Zo beschaafd, maar zo onbekend

De provincie Utrecht doet er van alles aan om de burger te betrekken bij het democratisch spel. Een open dag, het spelen van het Statenspel....

IN een wat vaal kamertje staat een man tussen een heleboel dozen stapeltjes papier te verplaatsen. 'Wat ik hier doe?', draait hij zich enigszins betrapt om, 'eh, ik sta te garen, tja, ik zou eigenlijk niet weten wat.' Een blik op het papier leert dat het om kaarten gaat waarop de geluidshinder in de provincie wordt aangegeven. Werkzaamheden, weet hij in elk geval, die horen bij de binderij, een facilitair onderdeel van de provincie Utrecht.

Een deur verder in dit oude provinciehuis bloost N. de Beer licht als zij wordt aangesproken net op het moment dat zij op een kousevoet en een plateaulaarsje rond haar bureau hinkstapt. Ze kan zo gauw haar activiteiten niet onder woorden brengen, ze zit hier op een werkervaringsplaats.

'Wat de provincie zoal doet, nee, dat zou ik niet zo gauw weten. Nou ben ik ook niet zo politiek. Of ik 8 maart ga stemmen? Neu' Haar collega F. Osinga weet het beter. 'We zitten hier in de werkvoorbereiding. We leggen nu de commissorialen klaar voor de gedeputeerden. Dat zijn, zeg maar, besluiten waarover ze nog moeten redetwisten.'

Een beschaafd gaapje, een sceptisch opgetrokken wenkbrauw: dat zijn zo de reacties die een mens te verwerken krijgt bij de aankondiging op bezoek te gaan bij 's lands middenbestuur, de Provinciale Staten. Op 8 maart staat het in het middelpunt van de kiezersbelangstelling. Althans, dat is te hopen. Met de almaar afkalvende kiezersopkomsten die soms het niveau van een schamele 50 procent naderen, is het maar afwachten.

Nergens zijn politici zich zo bewust van hun onbekendheid als bij dit middenbestuur. In Utrecht klinkt D66-fractievoorzitter J. Prevoo in de nadagen van de bijna-watersnoodramp bijna verontschuldigend als hij erop wijst dat de dijken hier wel tijdig zijn versterkt. 'Utrecht is een beetje saai, best conservatief, maar wèl degelijk.'

Die geest van bescheidenheid lijkt zijn weerslag te hebben op het ambtelijk apparaat. Tijdens een dwaaltocht door het Utrechtse Provinciehuis, gelegen aan de stille Achter Sint Pieter in het hart van de stad, blijkt dat de hectiek van de beursvloer er ver te zoeken is. Onopvallend geklede dames en heren bewegen zich door de gangen, op de trappen en in de talloze kamers heerst een atmosfeer van rust en vlijt.

Een licht opgewonden, verheugde stemming slaat toe in de buurt van de klassieke en in sober grijs-beige gehouden Statenzaal kort voor de aanvang van de maandelijkse Statenvergadering. Dames van veelal middelbare leeftijd schikken nog even hun haar, verschuiven hun sjaaltje bij het naar binnengaan en buigen zich lachend over hun handtas voor een groet naar een partijgenoot. De heren, overwegend keurig in het pak, doen al even beschaafd amicaal.

De sfeer van een grote familiereünie wordt versterkt door jonkheer P. Beelaerts van Blokland, commissaris van de koningin, die als een pater familias voorgaat in het ambtsgebed. 'Almachtige vader, wij vragen u aan het begin van deze vergadering ons bij ons luisteren en spreken wijsheid te schenken en ons rechtvaardigheid te doen betrachten.'

Het geroezemoes zal die middag niet meer verstommen. Het provinciaal cultuurbeleid wordt besproken. Een PvdA-statenlid merkt op tijdens een wandeling een nog altijd niet gerenoveerde boerderij in Langbroek te hebben gesignaleerd. Een opmerking die na ruim drie uur vergaderen bij de leke-luisteraar als verreweg de meest concrete zin blijft hangen. 'Tja', zegt H. Zuidema (GroenLinks), 'we zitten hier bij het laatste stukje van de besluitvorming, het meeste is in de commissievergaderingen besproken.'

Gewend aan de mediamieke luwte - gedeputeerde D. Kok (VVD) spreekt zelfs van luiheid van de regionale pers - veroorzaakt de aanwezigheid van landelijke pers een kleine stormloop van campagneleiders. D66-fractieleider Prevoo meldt zich als eerste met een stapel verkiezingsmateriaal. CDA-leidster R. Westerlaken legt uit dat de partij weer de nadruk wil leggen op de bijbelse inspiratiebron. 'We zijn een te zakelijke partij geweest.'

