Zit Poetin economisch in de klem?

Poetin schaakt, terwijl de EU knikkert. De Russische president weet dat een offer zichzelf terugverdient omdat hij de stelling al kent.


Het Westen verkneukelt zich om de daling van de koers van de roebel na de inval op de Krim omdat Poetin zichzelf hiermee in de voet lijkt te hebben geschoten.


Maar eigenlijk komt die koersdaling hem niet slecht uit. Terwijl landen als Turkije, India en Oekraïne de afgelopen maanden alles in het werk stelden (renteverhogingen, kapitaalrestricties, steunaankopen) om de koers van hun valuta overeind te houden, liet de Russische centrale bank de roebel rustig wegglijden.


De munt is de afgelopen tien maanden 16 procent minder waard geworden. Poetin zou het niet erg vinden als daar nog 10 procent vanaf zou gaan. Wat hij niet wil, is dat een financiële anarchie in het land uitbreekt zoals onder Jeltsin in de jaren negentig.


Een goedkope roebel is in eerste instantie nadelig voor de Russen omdat importgoederen daardoor duurder worden. De burgers verarmen. Poetin is echter geen populist zoals Jeltsin. Hij wil offeren.


Economisch gezien is een gedevalueerde roebel op lange termijn onvermijdelijk en zelfs wenselijk. Rusland zal concurrerender worden op de wereldmarkt. Nu moet nog 70 procent van de deviezen worden binnengehaald met de handel in delfstoffen, vooral olie en gas. Die sector is zeer cyclisch.


Een van de problemen is dat de Russische landbouw en industrie op dit moment niet kunnen concurreren op de wereldmarkt wegens gebrek aan efficiency en een overgewaardeerde roebel. Dat probleem wordt nu verholpen en dankzij de Oekraïnecrisis zelfs veel sneller dan Poetin had durven hopen. En omdat import duurder zal worden, zullen Russische boeren en bedrijven ook gemakkelijker hun producten kwijt kunnen op de thuismarkt.


Het beleid van de Russische regering is de koersontwikkeling van de roebel in 2015 helemaal aan het spel van de vrije markt over te laten. Maar daarvoor moet de munt wel gereguleerd naar een lager niveau zijn gebracht. Poetin weet waarmee hij bezig is. Onder zijn voorganger Jeltsin vond in 1998 de zogenoemde roebelcrisis plaats. Jeltsin ging die bestrijden met het aanzetten van de geldpers waardoor de inflatie opliep tot 85 procent. Op een enkele dag zakte de roebel van 6 voor 1 dollar tot 21 voor 1 dollar. Mensen raakten binnen de kortste keren al hun spaargeld kwijt en de regering moest voor hulp aankloppen bij het IMF en de Wereldbank. Het maakte de weg vrij voor de verkiezing van Poetin in 2000.


Veel opkomende landen hebben de afgelopen tien maanden misbaar gemaakt over het besluit van de Amerikaanse centrale banken, de Fed, om de monetaire stimulering te beëindigen, waardoor hun munten minder waard werden. Poetin niet. Die had lak aan het Amerikaanse tussenzetje.


Reageren?


p.dewaard@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.