Interview

Zo beleefden Afghanen de machtsovername van de Taliban: ‘Iedereen vertelde elkaar wat ze hadden meegemaakt’

Hoe hebben Afghanen de machtsgreep van de Taliban in hun land ervaren? Wat verwachten ze van hun toekomst onder het nieuwe bewind? Een selectie van de telefoongesprekken die de Volkskrant afgelopen week voerde met Afghaanse burgers.

Leerlingen op een schoolplein in Herat. Beeld AFP
Leerlingen op een schoolplein in Herat.Beeld AFP

Sara (42), onderwijzer in Herat

‘De inname van onze stad verliep vrij rustig’, zegt de 42-jarige Sara. De onderwijzer woont met haar man en vijf dochters in het centrum van het oude Herat. Eerst hoorden ze schoten, maar dat geluid kwam van buiten de stad, waar krijgsheer Ismail Khan een eenzame strijd voerde tegen de Taliban. Na onderhandelingen gaf hij zich over, net als het Afghaanse leger en de politie.

De derde stad van het land, beroemd om zijn Perzische architectuur en literaire traditie, viel zo donderdag 12 augustus, drie dagen voor de Taliban ook hoofdstad Kabul weer in handen hadden. Niemand was die dag op straat. ‘We waren in paniek, bleven binnen en keken naar het nieuws op televisie en op sociale media.’

Op vrijdag, de islamitische rustdag, waagden zich weer mannen op straat om een kijkje te nemen. Sara’s broer ging bidden bij de Grote Moskee met de befaamde torens van fonkelend bladgoud en lapis lazuli. Door de luidspreker riep een stem: ‘Wij zorgen voor uw veiligheid. U hoeft niet bang te zijn. Iedereen kan weer terug naar zijn werk. Als iemand u lastigvalt, of inbreekt in uw huis, bel dan dit nummer...’ Na het gebed werden twee mannen met zwartgemaakte gezichten en een strop om hun nek rondgeleid als waarschuwing: dit doen wij met dieven.

Sara durfde zaterdag weer naar buiten. Gewoon, zoals ze er altijd uitziet: in een wijde jurk en een sjaal die losjes op haar hoofd ligt. Maandag ging de meisjesschool waar ze werkt weer open en liep ze naar haar werk. ‘Iedereen vertelde elkaar wat ze hadden meegemaakt. We waren blij dat we elkaar weer zagen.’ Veel leerlingen en collega’s waren volgens Sara best positief. Zij voelden zich veiliger op straat. In Herat kon je afgelopen jaren zo worden neergestoken voor je telefoon, stelt zij. Zelfs als je auto werd gestolen, deed de politie niks. ‘Dat is nu voorbij.’

Daar staat tegenover, vreest Sara, dat de Taliban haar rechten als vrouw zullen inperken. ‘Ze zeggen wel van niet, maar dat doen ze voor het buitenland, niemand in Afghanistan gelooft dat.’ Eind jaren negentig moest zij van de Taliban stoppen met haar studie. ‘Vrouwen mochten niet meer leren, niet meer werken, niet meer alleen naar buiten.’ Veeg teken is dat de radio en de televisie afgelopen week zijn gestopt met muziek uitzenden. De publieke omroep zendt alleen nog nieuws en praatprogramma’s over de islam uit. De commerciële zenders hebben populaire programma’s als Afghan Star, een soort Idols, vervangen door zedig moslimdrama uit Turkije.

Onzekerheid en geruchten domineren nu het leven van Sara. Zoals die over Talibanstrijders die jonge meisjes meenemen als hun bruid, over haar salaris van 120 euro per maand dat zal worden gehalveerd, over de invoering van een strikte scheiding van vrouwen en mannen in de samenleving: op de universiteit, in winkels en op kantoren. ‘Ik heb vijf dochters. Kunnen zij zomaar worden meegenomen, hebben zij nog wel een toekomst? Daar heb ik slapeloze nachten van. We willen zo snel mogelijk naar het buitenland.’