PvdA-voorman J. van Bergen beticht burgemeester Opstelten van Utrecht van een 'Calimero-reactie' in de discussie over stadsprovincies. 'Utrecht liükt niet op Rotterdam of Amsterdam.' De SGP'er W. Nagtegaal vertrouwt toe zich juist sterk te maken voor de nieuwbouw in de dorpen in de provincie. En GroenLinks wijst op de rol van de provincie bij de bepaling van het streekplan. 'Zodat in de Leidsche Rijn-nieuwbouw ook een moskee wordt gepland, bijvoorbeeld.'

De provincie probeert van alles om de burger te betrekken bij het democratische spel. Een dag later zit in dezelfde zaal een rij dames, en een heer, van de bond van christelijke plattelandsvrouwen en van de katholieke vrouwenbond. Na uitleg door een voorlichtster over het bestuur, spelen zij het Statenspel. Thema van deze nep-vergadering: het spaarzaam en milieubewust omgaan met water. Een typisch provinciaal item, want wie immers kent de verafschuwde envelop met de waterzuiveringsheffing niet?

De dames hebben er geen enkel probleem mee om zich in te leven in de denkwerelden van verschillende partijen. 'Oh, wij zijn die zwaren', mompelt een grijze dame als ze het A 4-grote bord voor haar neus, met het hoofd van SGP-leider W. Nagtegaal erop, omdraait. 'Wassen op zondag kan bij ons niet', stoot ze haar buurvrouw aan. Maar niet altijd wordt een strikt politieke redeneertrant gevolgd. Hier zijn ervaringsdeskundigen aan het woord.

Wassen op 60 graden is prima, 90 graden is niet nodig. De energieknop gaat altijd al aan. Terug naar de groene zeep en een nacht weken in de soda. Omdat de mensen niet meer op het land werken, zijn ze minder vuil, dus kan er minder gewassen worden. De milieutips daveren over de tafeltjes. 'Maar het bevalt me niet dat de vervuiling weer op het bordje van de huisvrouw wordt gelegd', politiekt een vrouw met knot er lustig op los.

Enig, en leerzaam, zeggen de dames - voor wie het woord stadsprovincie al geen nieuwtje meer was - achteraf. Zou in menig strakke kantooromgeving een dergelijke groep huisvrouwen detoneren, hier niet. Want hier groet men sowieso royaal in de gangen, maakt ontspannen een praatje en schiet al te hulp bij een nog nauwelijks vragende blik. Zelfs hoge heren in pak bieden vreemdelingen spontaan glaasjes jus d'orange aan tijdens slepende vergaderingen.

'Dat vond ik wel opmerkelijk hoor, toen ik hier kwam. Een beetje ouderwets, die hoffelijkheid, maar ik weet niet of ik dat zo erg vind. Ik dacht het niet.' Adjunct-griffier E. de Lange zegt het droogjes, terwijl ze wat groenvoer over haar broodje aanharkt. Ze heeft, vertelt ze in de kantine, zo'n beetje het hele ambtenarenapparaat van de Randstad gezien. Na de deelraad Osdorp, haar laatste stek, bevalt het goed in de als stijfjes bekendstaande provincie.

'Nog voor ik begon, had ik al twee boeketten thuis ontvangen. Dat vind ik toch wel heel bijzonder.' Dat de ellebogen alhier iets minder diep de puntenslijper ingaan, wil volgens haar niet zeggen dat er minder hard wordt gewerkt. 'Nee, echt, het tempo ligt hoog. We zitten hier midden in een enorm veranderingsproces. Het tempo ligt hoger dan ik verwachtte.'

Een verdieping lager kijken de vrouwen van de afdeling Registratuur dienst welzijn, economie en bestuur verbaasd op als de deur opengaat. 'Dossiers vormen over alle behandelde stukken, dat doen wij hier', legt coördinator I. Steehouder uit. Leuk werk, maar snel gaat het niet. 'Je moet de stukken heel goed lezen', zegt ze voor de paternoster - een draaiende opbergkast - met hangmappen Belastingverordeningen en Gemeentebegrotingen.

Nog een deur verder, in een raar hoekkamertje met een hoog plafond, bereidt kamerbewaarder H. Middelbeek in grote eenzaamheid de naderende ontvangst van een Chinese delegatie voor. 'U heeft het over twee gastvrouwen, lijkt u dat voldoende?', informeert hij, wolken sigaretterook uitblazend, aan de telefoon. Middelbeek, die helaas niet in een bij de klank van het woord horend livrei gehuld is maar gewoon in blauw-grijs, moet in de meeste brede zin van het woord service verlenen aan de baas van de provincie, jonkheer Beelaerts.

