Zittenblijvers moeten naar de zomerschool

Slechts de helft van de zittenblijvers slaagt erin om later een diploma te halen op zijn schoolniveau. Daarmee is zittenblijven niet erg effectief, oordeelt de Onderwijsinspectie. Staatssecretaris Dekker (VVD, Onderwijs) denkt dat zomerscholen uitkomst kunnen bieden.

Staatssecretaris Dekker tijdens de presentatie van onderwijsplatform #onderwijs2032. Beeld anp

Een zittenblijver is een verliezer. Dat heeft nu ook de Onderwijsinspectie vastgesteld. 'Maar de helft van de zittenblijvers slaagt erin een diploma te halen voor de opleiding waarbinnen hij is blijven zitten', staat in een nieuw rapport.

Het Centraal Planbureau had zijn geloof in de zittenblijver al verloren. 'Zittenblijven kost de schatkist jaarlijks circa 500 miljoen euro.' Erger nog, volgens de rekenaars: 'Doordat zittenblijvende leerlingen later de arbeidsmarkt betreden, derft de overheid belasting en premie-inkomsten in de orde van 900 miljoen euro per jaar.'

Ook Sander Dekker, staatssecretaris van Onderwijs, heeft zijn conclusie getrokken. Hij vindt zittenblijven een 'ouderwetse, dure en niet-motiverende manier om leerlingen erbij te houden'.

Dus daar zit hij dan, de zittenblijver. Hij heeft weinig vrienden meer over. Iedereen wil van hem af. Maar wat moet hij dan, die typische jongen uit havo-4 die even iets belangrijkers aan zijn hoofd had dan school? Gewoon maar overgaan naar de volgende klas? Afzakken naar gemakkelijker onderwijs?

De zittenblijver is misschien wat lui, maar dom is hij niet. Als de Onderwijsinspectie hem en zijn klasgenoten vraagt hoe het zittenblijven voorkomen had kunnen worden, zeggen ze 'dat betere persoonlijke begeleiding de beste oplossing is. De school zou bijles kunnen aanbieden aan leerlingen met wie het minder goed gaat. Verder zou de school meer bijzondere aandacht voor de unieke leerling moeten hebben. Tot slot zouden de klassen kleiner moeten zijn.'

In het onderzoek van de inspectie is ook 'bijna 100 procent van de scholen ervan overtuigd dat individueel maatwerk zal leiden tot minder zittenblijvers'. Nu krijgen leerlingen slechts op 21 procent van de scholen extra ondersteuning voor de zwakke vakken. Een kwart van de scholen denkt dat een zomerschool het aantal doublures kan verminderen.

De inspectie pleit eveneens voor 'meer maatwerk in de reguliere lessen. Slechts een kwart van de leraren differentieert nu naar niveau in de lessen.' De steeds grotere klassen vormen voor leraren een obstakel om te differentiëren, aldus de inspectie.

Toptalenten

Maatwerk, daar houdt ook Sander Dekker van. Deze week nog pleitte hij voor meer bijzondere aandacht voor de unieke leerling met toptalenten. Paul Rosenmöller, die tegenwoordig namens de schoolbesturen spreekt, pleitte onlangs zelfs nog voor een 'maatwerkdiploma' met vakken op verschillende niveaus. Kortom: dit is de trend.

Toch geeft Dekker de zittenblijvers een ander antwoord. De goede leerlingen moeten extra aandacht krijgen in de klas. De slechte stuurt Dekker naar de zomerschool. In de brief die hij naar de Tweede Kamer heeft gestuurd staat dat 'de inspectie benadrukt dat de sleutel naar succes ligt bij meer op maat gesneden onderwijs en intensieve leerlingbegeleiding'. Maar, merkt Dekker meteen daarna op: 'Zomerscholen zijn hiervan mogelijk een effectieve invulling.'

Zijn zomerscholen niet een wat eenzijdige reactie op een groter onderwijsprobleem, dat van te weinig aandacht voor elke afzonderlijke leerling? Dekker kiest hiervoor, verklaart zijn woordvoerder, omdat hij graag bekend wilde maken dat ruim 130 scholen een zomerschool willen organiseren.

Daarnaast geldt: de zomerschool is verreweg de goedkoopste maatregel. Een leerling laten doubleren kost een vermogen. Maar ook kleinere klassen zijn peperduur. En vaardigere docenten? Die komen pas naar het onderwijs als het salaris stijgt, zeggen deskundigen, bijvoorbeeld van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.

Een zomerschool, daar heeft geen enkele politieke partij iets op tegen. Ook de leraren zijn voor. Maar, zegt Walter Dresscher van de Algemene Onderwijsbond erbij - het is niet voor iedere leerling de oplossing. Er zijn ook leerlingen die meer aandacht nodig hebben van hun leraar, precies zoals ze zelf aangeven.

Die aandacht willen leraren dolgraag geven, zegt Dresscher. Alleen: het ontbreekt ze aan tijd. Ze hebben te grote klassen en te veel administratieve verplichtingen. Tijd kost geld, is Dresschers boodschap. 'Maar het kabinet-Rutte wil veel liever de belasting verlagen dan geld aan onderwijs geven.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.