Een Talibanstrijder op patrouille in Kandahar na de machtsovername. Beeld EPA
Een Talibanstrijder op patrouille in Kandahar na de machtsovername.Beeld EPA

Rahimullah (38), driewielbestuurder in Kandahar

‘Ik was zó blij toen de Taliban onze stad weer innamen. Ten eerste omdat heel Kandahar zou zijn vernietigd als de gevechten tussen overheid en Taliban waren doorgegaan. Ten tweede omdat we nu een echte islamitische regering krijgen, die eindelijk de veiligheid op straat zal herstellen!’

Samen met zijn vrienden uit de Loya Wiala-buurt maakte Rahimullah er een dagje uit van toen Kandahar een week geleden was gevallen. Ze bekeken het politiebureau van binnen, het paleis van de gouverneur, en de luchthaven. Er was geen politie meer in de stad en de Talibanstrijders vonden alles best. Rahimullah stelde tevreden vast dat er niet meer werd geschoten, dat de witte vlaggen door de hele stad wapperden en nergens meer muziek werd afgespeeld. ‘Ik bid dat er nu niet meer wordt gevochten in Afghanistan en dat het Islamitisch Emiraat een succes zal blijken.’

Wat Rahimullah betreft, mogen vrouwen best nog werken in de toekomst, of het huis bezoeken van een familielid, mits zij de regels van islam volgen en een hoofddoek dragen. De duizenden Afghanen die zich verdringen bij de luchthaven van Kabul zijn volgens de chauffeur angstige landgenoten die hebben gewerkt voor buitenlanders. ‘Zij hoeven helemaal niet bang te zijn, de Taliban hebben amnestie beloofd.’

Een weduwe in Kabul, met twee kinderen. Beeld Getty
Een weduwe in Kabul, met twee kinderen.Beeld Getty

Dr. Ziya (50), gynaecoloog in Kabul

Het is maar goed dat veel patiënten afgelopen week niet naar het ziekenhuis durfden te gaan in Kabul. Grote kans dat zij op lege balies en spreekkamers waren gestuit. Ook dr. Ziya, een ervaren gynaecoloog, is al twee weken niet op haar werk verschenen sinds haar man, ook een arts, een dreigtelefoontje ontving van de Taliban. Hij werkt voor een medische hulporganisatie die veel voor de Nederlanders heeft gedaan in Uruzgan. ‘Je gezin is niet meer veilig, de keuze is aan jou!’, zei een mannenstem.

Vlak voor de Taliban zondag in Kabul de macht overnamen, probeerde dr. Ziya nog haar spaargeld van de bank te halen. Zonder succes. Sindsdien zit zij thuis en probeert haar vier kinderen op hun gemak te stellen. Die maken zich onder meer zorgen over hun schooluniform: de broeken en overhemden zijn geïnspireerd op westerse kleding. Terwijl op straat alleen nog mannen rondlopen in traditionele salwar kameez en vrouwen in burka of niqab.

Ziya’s baas heeft nog niet gebeld. ‘Als die vraagt of ik naar het ziekenhuis kom, dan zal ik hem vragen wie mij gaat halen en brengen. Ik wil niet op straat worden aangehouden door de Taliban omdat ik niet de juiste sluier draag, of geen mannelijke begeleider bij me heb.’

Zulema (29), boekhouder in Herat

‘Na zeven dagen ging ik vanochtend voor het eerst weer naar buiten. Maar ik zag zo veel Taliban dat ik snel weer ben teruggelopen. Ik woon in de buurt van een politiebureau en daar is flink gevochten. De inname van Herat is echt niet geweldloos verlopen. Ik heb gehoord dat in het district Darbe Kandahar een dochter is meegenomen door de Taliban, en in de Pol Hashemi-buurt zijn twee leraressen verkracht. De Taliban zeggen publiekelijk gematigde dingen, maar dat is om het buitenland te vriend te houden. Over zes maanden is mijn land weer terug in de jaren negentig. Bel me dan nog maar eens!’