'Deze commissaris is echt gesteld op protocol. Het draaiboek moet op tijd lopen, de uitnodigingen moeten correct zijn gesteld, er mogen geen foutjes in de titulatuur zitten en de dames dienen bij bepaalde gelegenheden voorzien te zijn van een handboeket.'

De komst van de Chinese delegatie vormt een goede reden om in het oude sluip-door-kruip-door gebouw op zoek te gaan naar het economisch beleid. Over de externe betrekkingen weet drs D. Oudenaarden, op zijn kamer omgeven door Japanse posters, het een en ander. 'Ik durf te zeggen dat wij op economisch gebied hartstikke dynamisch zijn. Ons contact met het bedrijfsleven is bijvoorbeeld erg goed.'

Toen begin jaren tachtig fikse economische tegenwind opstak, legt hij uit, probeerde de provincie een graantje mee te pikken van de investeringsdrift bij de Japanners. Die wilden op de markt zitten voordat de Europese Unie een feit was. Met als resultaat dat er inmiddels bijna dertig Japanse bedrijven zijn gevestigd in plaatsen als Veenendaal, Amersfoort en Nieuwegein.

Op zulke handelsreizen naar het Verre Oosten, zit de commissaris voorin in het vliegtuig. Behalve dat 'die man zó goed is', zoals de lofzang unaniem luidt van medewerkers en intimi, heeft het in landen als Japan en China zakelijk gezien ook zin om de 'Queen's Commissionary' mee te nemen. Een Amerikaanse zakenman daarentegen, aldus Oudenaarden, heeft aan zo'n titel geen enkele boodschap.

Het intensieve contact met het zakenleven vormt een prelude op het 'interactief' bestuur waar de provincie naar toe wil. Voor zo'n bestuur, dat niet langer 'passief en volgend' is maar 'actief en probleemgericht' en dat optreedt als 'gebiedsgerichte regisseur', zoals in het rapport Naar een provincie van de toekomst staat, is de locatie achter de oude Pieterskerk natuurlijk niet meer geschikt.

In het moderne bedrijvenpark Rijnsweerd wacht de toekomst van deze provincie. Daar, in een kantoorgebouw met uniforme afdelingen en liften, is de jonge en dynamisch griffier H. ter Braak, hoofd van zo'n elfhonderd provinciale ambtenaren, sinds anderhalf jaar enthousiast bezig de interne organisatie - die zijn voorganger nogal onhandig omschreef als 'een dood paard' - vlot te trekken.

De griffier, de schrijver van oudsher, wordt betrapt tijdens een werklunch waarin de vervulling van een belangrijke vacature wordt besproken. Maar graag legt hij uit waarover die ogenschijnlijk eeuwigdurende interne reorganisatie gaat. En de buitenwacht tot smalende grappen brengt. Huiselijk de melkkan bedienend: 'De provincies zitten in een veranderingsproces waarmee de gemeenten tien, vijftien jaar geleden worstelden. Ze moeten van volgend en hoog in de toren, naar beneden komen en ondernemend worden.'

Beelaerts, zoals veel van zijn Utrechtse voorgangers telg uit de typisch Nederlandse bestuursadel, gaat graag mee in de bestuurlijke veranderingen. Maar verlaat niet graag zijn statige kamer achter de Pieterskerk. 'Doodzonde', zegt hij over wat hij gekscherend een vaandelvlucht noemt. Toch baren de dalende kiezersopkomsten hem meer zorgen. Die bedreigen de legitimatiegrond van het provinciaal bestuur. Ergerlijk, zo heeft hij herhaaldelijk laten weten, vindt hij ook dat de verkiezingen worden gebruikt als toetssteen voor het landelijk beleid. 'Je zou de provinciale verkiezingen op verschillende data kunnen zetten om dat te beletten.'

Des te meer deugd doet het hem, de cabareteske verteller die sociale geografie studeerde en als geprivilegieerd kind al wist later een bestuursfunctie te zullen vervullen, dat de afgelopen Open Dag op het Provinciehuis 3500 bezoekers trok. 'Ik vind het verheugend dat mensen nog de behoefte hebben iets aan te raken, te voelen. Dat is heel goed, anders wordt het bestuur zuiver intellectueel. Op zo'n dag krijgt de provincie smoel.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden