijtend als ze zich onheus bejegend voelt.

Ze verdedigde het leenstelsel en brak een lans voor het beroepsonderwijs. 'Wat mij stoort, is dat iedereen alleen maar hogerop wil', zei ze twee jaar geleden in de Volkskrant (+), een gewaagde uitspraak voor een sociaal-democraat. Het achtervolgde haar, ze voelde zich misverstaan. Ze bedoelde: als je je geluk vindt met een mbo-diploma, is dat ook prima. Zie het als haar nalatenschap.

Jet Bussemaker in 2015. Foto Jiri Buller

Lodewijk Asscher (PVDA) - Sociale Zaken

Hij was de grote belofte uit Amsterdam, maar nu Asschers vicepremierschap het einde nadert, zit de voormalige kroonprins vol krassen en littekens. Het avontuur in Rutte II leidde tot de grootste politieke nederlaag ooit; de sociaal-democratie in Nederland wankelt. Asscher is daarvoor mede verantwoordelijk, net als zijn door hem verdreven voorganger Diederik Samsom.

Er zijn wel degelijk zaken om trots op te zijn. Nederland staat er beter voor, het kabinet zat de rit uit. Asscher heeft ook een begin gemaakt met het terugdringen van de flexibilisering op de arbeidsmarkt. Het is alleen de vraag wat daar van overblijft als straks een centrumrechtse coalitie de teugels in handen krijgt op Sociale Zaken.

Asscher heeft al laten zien dat in hem ook een oppositieleider schuilt, maar tegelijkertijd zijn de politieke feiten onverbiddelijk. Negen zetels. Hoe ver kom je daar mee? Het is die loodzware erfenis die Asscher voorlopig meetorst.

Ronald Plasterk (PVDA) - Binnenlandse Zaken

De erfenis van Plasterk zou wel eens een nieuw referendum kunnen zijn. In zijn nadagen slaagde de geplaagde PvdA-minister er toch nog in om nieuw beleid door de Kamer te krijgen: de zogenoemde wet op de inlichtingendiensten. Inmiddels hebben tienduizenden mensen hun handtekening gezet voor een volksraadpleging over deze 'sleepwet' die volgens tegenstanders de vrijheid van het internet bedreigt.

Zo lijkt de carrière van Plasterk te eindigen waar hij begon. De voormalige topwetenschapper maakte naam aan de zijlijn tijdens de referendumcampagne over de EU-grondwet (2005). Niet veel later kwam hij als zwaargewicht naar Den Haag. Zelf zou hij in die tijd hebben gedroomd van een premierschap.

Het liep anders. Het ministerschap van Plasterk in Rutte II was ongelukkig. Veel van zijn voornemens sneuvelden. Hij overleefde ternauwernood een motie van wantrouwen na een onterechte beschuldiging aan het adres van Amerikaanse inlichtingendiensten. Plasterk zette door, maar de glans kwam niet meer terug.

Eerder dit jaar leek hij al stilletjes zijn comeback aan te kondigen als eigenzinnig commentator. Hij pleitte na de verkiezingen voor een fusie van de fracties van PvdA en GroenLinks.

Meer over