Zulema is boekhouder en coördineert een netwerk van stadgenoten dat opkomt voor vrouwenrechten. Zaterdag klopte een delegatie aan bij het kantoor van de nieuwe gouverneur, maar die weigerde hen te ontvangen. Wel stuurde hij een vertegenwoordiger naar buiten.

De kinderen van Afghanistan zijn de afgelopen twintig jaar slecht opgevoed, zei de vertegenwoordiger volgens een verslag dat het netwerk van de ontmoeting maakte. Voortaan moeten vrouwen thuisblijven om een generatie op te voeden die wel klaar is voor de jihad (heilige strijd). Vrouwen mogen wat hem betreft alleen nog werken in specifieke afdelingen van de zorg, en ook koranstudie blijft toegestaan. Vrouwen die de deur uit willen, moeten voortaan hun ogen verbergen achter een sluier en een mahram (mannelijke begeleider) meenemen. ‘Sommige van mijn vriendinnen begonnen te huilen.’

Zulema denkt dat zij geen toekomst meer heeft in Afghanistan. Het kantoor waar ze de boekhouding doet, heeft bij de Taliban geïnformeerd of ook de vrouwelijke werknemers mochten terugkeren, maar het antwoord was: nee, die beslissing wordt overgelaten aan een religieuze commissie in Pakistan.

‘Al mijn dromen zijn in één keer stukgeslagen door de Taliban. Ik wil graag zeggen tegen uw lezers: sta naast de vrouwen van Afghanistan. Wees onze stem, help ons!’

Maryam (41), Tarin Kowt, directeur meisjesschool Uruzgan

‘Vandaag heb ik je hulp nodig’, mailde de directeur van een meisjesschool in de conservatieve provincie Uruzgan, twee dagen voordat de Taliban de provinciehoofdstad Tarin Kowt innamen, nu een week geleden. Maryam vreest voor haar leven. Ze leidde jaarlijks niet alleen honderden tienermeisjes op, ze voorkwam soms samen met andere onderwijzers dat een jonge leerling werd uitgehuwelijkt aan een oude man. Of ze legde op de radio nog eens uit dat nergens in de Koran staat dat vrouwen niet mogen werken. Nu schrijft ze: ‘Help mij en mijn familie alstublieft. Geef mij asiel in uw land.’

Net op tijd vluchtte Maryam naar Kandahar, een grote stad waar zij zich makkelijker kan schuilhouden. Daar is ze nog door niemand lastiggevallen. Wel belde iemand van het ministerie van Onderwijs met de opdracht haar school te heropenen. ‘Dat is op zich goed nieuws en ik heb besloten terug te gaan naar Tarin Kowt om dat te doen. Ik vraag me alleen wel af welke voorwaarden de Taliban gaan stellen.’

Een telefonische rondgang in Tarin Kowt – waar ooit de Nederlandse militaire missie in de provincie Uruzgan gelegerd was – doet vermoeden dat Maryam terugkeert in een ander soort stadje. Tijdens een grote shura, een soort gemeenschapsvergadering, daags na de verovering, beloofden de Taliban plechtig dat zij iedereen zullen vergeven, zelfs wie in het verleden Talibanstrijders heeft gedood. Maar die amnestie zou niet gelden voor mensen met een ‘persoonlijk probleem’ met de Taliban of voor mensen die geld hebben gestolen van de Afghaanse staatskas.

Buiten op de bazaar in het centrum is het extreem rustig. De kappers kregen een brief van de Taliban waarin staat dat scheren voortaan verboden is; de rest van de winkeliers ontving een brief waarin staat dat vrouwen zonder mannelijke begeleider niet meer mogen worden bediend.

Verantwoording

Dit is een selectie van de telefoongesprekken die de Volkskrant afgelopen week voerde met burgers in Afghanistan. Omdat de meeste van hen geen Engels spreken, zijn de vragen gesteld via een fixer in Kabul of een familielid in Nederland. Alle namen zijn op verzoek veranderd omwille van de veiligheid, met uitzondering van die van de driewielerchauffeur in Kandahar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden